Boek

Gezinstherapeut: ‘Ik luister en kan niet anders dan aan mijn eigen kind denken’

Peter Rober

Peter Rober is een ervaren gezinstherapeut. In zijn boek ‘Gezinstherapeut zijn’ vertelt hij wat je als therapeut kan doen om gezinnen te helpen. In dit traject komen hulpverleners vaak zichzelf tegen. Zo ook in onderstaand pakkend fragment uit dit boek.

Peter Rober

© Unsplash / Emiliano Vittoriosi

Als een marionet

“Ik wil geen therapie. Ik wil d-d-d-dood.”Ik neem het stotteren in deze tekst over om de lezer beter te laten voelen hoe het gesprek in de therapieruimte verliep. Het stotteren was heel confronterend voor mij als therapeut. Het was de voortdurende herinnering aan de verschrikkelijke situatie van Jason.De ouders van Jason keken zwijgend toe. Moeder nam haar zakdoek om haar tranen te drogen.

‘Het is vreemd zo’n schokkende hulpeloosheid te zien bij een stoer geklede jongeman.’

Het is de eerste keer dat ik dit gezin zie. Het is meteen duidelijk dat er met Jason iets aan de hand is.Vanuit het belang van privacy en vertrouwelijkheid, combineer ik in deze bijdrage begeleidingservaringen met drie gezinnen tot één fictieve case. De namen zijn schuilnamen en de foto’s zijn louter illustratief.Deze jongeman heeft iets meegemaakt dat zijn lichaam ernstig uit balans bracht en nu lijkt het koortsig op zoek te zijn naar die balans. Het is vreemd zo’n schokkende hulpeloosheid te zien bij een mooie, stoer geklede jongeman. Ik moet onwillekeurig aan een rockster denken.

Van de baan gereden

Jasons verhaal zou ik pas later in de sessie vernemen, maar ik wil het nu al wel vertellen.

Hij was een gezonde jongeman tot hij op zijn tweeëntwintigste een motorongeval kreeg. Een dronken chauffeur reed hem van de baan. Toen de ziekenwagen op de plaats van het ongeval aankwam, lag Jason bewusteloos langs de kant van de weg, bloedend uit neus en oren. Hij werd naar het ziekenhuis gebracht. Het vermoeden van een ernstig hersenletsel werd in de maanden daarna bij elk nieuw onderzoek bevestigd.

Splijtende hoofdpijnen

Jason is gitarist bij een beginnende rockband. Door zijn hersenletsel lukt het niet meer om zich te concentreren. Er zijn geheugenproblemen en splijtende hoofdpijnen.

De band probeert nog een paar maanden om samen muziek te maken, maar Jason is veranderd. Hij kan zich niet lang concentreren, is snel geïrriteerd en opvliegend. Als iets niet goed lukt, kan hij plots beginnen te schelden en met dingen gooien.

Wanneer hij dan wat later tot rust komt, trekt hij zich terug in een donkere stemming, onbereikbaar voor de anderen. Na een paar pogingen om terug te jammen, besluit de band een pauze van onbepaalde tijd in te lassen.

Van de hemel naar beneden gestort

Voor Jason is dit verschrikkelijk. Gitaar spelen is zijn leven. Hij heeft er alles op ingezet om een goede gitarist te worden. Jimmy Page, de gitarist van Led Zeppelin, is altijd zijn held geweest. Page’ gitaarsolo tijdens ‘Stairway to Heaven’ is voor hem het gitaarwalhalla. Hij oefende hard om die solo zo goed mogelijk te spelen, en het lukte hem aardig.

‘Op grond van ongeneeslijk en ondraaglijk lijden vraagt Jason om euthanasie.’

Het ongeval heeft hem helemaal van zijn Stairway to Heaven naar beneden gestort. Hij herkent zichzelf niet meer in de gebroken gitarist die hij geworden is. Hij zal nooit Jimmy Page kunnen evenaren. Meer zelfs, hij zal ook zichzelf nooit meer evenaren. Nooit nog zal hij zo goed worden als hij ooit geweest is.

Euthanasie geweigerd

Op grond van ongeneeslijk en ondraaglijk lijden vraagt Jason om euthanasie. De huisarts gaat daar niet in mee, en heeft gezegd dat het niet te voorspellen valt welke vooruitgang Jason nog zal maken. Hij heeft hem doorverwezen naar de NAH-afdeling (niet-aangeboren hersenletsel) van het academisch ziekenhuis.

Daar heeft Jason een gesprek met zijn ouders en de revalidatiearts. Hij herhaalt er zijn vraag om euthanasie, maar zijn ouders moedigen Jason aan om niet op te geven. Dat irriteert Jason. Hij wordt kwaad en verwijt hen niet te begrijpen hoe moeilijk het voor hem is. De revalidatiearts stelt gezinstherapie voor. Dat vinden de ouders een goed idee.

Graag geziene jongen

Nu zitten ze hier bij mij voor het eerste gesprek. Ze vertellen over het opgroeien van Jason: hij was een verstandige jongen die het goed deed op school en door iedereen graag gezien werd.

Muziek was Jasons grote passie. Naar de muziekschool gaan, met vrienden naar muziek luisteren en erover discussiëren. Ze besloten een band te vormen, en die band verwierf later via een finaleplaats in Humo’s Rock Rally zijn eerste bekendheid. Er volgden optredens in kleine clubs, en later ook enkele zomerfestivals.

‘Ik wil dood want het leven heeft geen zin meer.’

Het is stil in de sessie. Het is me opgevallen dat Jason zonder veel te zeggen heeft geluisterd naar wat zijn ouders vertellen, met een zekere afstand: alsof het niet over hem gaat.

Ik kijk verwachtingsvol naar Jason, want deze stilte is het geschikte moment waarop hij iets zou kunnen aanvullen of corrigeren. Maar hij zegt niets. Vader verbreekt de stilte: “Ja, nu woont Jason weer bij ons en nu zijn er nog enkel concentratieproblemen, hoofdpijnen, geheugenproblemen, geïrriteerdheid enzovoort.”

Hij somt het op alsof hij het van een papier afleest. Het is weer even stil. Dan besluit Jason toch te spreken. Hij zegt: “Ja, en n-n-n-nu wil ik dood, want het leven doet p-p-p-pijn en het heeft geen zin m-m-m-meer.” Hij zegt het te luid, en dan zwijgt hij weer. Stilte.

Peter Rober

Jason: “Gisteren heb ik wat zitten knoeien met mijn akoestische gitaar. Het trok op niets.”

© Unsplash / Bernie Almanzar

We willen niet dat hij het opgeeft

Moeder vertelt daarop dat Jasons vriendin de relatie heeft beëindigd. Het is te zwaar voor haar: Jason met zijn stemmingswisselingen en zijn woede-aanvallen.

‘Een gemakkelijke therapie zal het niet worden. Dat is onmiddellijk duidelijk.’

“We willen niet dat Jason het opgeeft”, zegt vader. “Hij heeft zoveel talenten. En hij kan nog steeds gitaar spelen. Gisteren hoorde ik hem nog op zijn kamer bezig.” “Pff. Ja, g-g-g-gisteren heb ik wat zitten knoeien met mijn a-k-k-k-koestische gitaar. Het trok op n-n-n-niets.” Stilte.

“Op welke manier zou gezinstherapie jullie kunnen helpen?”, vraag ik voorzichtig. “Ik wil g-g-g-geen gezinstherapie”, zegt Jason. “Ik wil d-d-d-dood.” “Mmm, oké,” zeg ik, “maar we zitten hier nu samen en we kunnen samen praten. Hoe zou dit praten zinvol kunnen zijn voor jou?” Opnieuw is het even stil.

Scherp verschil meteen op tafel

“Misschien kan het p-p-p-praten mijn ouders overtuigen mij te helpen om eu-eu-eu-euthanasie te verkrijgen”, zei Jason. Ik richt mij tot de ouders: “En wat hopen jullie te bekomen via gezinstherapie?” Moeder kijkt naar vader. Die antwoordt: “We willen Jason helpen zijn leven terug op te nemen.”

Het scherpe verschil ligt meteen bloot op tafel. Ik voel dat dit de uitdaging zal worden: hoe kan ik in de therapie met dit gezin voldoende aansluiten bij elk van deze tegengestelde vragen? Neen, een gemakkelijke therapie zal het niet worden. Dat is onmiddellijk duidelijk.

Twee maanden therapie

De therapie met Jason en zijn ouders is twee maanden bezig.

Het is halverwege de vijfde sessie. De stille woede van hangt als donkere dreigende wolken boven elk gesprek. Het lijkt of de razende storm elk moment kan losbarsten. Ik begrijp Jasons stille woede wel. Het is onrechtvaardig dat hij slachtoffer moest zijn van dat vreselijke ongeval. Zijn leven zat eerst vol belofte en toen was het allemaal weg. Plots. Zonder aanleiding, zonder schuld. Een dom ongeval, het heeft maar enkele seconden geduurd.

Ik kijk naar moeder. Ze lijkt verdrietig. Ik voel haar machteloosheid. Ze staat op het punt te wenen. Vader kijkt me aan en zegt: “Ik weet niet of je begrijpt hoe het voelt…” Hij maakt zijn zin niet af.

Ik ben zelf vader

Ik denk dat ik het wel begrijp. Ik ben zelf vader en mijn zoon is ook een gitarist. Ik kan met vader meevoelen. Misschien begrijp ik hem wel te goed.

‘Ik kan met vader meevoelen. Misschien begrijp ik hem wel te goed.’

Door er even bij stil te staan, realiseer ik me dat ook ik Jason in leven wil houden. Ik besef dat dat eigenlijk een probleem is. Ik vraag me af: Hoe kan ik een goede gezinstherapeut zijn voor dit gezin als mijn gevoel bij de ouders aansluit, eerder dan bij de zoon?

Ik besef dat ik de voorbije sessies heb geprobeerd dit onevenwicht te compenseren, door mij zoveel mogelijk in te leven in Jasons lijden. Ik liet hem vertellen over wat hem overkomen is, hoe onrechtvaardig het is dat hij alles verloor dat hem dierbaar is. Ik hoop dat hij zich gehoord heeft gevoeld. Later zal blijken dat dat ijdele hoop is.

Gaan praten met oma

Vader legt uit dat er de laatste week weer veel conflicten zijn geweest. De aanleiding is dat Jason is gaan praten met oma, vaders moeder.

‘Er ontstond een grote ruzie en daarna een dagenlange dreigende stilte.’

Jason ging haar vertellen dat hij dood wil. Hij hoopte dat zij hem zou begrijpen. Oma was eerst blij dat ze er voor Jason mocht zijn, tot ze begreep dat hij gekomen was omdat hij vindt dat haar leven met al die ouderdomskwalen toch ook zinloos is en dat ze beter dood zou zijn.

Grootmoeder was helemaal overstuur en belde vader op: “Vind jij ook dat ik beter dood zou zijn?” Vader reed onmiddellijk naar haar toe om haar te kalmeren. Toen hij later terug thuiskwam, zocht hij Jason op. Er ontstond een grote ruzie en daarna een dagenlange stilte in het gezin die zich uitstrekt tot in de sessie.

Geen zin om op te staan

“Ik weet niet of je begrijpt hoe het voelt,” zegt vader. “Ik weet ook niet of ik het begrijp,” zeg ik, “maar vertel eens hoe het voor jou voelt.”

Vader vertelt over zijn bezorgdheid voor zijn moeder. Ze heeft het sinds de dood van haar man heel moeilijk om nog zin in het leven te zien. Op een keer ging hij haar na het werk bezoeken. Toen hij aanbelde, deed niemand open. Dat vond hij vreemd en hij was ongerust. Hij liet zichzelf binnen met de sleutel, en hij vond haar in bed.

‘Misschien heb ik toch wat aansluiting gevonden bij Jason.’

Eerst dacht hij dat ze ziek was, maar ze had gewoon geen zin om op te staan. “Waarom zou ik?”, had ze gezegd. “Dat heeft me diep geraakt. En dan doet Jason zoiets”, zegt vader. Ik zie dat hij ontroerd is.

Flikkering van herkenning

“Ik begrijp dat dat je kwaad maakt,” zeg ik, “en ik begrijp van jou, Jason, dat je iemand zoekt die een beetje begrip heeft voor jouw gevoel dat het leven geen zin meer heeft.”

Jason blijft stil, maar in de wijze waarop hij naar me kijkt, denk ik een flikkering van herkenning te zien. Misschien heb ik toch wat aansluiting gevonden bij Jason. Ik kan er echter niet bij stilstaan, want vader gaat verder.

“Ik begrijp dat Jason zich alleen voelt”, zegt vader. “Dat begrijp ik wel. Dan richt hij zich tot Jason en zegt: “Maar wat ik moeilijk kan binnenlaten, is dat je dood wil zijn. Jouw mama en ik hebben je op de wereld gezet. We hebben je altijd graag gezien. We hebben je verzorgd, je luiers ververst, je papfles gegeven, we hebben je begeleid bij je eerste stapjes en we waren zo fier toen je je eerste woordjes zei.”

Ik kan niet anders dan aan mijn eigen kind denken

Vader richt zich tot mij: “Als je je kind graag ziet, als je je kind ziet opgroeien, als je trots bent op je kind omdat hij verstandig is en talent heeft, dan is het toch niet denkbaar dat hij dood zou zijn. Daar wil je niet aan denken.”

Ik luister en ik kan niet anders dan aan mijn eigen kind denken. Mijn zoon. Hoe hij opgroeide. Met vallen en opstaan, koetjes en kalfjes, tranen en tuiten.

Ik herinner me een dramatisch moment waarop we heel ongerust waren dat hij een ongeneeslijke ziekte zou hebben. Er waren onrustwekkende symptomen en we zagen dat ook de huisarts zich zorgen maakte. Ze stelde bijkomend onderzoek voor. Pas na een paar maanden werd het duidelijk dat het allemaal niet zo erg was.

Oude verdriet

Ik zie het weer voor mijn ogen. Maar nu moet ik bij dit gezin aanwezig zijn, bij Jason die dood wil en bij zijn vader die wil dat hij blijft leven.

‘In mijn woorden klinkt het oude verdriet dat samenhangt met mijn eigen zoon.’

Ik zeg: “Ik denk dat ik begrijp dat je als vader het beste wilt voor je zoon. Al van in het begin toen hij pasgeboren was. En ook nu, ook al heeft hij dit vreselijke ongeluk gehad en zal hij wellicht heel zijn leven de gevolgen daarvan moeten dragen.”

Ik spreek die woorden uit, maar in mijn woorden klinkt ook mijn ontroering door en het oude verdriet dat samenhangt met mijn eigen zoon en die spannende weken waarin we doodongerust waren.

Jason staat plots op

Ik zie dat mijn woorden rust brengen bij vader. Hij zwijgt en ontspant zich. Maar Jason staat plots op, schokkerig en moeizaam, maar zonder aarzeling. “Ik ben w-w-w-weg”, zegt hij en hij stapt in de richting van de deur.

‘De therapie is gestopt. Jason wil niet meer terugkomen.’

“Jason?”, zeg ik verrast. “Het heeft g-g-g-geen zin, deze t-t-t-therapie”, zegt hij en hij beent naar de deur. Hij neemt de deurklink in zijn hand en hij draait zich nog om: “Voor mij is de t-t-t-therapie gedaan”, zegt hij. En dan richt hij zich tot mij en zegt hij: “En jij, jij bent de slechtste therapeut van de wereld.” Hij opent de deur, stapt de gang in en slaat de deur met een droge smak achter zich dicht.

De therapie met het gezin is gestopt. Na de sessie waarin Jason wegliep, heb ik nog één sessie met de ouders gehad. Jason wil niet meer terugkomen.

Gezinstherapie

“Jimmy is geboren. De ouders Marie en Jason zijn heel trots op hun lieve zoon.”

© Unsplash / Dnk.Photo

Jason is verliefd

Maanden later krijg ik een mailtje van vader.

Beste Peter,

Jason is verliefd. Het is alsof de zon door de wolken breekt. Ja, er zijn nog veel wolken, want zijn stemmingsschommelingen en woedeaanvallen blijven moeilijk om te dragen. Maar nu hij Marie heeft ontmoet, zien we hem soms ook gelukkig. Marie is een meisje dat hij heeft leren kennen in de zelfhulpgroep voor verkeersslachtoffers met een hersenletsel. Ze werd aangereden door een bus en hield daar vooral hoofdpijn, cognitieve stoornissen en taalstoornissen aan over.

‘De therapie is een belangrijke steun geweest, en is het nog steeds.’

Marie is een lief meisje. We hebben haar vorige week voor het eerst ontmoet toen Jason haar mee naar huis bracht voor een etentje. Het was fijn hem terug gelukkig te zien. Op zulke momenten laat hij zien dat hij opnieuw blij is dat hij leeft. Al was het de dag nadien weer koekenbak. Hij had een woedeaanval op zijn kamer en heeft een gitaar kapotgeslagen.

Hoe dan ook, ik wilde je laten weten dat er nog steeds donkere wolken zijn, maar dat er ook opklaringen zijn. Bedankt voor de gesprekken, Peter. Ik denk er nog vaak aan terug. De therapie is een belangrijke steun geweest, en is het nog steeds. Beste groeten, Joris (papa van Jason).

Ik stuur een kort berichtje terug: “Bedankt voor het bericht. Ik ben blij dat er meer opklaringen zijn en dat jullie nu en dan zien dat Jason blij is te leven.”

Jimmy is geboren

Ik hoor dan een hele tijd niets meer. Drie jaar later krijg ik een geboortekaartje: “Jimmy is geboren. De ouders Marie en Jason zijn heel trots op hun lieve zoon.”

Ik stuur hen een kaartje met felicitaties. Ik stuur ook een kort briefje naar vader en moeder om geluk te wensen met het prille grootouderschap. Ik krijg een lange brief van vader terug, met een paar foto’s van Jimmy, Marie en Jason.

Vader schrijft dat het jonge gezin het goed stelt en dat Jason niet meer over euthanasie praat: “Hij heeft terug zin in het leven en hij ziet Jimmy doodgraag. Ik denk dat hij nu al plannen aan het maken is om Jimmy gitaar te leren spelen.”

Reacties

We zijn benieuwd naar je mening!
Blijf hoffelijk, constructief en respectvol

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

gezinstherapie

Gezinstherapeut zijn

Peter Rober

Antwerpen | Pelckmans | 2023 | 196 pMeer info