Opinie

Voorkomt voortgezette jeugdzorg thuisloosheid?

Ludo Serrien

Een grote groep jongeren die de jeugdzorg verlaat, belandt nadien in de dak- en thuisloosheid. Beleidsplannen proberen het tij te keren.

thuisloosheid

© Unsplash / Jonathan Rados

Jordy en Miranda

In augustus 2016 stierf de negentienjarige Jordy eenzaam en uitgeput in een tentje op de Gentse Blaarmeersen. Enkele jaren eerder was er de minder ophefmakende maar even tragische getuigenis van JAC-hulpverleners over wat Miranda overkwam.

‘Jordy overleefde in een tent.’

Jordy en Miranda waren thuisloos en hadden een verleden in de jeugdzorg.De term ‘jeugdzorg’ staat voor de erkende voorzieningen in de bijzondere jeugdzorg en de zorg voor personen met een handicap. De term ‘jeugdhulp’ slaat op alle sectoren van de integrale jeugdhulp.Hun achttiende verjaardag was een scharnierpunt. Ze keerden zich af van de hulpverlening en vervoegden de groep jongeren tussen 18 en 25 die belandt in de dak- en thuisloosheid. Jordy overleefde in een tent. Miranda leefde op een boot in obscuur gezelschap.

Moeilijk te vatten

Zowel Jordy als Miranda hoorden tot de jeugdzorgverlaters die door de mazen van het hulpverleningsnet vallen. Ze raakten verstrikt in een marginaliserende cocktail van problemen.

Gelukkig geldt dat niet voor alle jongvolwassenen met een verleden in de jeugdzorg. Onderzoek onderscheidt drie groepen: zij die een goede transitie doorlopen (‘those moving on’), zij die overleven (‘survivors’) en zij voor wie de transitieperiode een aaneenschakeling van strubbelingen geeft (‘strugglers’).

Jordy en Miranda waren strugglers die helaas niet konden overleven. Zij waren jong, dakloos, thuisloos.

Het zijn die jongvolwassenen die ook opduiken in nachtopvangcentra of alleen nog contact hebben met straathoekwerkers. Een groep die moeilijk te vatten is in de kokers van de jeugdzorg, psychiatrie of zorg voor personen met een handicap.

Te weinig kennis

We weten nog maar weinig over deze groep. Toch vermoeden we dat het over een aanzienlijke groep gaat.

Meer onderzoek naar omvang en evolutie van deze groep, is absoluut noodzakelijk. Zo scoort deze leeftijdscategorie opvallend hoog op alle kenmerken van sociale uitsluiting. En cijfers van de thuislozenzorg tonen dat een grote groep thuisloze jongvolwassenen ooit in de jeugdzorg verbleef. Toch stromen ze zelden meteen door naar thuislozenzorg. We weten niet waar ze meteen na hun achttiende terechtkomen.

Overheid in actie

Al blijft het zicht op deze problematiek onscherp, toch zit de overheid intussen niet stil.

‘Dit actieplan verlengt jeugdhulp tot 25 jaar.’

Twee Vlaamse actieplannen zijn in volle uitvoering: het ‘actieplan jongvolwassenen’ en het ‘globaal plan dak- en thuisloosheid 2017-2019’. Met die plannen wil de overheid vermijden dat er nog Jordy’s of Miranda’s volgen.

Actieplan jongvolwassenen

Het actieplan jongvolwassenen is een onderdeel van het plan Jeugdhulp 2.0 van het Agentschap Jongerenwelzijn.

Dit actieplan zet in op de continuïteit in de jeugdzorg. Jongerenwelzijn wil jongeren beter voorbereiden op het scharniermoment van achttien jaar.

Moeten daarbij helpen: een ondersteuningsplan vanaf zestien jaar en een rondetafel met verschillende actoren en diensten enkele maanden voor de achttiende verjaardag. Zo helpen ook Centra voor Algemeen Welzijnswerk mee om voor de toekomstige jeugdzorgverlaters een brug te bouwen naar verdere hulp na achttien jaar. Door jongeren te begeleiden in een tandem met de jeugdzorgvoorziening, moet voorkomen worden dat ze op hun achttiende thuisloos worden.

Leeftijdsgrens omhoog

Het actieplan mikt echter vooral op het verruimen van de voortgezette jeugdzorg. Die bestond al voor bepaalde hulpvormen tot 20 of 21 jaar. Dit wordt nu veralgemeend en de leeftijdsgrens wordt opgetrokken tot 25 jaar. Wat dan nog het onderscheid is tussen jeugdhulp en volwassenenhulp is voer voor semantische discussies.

Jongeren kunnen daardoor langer beroep doen op de jeugdzorg, zowel de rechtstreeks als niet-rechtstreeks toegankelijke. Daarom wordt ook de bevoegdheid van de intersectorale toegangspoort opgetrokken tot hulpverlening boven de achttien jaar.

Tegelijk worden er binnen de jeugdzorg nieuwe modules gecreëerd, zoals de kleinschalige woonvormen voor jongeren. Een belangrijk deel van de capaciteit van de jeugdzorg verschuift van minder- naar meerderjarigen.

Uit het jaarverslag jeugdhulp van 2017 blijkt dat het aantal meerderjarigen dat gebruik maakt van intensieve jeugdhulp op twee jaar tijd met 20 procent is toegenomen. Van 4.411 in 2015 naar 4.937 in 2016 tot 5.330 in 2017. Kijk je enkel naar pleegzorg en voorzieningen Jongerenwelzijn is er een stijging van 34 procent.

Voor wie?

De hamvraag: zullen ook jongeren met een verhoogd risico op dak- en thuisloosheid een beroep doen op deze voortgezette jeugdhulp? We vrezen dat vooral de meest veerkrachtige en mondige jongeren dit aanbod benutten. De risicogroep zijn de jongeren die, spijts alle pogingen tot het continueren van de jeugdzorg, toch afhaken.

De keuze voor de uitbreiding van de jeugdhulp tot 25 jaar is wellicht ingegeven door nog andere motieven dan het vermijden van dak- en thuisloosheid. Mogelijk wil men een recht op jeugdzorg creëren omdat achttienjarige jeugdzorgverlaters anders in de volwassenenhulp verloren lopen.

Verlengde gedwongen hulpverlening

Dezelfde intentie komt terug in het voorstel om ook de gerechtelijke jeugdhulp, de beschermingsmaatregelen van de jeugdrechtbank, uit te breiden tot 25 jaar. Federaal werd daarover een wetsontwerp ingediend. Omdat deze materie geen federale bevoegdheid meer is, werd het ontwerp recent overgenomen in een conceptnota voor het Vlaams Parlement.

‘We vrezen dat vooral de meest veerkrachtige jongeren dit aanbod benutten.’

Het voorstel is gebaseerd op het vermoeden dat jongeren die in de gerechtelijke jeugdhulp verblijven niet vrijwillig een vraag naar voortgezette jeugdzorgstellen. Het installeert een nieuw systeem van gedwongen hulpverlening aan meerderjarigen, naast bijvoorbeeld de bewindvoering.Het voorstel begeeft zich juridisch op glad ijs. De indieners van het voorstel betwijfelen zelf of de jeugdrechter wel maatregelen kan opleggen aan meerderjarigen. Daarom kiezen ze voor een soort voortgezet toezicht van de sociale dienst.

Ook hier blijft de vraag of de groep van jonge zorgwekkende zorgmijders wel gebaat is met deze maatregelen. Kan met een sterkere laagdrempelige, presente en aanklampende hulpverlening deze dubbelzinnige vorm van gedwongen hulp niet vermeden worden? Zeker in het kader van een strategie tegen thuisloosheid.

Dak- en thuisloosheid bestrijden

Dat brengt ons bij het tweede plan: het ‘globaal plan dak- en thuisloosheid 2017-2019’. Dit plan is een vertaling van de vijf gekende Feantsa-doelstellingen die de meeste Europese landen als leidraad hanteren. De vijfde doelstelling gaat over jongvolwassenen: “Niemand die jongvolwassen wordt of is, mag thuisloos worden als gevolg van de overgangssituatie naar zelfstandigheid.”

Het globaal plan werkt de strategie om deze doelstelling te realiseren, zwak uit. De acties beperken zich tot een copy-paste van het actieplan jongvolwassenen, waarin de continuïteit van de jeugdhulp centraal staat.

Doorslagje

Het is jammer dat dit plan een doorslagje is van het andere actieplan. Het bestrijkt slechts één aspect van de problematiek van dak- en thuisloosheid bij jongvolwassenen. Terwijl er hier veel meer aan de hand is.

Zo mag de bestrijding van dak- en thuisloosheid niet louter samenvallen met het voorkomen dat jongeren dak- of thuisloos worden. Ook bestaande situaties van dak- en thuisloosheid moeten zo snel mogelijk beëindigd worden. De vier overige Feantsa-doelstellingen gaan net daarover en zijn ook van toepassing op jongvolwassenen. Helaas, het globaal plan maakt die vertaaloefening niet.

‘Zullen de jongeren die een verhoogd risico hebben op dak- en thuisloosheid wel gebruik maken van voortgezette jeugdzorg? Ik betwijfel het.’

Zo wordt gesteld: “Niemand mag genoodzaakt zijn om tegen zijn wil op straat te moeten overnachten bij gebrek aan opvang die aangepast is aan zijn situatie.” Een aanzienlijk deel van de buitenslapers is tussen de 18 en 25 jaar. Veel redenen dus om ook voor hen een strategie uit te werken. Maar die ontbreekt dus.

Grote gaten

Beide beleidsplannen vertrekken ongetwijfeld van goede intenties. Toch laten ze ook grote gaten vallen. Die lacunes roepen vragen op.

Zijn de acties om continuïteit van de jeugdzorg te verzekeren effectief gericht op het voorkomen van dak- en thuisloosheid? Zullen de jongeren die een verhoogd risico hebben op dak- en thuisloosheid wel gebruik maken van voortgezette jeugdzorg? Ik betwijfel het.

Totaalaanpak

Welke acties zijn er dan nodig om de situatie van dak- en thuisloosheid van jongvolwassenen te beëindigen? We hadden het al over het belang van een sterkere laagdrempelige, presente en aanklampende hulpverlening.

‘We hebben een meer gefocust beleid nodig.’

Trek ook de kaart van Housing First. Niet alleen voor de huidige en toekomstige jeugdzorgverlaters, maar ook voor de groep jongvolwassenen die al dak- of thuisloos zijn.

En ook de uit Canada overgewaaide totaalaanpak A Way Home, nu uitgerold in de regio Antwerpen, opent perspectieven. In deze aanpak komen ook de sociale grondrechten van kwetsbare jongvolwassenen in het vizier, zoals het recht op wonen en werken.

We hebben een meer gefocust beleid nodig. Een beleid dat gebaseerd is op een gedegen kennis van het fenomeen van thuisloze ‘zwerfjongeren’. En dat haar effect op het terugdringen van dak- en thuisloosheid monitort.

Reacties [3]

  • catherine maes

    blijf maar ons belastingsgeld uitgeven met al jullie modellen.

    Succes

  • Marc laureys

    Beste,
    Na lange tijd en veel wikken en wegen wil ik uiteindelijk toch eens reageren op dergelijke artikels. Mijn vraag aan de auteurs van dit, en vele eerdere artikels hierrond: willen jullie eindelijk eens de juiste info rond Jordy gebruiken? Telkens weer gebruiken jullie Jordy als voorbeeld,met totaal verkeerde info ! Jordy is niet op straat terechtgekomen op zijn 18 en rechtstreeks vanuit de jeugdzorg! Ik sta volledig achter elk initiatief dat jongeren in dergelijke situatie kan ondersteunen,maar ik smeek jullie aub om Jordy”s naam niet langer te misbruiken en correcte info te verspreiden.

  • Schipperges Dominique

    Dat men nog steeds ultiem hoopt op 16jarige leeftijd misgroeide situaties recht te trekken , klinkt mij als ervaringsdeskundige onbegrijpelijk.
    Het kalf is dan al verdronken.
    Het is geen pretje in instellingen , je beseft wel degelijk wie je bent en wat je kunt.
    Het ontbreekt je hoofdzakelijk aan liefdevolle individuele opvolging :dag en nacht,24/7.
    Niemand is gemaakt om in een ziekenhuisomgeving op te groeien ,niemand!
    Zelfs een interne gaat naar huis tijdens schoolvakanties,daar waar men je verwacht.
    Pleit dan ook echt voor pleegzorg tegen degelijke vergoeding,al dan niet met op internaat .
    En dit vanaf jongere leeftijd of ASAP.

We zijn benieuwd naar je mening!

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.