Opinie

‘Openbaar vervoer rijdt voorbij aan mensen met beperkte mobiliteit’

Wouter Coolen

Inge der Kinderen is 45 jaar en woont in Edegem. Ze zit in een rolstoel en is slechtziend. Toch houdt dat haar niet tegen om met vrienden af te spreken. Maar het openbaar vervoer laat haar vaak in de steek. Haltes zijn ontoegankelijk, de bus of tram moet ze ruim op voorhand reserveren.

openbaar vervoer

© Unsplash / Ant Rozetskyf

Geen plaats op de bus

Vroeger reserveerde Inge haar rit nooit. Ze nam geregeld de bus. Zelden was dit een probleem. Dankzij de hulp van een chauffeur, medereiziger of vriend. Ze wilde bewust zoveel mogelijk het openbaar vervoer nemen. Zo voelde ze zich niet anders dan anderen en zo wil ze ook behandeld worden. Het openbaar vervoer is immers openbaar en voor iedereen.

‘Reserveren en openbaar vervoer gaan niet samen.’

Tot een buschauffeur haar begin 2000 verbaal agressief behandelde en ze in de vrieskou bleef staan. Regels waren regels. Niet gereserveerd? Dan is er voor jou geen plaats in de bus. Een eerste negatieve ervaring die haar vertrouwen in het openbaar vervoer sterk aantastte.

Onzeker en angstig

Stilletjesaan durfde ze steeds minder te rekenen op de bus als transportmiddel. Reisde ze alleen, dan voelde ze zich onzeker en angstig. Was ze op weg naar een volgend conflict of zou de buschauffeur haar deze keer wel meenemen?

Toch bleven haar principes overeind: reserveren en openbaar vervoer gaan voor haar niet samen. Door te reserveren, hou je omslachtige procedures in stand.

De belbus

Haar oplossing? De belbus: een busje van De Lijn dat haar van punt A naar punt B brengt en onderweg ook andere mensen met en zonder een verminderde mobiliteit oppikt. Maar de wachttijden om een rit aan te vragen, zijn zenuwslopend. Meer dan een kwartier hangt ze aan de lijn.

Ze belt al een maand op voorhand, om zeker te zijn. De vraag is echter groter dan het aanbod. Ter vervanging van de belbus zijn er op sommige plaatsen taxi’s die rijden aan dezelfde kostprijs. Maar ook daar kan het aanbod de vraag onvoldoende volgen.

Geen alleenstaand geval

Het verhaal van Inge is geen alleenstaand geval. Pas nog deelde ook een gebruiker met een electrische rolstoel zijn ervaringen met een fonkelnieuwe hermelijntram en zijn bestuurder.

Zo’n getuigenissen komen vaak bij ons terecht, bij de Vereniging Personen met een Handicap (VFG). Regelmatig komen we mensen met een handicap tegen die het beu zijn om steeds opnieuw te reserveren. Ze hebben, net als iedereen, een eigen agenda die weleens door elkaar gegooid wordt. En dan moet je opnieuw reserveren. Zo wordt het wel heel moeilijk om je activiteiten te plannen.

‘Mensen zijn het beu om steeds opnieuw te reserveren.’

Ze kunnen het zich niet veroorloven om bij iedere kleine wijziging steeds weer tijdrovende procedures te moeten doorlopen. Veel personen met een handicap laten zo noodgedwongen allerlei kansen aan zich voorbijgaan. Kansen om hun sociaal netwerk uit te bouwen, maar ook op een opleiding en werk.

Schaf reservatieplicht af

Wij pleiten dan ook samen met tien andere belangenorganisaties voor de afschaffing van deze reservatieplicht op alle haltes die toegankelijk zijn mits assistentie.Alin, Onafhankelijk Leven, MS-Liga Vlaanderen, GRIP, KVG, VeBeS, MyAssist, vzw Marjan, Doof Vlaanderen en Brailleliga.

Op de website van De Lijn kunnen personen met een beperkte mobiliteit namelijk zien of een halte al dan niet toegankelijk is. Zo kunnen ze perfect zelfstandig hun reis plannen. Bovendien kunnen chauffeurs of medereizigers de nodige hulp bieden. Voor chauffeurs moet die taak dan toegevoegd worden aan hun takenpakket. Op dit moment werken de vakbonden tegen. De stiptheid zou in het gedrang komen en op sommige plaatsen zou het gevaarlijk zijn voor chauffeurs om hun bestuurdersplaats te verlaten.

Wij zijn bereid om samen met vakbonden te zoeken naar constructieve oplossingen. Bijkomend zouden mensen zich vrijwillig als ‘Lijnhelper’ kunnen inzetten.

Toegankelijke haltes

Natuurlijk is de reservatieplicht maar een deel van het probleem. Inge zou pas op haar beide oren kunnen slapen mochten alle voertuigen en haltes toegankelijk zijn.

Wat betreft de voertuigen is er goed nieuws. Tegen 2020 zullen alle bussen van De Lijn normaal gezien toegankelijk zijn, 85 procent van de trams zal tegen 2025 toegankelijk zijn.

‘Reservatieplicht is maar een deel van het probleem.’

Een toegankelijke bus of tram is echter maar zinvol als ook de haltes dat zijn. En die blijven helaas helemaal achter. Zo is in Vlaanderen maar een op de tien haltes zonder bijkomende hulp toegankelijk voor mensen met een motorische handicap, een op de vier toegankelijk met assistentie en een op de twintig toegankelijk voor mensen met een visuele handicap.Inter (2018), Bouwen aan een meer mobiel Vlaanderen, Presentatie hoorzitting Vlaams Parlement, Commissie Mobiliteit en Openbare Werken, 20 september 2018.

Als we even over de grens kijken in Nederland, zien we een heel ander verhaal. Daar zijn vier op de tien haltes toegankelijk voor alle personen met een handicap, zonder bijkomende hulp.

Afdwingbare richtlijnen

Vanwaar dat verschil? Vlaamse gemeenten kunnen de richtlijnen voor toegankelijke haltes nu gewoon naast zich neerleggen. Het gevolg is dat andere investeringen voorrang krijgen. Toegankelijkheid verdwijnt als prioriteit naar de achtergrond. Met alle gevolgen van dien. Toegankelijkheid moet een prominente plaats krijgen in het mobiliteitsbeleid. En dit kan enkel door de richtlijnen wettelijk afdwingbaar te maken.

‘Toegankelijkheid moet een prominente plaats krijgen in het mobiliteitsbeleid. En dit kan enkel door de richtlijnen wettelijk afdwingbaar te maken.’

Op lokaal vlak pleiten we voor prioriteiten stellen onder de verschillende haltes. Met als hoofdvraag: welke haltes willen personen met een verminderde mobiliteit toegankelijk hebben en waarom? Bij VFG maken we hierbij gebruik van de Map it-methode.Gemeentes of steden die hiermee aan de slag willen gaan, kunnen bij VFG terecht voor de nodige ondersteuning.

De toekomst

En hoe ziet de toekomst van het openbaar en aangepast vervoer eruit?

Het Vlaams Parlement keurde op 3 april 2019 het ontwerp van decreet betreffende de basisbereikbaarheid goed. Dat moet het openbaar vervoer efficiënter maken in elke regio. Gemeenten krijgen daarbij meer inspraak. De vraag en niet het aanbod zal centraal staan.

Op het eerste gezicht is dat een positieve evolutie. Maar het risico is dat haltes die niet vaak gebruikt worden, zullen verdwijnen. De weinige toegankelijke haltes die er zijn, komen zo verder in het gedrang.

Belbus verdwijnt

De belbus, waar Inge regelmatig een beroep op doet, zal verdwijnen. In de plaats komen private aanbieders met aangepaste taxi’s. Inge is er niet gerust op. Zal het aangepast vervoer nog wel betaalbaar zijn? Zal er nog wel voldoende aanbod zijn?

Haar vragen zijn terecht. Het aangepast vervoer voor personen met een beperkte mobiliteit dreigt te verdwijnen. Er zijn geen afspraken over een minimumaanbod. Ook de betaalbaarheid vormt een knelpunt, want er zijn nog geen uniforme prijzen afgesproken. Iedere regio zal zelf haar prijzen kunnen bepalen. Ten slotte is er nog geen garantie dat het budget voor het aangepast vervoer in de toekomst ook hiervoor zal worden gereserveerd.

Politieke moed

Des te belangrijker dus om voor alle gebruikers met een verminderde mobiliteit zoals Inge te pleiten voor een toegankelijk openbaar en aangepast vervoer. Het decreet basisbereikbaarheid biedt alvast de ideale gelegenheid om diep ingewortelde defecten, zoals de reservatieplicht en het grote gebrek aan toegankelijke haltes, weg te werken en een structurele dialoog met de doelgroep op te starten.

Enkel de broodnodige politieke moed ontbreekt nog.

Reacties [2]

  • Eddy Schelfhout

    Het stuk vat prachtig samen hoe het er in de praktijk heel vaak aan toe gaat zelf rolstoel gebruiken zijnde mis ik alleen 1 categorie in het verhaal, zijn de de rolstoelgebonden scootmobiel gebruiker.

    Zelf ben ik van kindsbeen af rolstoelgebruiker toen ik tiener werd hebben we na een hele zoektocht besloten dat de scootmobiel voor mij het type rolstoel was waar ik het meest zelfredzaam in was en mij ook het best in mijn vel voelde.

    Jaren bleek dit geen probleem, ik nam de trein de bus later de belbus alsof ik gewoon een valide in de maatschappij was.
    De maatschappij was dan misschien wel niet aangepast en echt niet aangepast want je komt zelden ergens binnen of naar het toilet gaan maar verplaatsen lukt lukte ni mits et de nodige doorzetting en avontuur!

  • Meuleman Dirk

    Als we even over de grens kijken in Nederland, zien we een heel ander verhaal. Idd maar het openbaar vervoer kost daar ook het dubbele!!!

We zijn benieuwd naar je mening!

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.