Column

Poetshulp Gerda ziet en hoort veel

Peter Dierinck

Peter Dierinck

Peter Dierinck is psycholoog in het Psychiatrisch Centrum Gent-Sleidinge. Hij werkt momenteel binnen een pilootproject ‘Kwartiermaken’.

poetsvrouw

© Unsplash / Crystal de Passillé-Chabot

Gerda

Een bruine broek, grijsgroene T-shirt en witte schoenen. Het is het uniform van de poetsvrouwen en poetsmannen. Op de psychiatrische afdeling zijn ze nog de enigen die een uniform dragen. Hun outfit is geen statussymbool. Ze dragen het voor de hygiëne en veiligheid.

‘Properheid is altijd tijdelijk.’

Gerda is een van de poetsvrouwen. Haar handelen en bewegen is strak omschreven in haar takenpakket. Wat ze moet doen, is meetbaar per dagdeel.

Ze krijgt technische opleidingen rond producten, poetsmachines en de karren waarmee ze die producten door de gangen rijdt. Waar ze wat moet gebruiken en hoe ze het moet gebruiken, hoeveel pauze… Duidelijker kan niet.

Hectiek

Gerda’s job is niet de meest dankbare job. En ze moet haar taken uitvoeren in een hectische omgeving.

In een psychiatrisch ziekenhuis lopen patiënten en personeel veel over en weer. Het gebeurt dat je zo gehaast bent dat je over de nog half natte vloer loopt, dat je vergat dat de vergaderzaal waar je bijeenkomt net op dat moment van de week altijd gepoetst wordt, dat een collega dringend info nodig heeft waardoor je het bureau met computer waar Gerda poetst binnenloopt, gaat zitten en dan vraagt of je je voeten zal opheffen.

Lachend zegt ze dan dat het wel oké is, terwijl ze rond je voeten poetst. Properheid is immers altijd tijdelijk en dus relatief.

Allesweter

Door haar job dringt Gerda vaak ver door in de privacy van patiënten. Ze weet wie lang slaapt en probeert haar poetsschema zo goed en kwaad mogelijk aan te passen om de rust niet te verstoren.

Ze weet dat ze de tafel van Jan best niet opruimt. Elk papiertje heeft betekenis en de afstand ertussen is afgemeten. Het zijn tekens. Jan ontvangt signalen en die papiertjes beschermen haar.

‘Gerda weet wie lang slaapt.’

Als Jan naast papiertjes ook voedsel begint te sparen, heeft Gerda een verpleegkundige nodig die mee onderhandelt zodat zijn kamer netjes blijft. De verpleegkundige legt aan Gerda de denkwereld van Jan uit. Nu weet ze dat hij dit niet opzettelijk doet.

Op sommige kamers hoeft ze niet te poetsen omdat de patiënt zelf alles netjes opruimt en onderhoudt. Uit respect voor dit werk doet ze niets anders dan eens goedkeurend knikken.

Bijzonder

Met Mia die al wat langer op de afdeling verblijft, heeft Gerda een bijzonder contact. Mia gooit elke kledingstuk weg dat ze heeft gedragen. Ze voelt zich bedreigd door rond te lopen in gedragen kledij. Het kledingstuk lijkt besmet en de drager ervan loopt gevaar.

‘Welke informatie geeft ze wel of niet door?’

Gerda raapt netjes op wat wordt weggegooid, wast het en geeft het dan terug aan Mia. Deze aanvaardt dankbaar en draagt de kledij opnieuw. Mia vertrouwt Gerda. De twee vrouwen hebben vaak korte gesprekjes over wat ze de dag ervoor hebben gedaan.

Anja is mentaal beperkt en kan soms luid haar ongenoegen kenbaar maken. Gerda blijft steeds vriendelijk en geeft Anja af en toe wat snoep, naast het dagelijkse praatje over het weer.

Vijf minuten overleg

Elke ochtend is er vijf minuten overleg. Wie gaat er weg? Welke kamer komt vrij? Wie is er moeilijk aanspreekbaar die dag?

Je ziet Gerda nooit op briefings, intervisie of een teamvergadering. Ze zit niet achter de computer in de verpleegpost. Daardoor is zij vaak degene die het meest aanwezig is tussen de patiënten. Ze weet veel. Het is een uitzonderingspositie die niet altijd even gemakkelijk is. Welke informatie geeft ze wel of niet door?

Soms vindt ze weggegooide pilletjes en meldt ze dit. Het zorgt ervoor dat we iemand naar de psychiater kunnen sturen om opnieuw te onderhandelen over medicatie die toch niet wordt ingenomen.

Trots

Gerda heeft niet met iedereen contact. Er zijn patiënten die haar nooit aanspreken of haar louter zien als poetsvrouw. Gerda weet dit en zal zich niet opdringen.

Ik groet Gerda als ik haar tegenkom in de gang. Het is een vast ritueel. Soms komt het tot een gesprekje over alledaagse dingen, soms hoor ik ook wat haar thuis bezighoudt waardoor ze wat minder geconcentreerd rondloopt op het werk.

‘Ze zijn niet zozeer trots zijn op het resultaat van hun ambacht, maar vooral trots op het goede contact dat ze hebben met patiënten.’

Wat me bij Gerda en haar collega’s het meeste opvalt, is dat ze niet zozeer trots zijn op het resultaat van hun ambacht, maar vooral dat ze trots zijn op het goede contact dat ze hebben met patiënten en zorgmedewerkers.

Ze zijn content als ze mee verantwoordelijkheid kunnen dragen voor het welbevinden en de re-integratie van patiënten. Ze zijn trots als ze zich daarvoor erkend voelen als volwaardig lid van het team.

Ik heb gepleit voor de afschaffing van de witte jassen van dokters en verpleegkundigen. Ik ben er blij mee. Maar de poetsmannen en poetsvrouwen gun ik wel hun uniform. Net omwille van hun status.

Reacties [7]

  • Kim

    “Ik heb gepleit voor de afschaffing van de witte jassen van dokters en verpleegkundigen. Ik ben er blij mee. Maar de poetsmannen en poetsvrouwen gun ik wel hun uniform. Net omwille van hun status.” Mooi!
    Erkenning en waardering voor de Gerda’s in deze wereld kost niets. En toch kan het voor zo’n meerwaarde zorgen. Geef ze wat mij betreft gerust ook maar een gouden kar of een fluwelen schort ;-)

  • An Willekens

    Schoonmaken, zoveel meer dan met de juiste technieken alles netjes houden.
    Prachtig artikel, een waardering voor alle schoonmaak(st)ers die zich met gans hun hart dagdagelijks inzetten voor de patiënten/bewoners.

  • Anja

    Ze verdienen allemaal een Oscar voor de beste bijrol. Ze betekenen zoveel in het leven van een psychiatrische patiënt. Respect !

  • Wouter Vanden Berghe

    mooi en respectvol licht op een onmisbare schakel in de behandeling van een hulpvrager!

    • Nancy

      Ik kreeg thuisbegeleiding voor mijn gehandicapte kinderen en kon gedurende een tijd terug vallen op poetshulp. Ik voelde meer steun en begrip voor onze leefwereld van de poetshulp dan van de sociaal assistenten. Zij had geen “kader” vanuit een opleiding maar gewoon ervaring vanuit haar werk en persoonlijke leven en door “echt” nabij te zijn bij haar klanten.

  • Kolet Janssen

    Schitterend verhaal! De inbreng van de poetsmannen en -vrouwen als een onmisbaar onderdeel van de afdeling.

  • Luc Deneffe

    Zorg die presentie vereist en mensen die dit gewoon doen en zijn. Zo rijk, dank.

We zijn benieuwd naar je mening!

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.