We zitten vast

Welzijnswerk in Brusselse gevangenissen wordt onmogelijk

Er vloeide de afgelopen weken heel wat inkt over de Brusselse en Waalse gevangenissen. De cipiersstaking maakt de leefomstandigheden voor gedetineerden dramatisch. Laten we hopen dat de uitkomst van deze crisis meer is dan een zoveelste pleister op een houten been. Want de problemen zijn niet gering. Ook bij de hulp- en dienstverleners in de Brusselse gevangenissen is het vat immers bijna af.

©Joshua Davis @flickr
©Joshua Davis @flickr

Incidenten vermijden

De basisrechten van gedetineerden worden met deze staking met de voeten getreden. Helaas is dat al langer het geval. Zo stellen verscheidene wetteksten dat het voorkomen van detentieschade, re-integratie en herstel centraal moeten staan in de uitvoering van de gevangenisstraf.Beyens, K., Dirkzwager, A. en Korf, D. (2014), ‘Detentie en gevolgen van detentie. Onderzoek in Nederland en België’, Tijdschrift voor Criminologie, 2, 3-30.

“Brusselse gedetineerden worden al jaren in de steek gelaten.”

Gedetineerden hebben dus recht op een zinvolle detentie die gericht is op re-integratie. We kunnen er niet om heen dat we daar in Brussel niet in slagen. Gedetineerden zitten met te veel op cel, verlaten hun cel te weinig, de middelen zijn er niet om hen op sociaal, psychologisch en medisch vlak op te volgen.

Concreet betekent dit dat het gevoerde beleid enkel gericht is op het vermijden van incidenten. Veel mogelijkheden om aan re-integratie te werken zijn er niet. Kortom, de Brusselse gedetineerden worden al jaren in de steek gelaten.

Welzijnsgerichte interventies

Detentie brengt negatieve effecten met zich mee, zowel op sociaal als psychologisch vlak. Maes, E. en Put, J. (2003), ‘Detentie en armoede’, in Vranken, J., De Boyser, K. en Dierckx, D. (red.), Jaarboek Armoede en Sociale Uitsluiting, Leuven, Acco, 187-208.Gedetineerden mogen dan wel van hun vrijheid beroofd zijn, hen opsluiten in erbarmelijke toestand zonder voldoende toegang tot opleiding, sport of hulpverlening is vragen om meer problemen. Vroeg of laat zullen we daar als maatschappij de prijs voor betalen.

“Vroeg of laat betalen we daar een prijs voor.”

Het is des te schrijnender als je voor ogen houdt dat de gevangenissen bevolkt worden door mensen in een precaire situatie met hoge noden. Vaak kampen gedetineerden naast justitiële problemen ook met emotionele, psychische en financiële problemen. Daarom hebben gedetineerden niet alleen nood aan justitiële maar ook aan welzijnsgerichte interventies.Halliday, S., e.a. (2009), ‘Street-Level Bureaucracy, Interprofessional Relations, and Coping Mechanisms: A Study of Criminal Justice Social Workers in the Sentencing Process’, Law & Policy, 2009, 31, 4, 405–428.

Versnipperd in Brussel

In ons land ontwikkelen de gemeenschappen deze hulp- en dienstverlening aan gedetineerden en hun naastbestaanden. Ze zijn een belangrijke partner voor justitie.

In Brussel is dat welzijnsgerichte aanbod versnipperd over acht diensten voor justitieel welzijnswerk. Ter vergelijking, in Vlaanderen is er één dienst justitieel welzijnswerk per gevangenis.

Deze fragmentatie aan diensten is het gevolg van de staatshervorming van 1980. Toen werden de gemeenschappen bevoegd voor de hulp- en dienstverlening aan gedetineerden en hun sociale omgeving. Deze bevoegdheidsoverdracht betekende voor Brussel dat zowel de Franse Gemeenschap, de Franse Gemeenschapscommissie, de Vlaamse Gemeenschap en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie bevoegd werden voor hulpverlening in de gevangenis. In 1999 nam het Verenigd College het initiatief tot de oprichting van een ‘Overlegcomité Justitieel Welzijnswerk Brussel’ als coördinatieorgaan voor de Brusselse diensten justitieel welzijnswerk.

Samenwerking niet evident

Samenwerking tussen al deze actoren is niet evident. Toch hebben deze Brusselse diensten justitieel welzijnswerk de laatste jaren op het werkterrein heel wat stappen gezet. Zo wordt er een gemeenschappelijk onthaal voor gedetineerden en hun naasten georganiseerd, creëerde men een gemeenschappelijke folder, een website, thematische werkgroepen en finaliseerde men in 2014 een strategisch plan voor het Brusselse justitieel welzijnswerk.

“Op het werkterrein zijn al heel wat stappen gezet.”

De acht diensten voor justitieel welzijnswerk zetten in op een brede benadering van de situatie van de gedetineerde en zijn directe sociale omgeving. Sommigen voegen daar een eigen specialiteit aan toe zoals vrijwilligerswerking, schuldbemiddeling of vreemdelingenrecht. Alle diensten bieden niet alleen individuele hulpverlening maar sleutelen ook mee aan structurele veranderingen ten gunste van gedetineerden.

Naast deze acht Brusselse diensten justitieel welzijnswerk bieden een aantal andere specifieke organisaties een aanbod aan binnen de gevangenissen zoals drughulpverlening en vorming. De psychosociale dienst van de gevangenis voorziet de opvolging vanuit justitie.

Etterbuil barst

Door de recente gebeurtenissen en de media aandacht weten we inmiddels allemaal dat de Brusselse gevangenissen overbevolkt en in slechte staat zijn. De gevolgen voor de sociaal werkers zijn aanzienlijk en bemoeilijken hun job.

“Gedetineerden zijn al langer het slachtoffer van vakbondsacties.”

De huidige vakbondsacties in de Brusselse gevangenissen zijn niet meer dan een etterbuil die barst. Gedetineerden en de externe diensten zijn al langer slachtoffer van vakbondsacties. Ten gevolge van die acties kunnen de aangeboden activiteiten al maanden niet doorgaan. Dit betekent geen lessen, geen bibliotheek, geen sport… Want al deze activiteiten betekenen extra ‘bewegingen’ in een gevangenis en bewegingen betekenen extra werk voor de penitentiair beambten.

Gemakkelijk slachtoffer

We hebben begrip voor het penitentiair personeel dat de zoveelste noodkreet slaat over moeilijke werkomstandigheden. Zij moeten al jaren werk verrichten in een context van structurele overbevolking en onderbezetting van personeel. Maar het annuleren van activiteiten voor de gedetineerden is geen oplossing.

Het lijkt er sterk op dat de externe diensten en de gedetineerden een gemakkelijk slachtoffer zijn. Kaarten zij deze toestand aan, dan worden ze weinig gehoord.

“Minder activiteiten is meer agressie.”

Nochtans zijn de belangen niet tegengesteld. Integendeel, waar gedetineerden minder gelegenheid hebben tot activiteiten en werk is er meer agressie.Beyens, K., Dirkzwager, A. en Korf, D. (2014), ‘Detentie en gevolgen van detentie. Onderzoek in Nederland en België’, Tijdschrift voor Criminologie, 2, 3-30.En daar zit niemand op te wachten. Activiteiten zijn dus cruciaal voor een veilig en zinvol detentieklimaat.

Wachtlijsten

Ook de verouderde infrastructuur van de Brusselse gevangenissen is een oud zeer. Daardoor zijn ook de werkomstandigheden voor iedereen lamentabel. De sociaal werkers van justitieel welzijnswerk hebben nauwelijks ruimtes om in te werken. Soms gaan hulpverlenende gesprekken door in de gang. Men beschikt vaak niet over een telefoon of PC. Dat maakt het werk nodeloos gecompliceerd en tijdrovend. `

“Soms gaan hulpverlenende gesprekken door in de gang.”

De overbevolking van de gevangenissen zorgt niet alleen voor samenlevingsproblemen en gebrek aan ruimte. Het zorgt ook voor welzijnsdiensten die niet kunnen voldoen aan het aantal vragen dat gesteld wordt.

Naar aanleiding van onderzoeksbevindingen werd er nochtans geïnvesteerd in een meer toegankelijke justitiële hulp- en dienstverlening.Flore, V., Snacken, S. (2007), Studie m.b.t. het Justitieel Welzijnswerk in het Brusselse Hoofdstedelijk Gewest, Brussel.Maar de middelen volgden niet en dus kon men het aantal aanvragen niet bolwerken. Vandaar de moedeloosheid, frustratie en het grote personeelsverloop.

Buiten de muren

De infrastructuur, vakbondsacties, personeelstekort en overbevolking zijn factoren die het onmogelijk maken om kwalitatieve hulp- en dienstverlening aan te bieden. Die omstandigheden staan een succesvolle re-integratie van gedetineerden in de weg.

Het werk van de externe diensten is niet enkel intern op de gevangenis gericht. Een belangrijk aspect is de link met de buitenwereld. Ook op dat vlak blijft de toegang tot hulp- en dienstverlening erg moeilijk. Wachtlijsten, weinig interesse tot vooroordelen over gedetineerden zorgen voor barrières naast de muur die er letterlijk staat.

Aan het einde van de tunnel

De nieuwe gevangenis van Haren wordt vaak aangehaald als een oplossing voor de vele problemen van de Brusselse gevangenissen. Dit zal inderdaad een oplossing zijn voor de verouderde infrastructuur. Maar een nieuw gebouw alleen kan niet zaligmakend zijn.

Indien men in de gevangenis van Haren wil komen tot een cultuur van samenwerken, dan start men dit proces best vandaag al door alle actoren te betrekken over hoe men de gevangenis wil vorm geven.

“Een nieuw gebouw is niet zaligmakend.”

Dan moet men het ook hebben over de bouwconstructie. Die moet mogelijk maken dat iedereen de eigen opdracht naadloos kan vervullen. Maar zo ver zijn we nog niet, ook niet in Haren. Zo is nog onduidelijk in hoeverre er gespreksruimtes en leslokalen voorzien zijn voor de externe diensten. Om toekomstige problemen te vermijden, moet men bij de bouw rekening houden met de noden van de externe diensten om kwalitatief werk te kunnen verrichten.

Maar men moet ook inzetten op het construeren van samenwerkingsprocessen tussen alle betrokken partijen: directie, beambten, welzijnswerkers… Daarnaast zijn structurele samenwerkingsverbanden met huisvestingsactoren, geestelijke gezondheidszorg en OCMW’s noodzakelijk om de continuïteit van de hulp- en dienstverlening te kunnen verzekeren. Maar vooral om de re-integratie een kans op slagen te geven. Alleen zo laat je mensen niet aan hun lot over.

Terug naar resocialisatie

De laatste jaren focust men tijdens de detentie steeds meer op veiligheid en vergelding en minder op resocialisatie. Dat roer moet omgedraaid worden.

“Het roer moet omgedraaid worden.”

Daarvoor moeten alle bevoegde overheden hun verantwoordelijkheid nemen om de toestand in de Brusselse gevangenissen recht te trekken. Men moet streven naar een detentiecontext waarin de noden van de gedetineerde beantwoord kunnen worden. Dit kan in een cultuur van samenwerken en respect voor elkaars eigenheid. Op korte termijn moet er geïnvesteerd worden in mensen. Besparen of louter wachten op een nieuwe gevangenis is geen optie.

Thema's

armoede, diversiteit, ethiek, gebruiker, geestelijke gezondheid, gezin, gezondheid, handicap, jong, justitie, management, methodiek, onderzoek, opleiding, organisatie van zorg, ouderen, overheid, preventie, sociale professional, vermaatschappelijking, werken, wonen