Verhaal

Levensverhalen zetten mens weer centraal

Els Nolf

Maak kennis met Dioni, André, Christian, Léa, Tung, Fatima en Dimitri. Ze getuigen over hun traject in de zorg en houden sociale professionals een spiegel voor. De verhalen geven de cijfers een gezicht, stellen jargon op de proef en doorbreken vastgeroeste referentiekaders.

© Jan Van Bostraeten

Sleutelmoment

Regisseur Frank Tierens interviewde Brusselaars met erg diverse achtergronden voor de Staten-Generaal Welzijn en Zorg.Deze Staten-Generaal werd georganiseerd door het Kenniscentrum Welzijn, Wonen, Zorg en vond plaats op 15 februari 2019. Het verslagboek kan je hier downloaden.Wat was hun traject in de zorg? Hoe kwamen ze bij de hulpverlening terecht? Welke organisatie of hulpverlener had een hefboomfunctie? Wat was een sleutelmoment?

Ontmoet Dioni. Dioni is zangeres van Braziliaanse van afkomst. Ze vertelt ons over een bijna toevallige ontmoeting ‘die haar leven heeft gered’. Op een bepaald moment na haar aankomst in België zat ze financieel en emotioneel aan de grond. Haar zangcarrière verliep moeilijk, privé had ze problemen en ze vond haar weg niet in het administratief systeem van haar nieuw gastland.

In die periode volgde ze een opleiding. Een attente docente, Anne, zag haar situatie en haar lijden. Ze overtuigde Dioni om naar het OCMW te stappen en er hulp te vragen. Dioni moest haar schaamte overwinnen, maar ze deed het toch. Dit sleutelmoment, die docente die op een juiste manier een snaar raakte bij Dioni, is het begin geweest van het herstel in haar leven. Dioni is er Anne eeuwig dankbaar voor.

Toevallige ontmoeting

Het slagen van een traject lijkt soms af te hangen van de juiste persoon op de juiste plaats’. In zijn sappig Brussels Nederlands zegt André: “Ik ben daar op een sociaal assistent gevallen”. Het klinkt bijna als een toevallige ontmoeting, een rencontre waarbij je je afvraagt wat er zou gebeurd zijn als hij deze sociaal assistent niet had ontmoet op dat moment.

André heeft een voorgeschiedenis in verschillende psychiatrische instellingen. “Ik ben hier goed”, zegt hij over zijn huidige situatie. André werkt bij Atelier Groot Eiland. “Ik ben hier goed, want ik ben te jong om thuis te zitten.”

Van mens tot mens

In deze supercomplexe samenleving is het belangrijk om een plek te hebben waar je terecht kan. Christian is blind geworden na een medische ingreep. Hij is regelmatige bezoeker van het lokaal dienstencentrum Chambéry in Etterbeek. Daar krijgt hij begeleiding van mens tot mens.

‘De mens staat centraal.’

Hij wordt er niet in een hokje gestopt, ook niet in een communautair hokje: het maakt niet uit of hij Nederlands- of Franstalig is. Christian spreekt met een diepe dankbaarheid over ‘les grandes dames de Chambéry’.

De sociale dienst van Etterbeek verwees hem door naar buurthuis Chambéry. Daar werd hij met open armen ontvangen. “Ze lieten me verstaan dat de mens centraal staat”, zegt Christian over het buurthuis. Verder is voor Christian de toegang tot mobiliteit via de vervoersdienst van Chambéry, van essentieel belang voor kwaliteit in zijn leven.

Twee gezichten

Léa is 90-plus, maar springlevend. Na de dood van haar man ging het even niet zo goed. Er werd een paar keer bij haar ingebroken en ze werd meerdere keren overvallen. Haar veiligheidsgevoel was aangetast.

Brussel heeft voor haar twee gezichten. Nu woont ze in een assistentiewoning bij woonzorgcentrum Warlandis in Jette. In de film straalt ze terug. Ze hervond haar autonomie in deze beschermde omgeving. Bovendien kan ze weer volop van haar Brussel genieten door het prachtig uitzicht vanop haar terras.

Hulpverlening is autonomie mogelijk maken

Goede hulpverlening biedt autonomie aan het individu. Het staat niet in contrast met een hulpverlening die erg aanwezig is, integendeel. Het is de toegang tot rechten waarmaken en het is samen de context creëren waarbinnen autonome keuzes kunnen gemaakt worden.

Fatima. Wat is een goed, kwalitatief en autonoom leven voor de cliënten in deze getuigenissen? Fatima heeft een echtscheiding achter de rug en overleefde een periode van tijdelijke thuisloosheid in een opvangtehuis. De dienst begeleid wonen De Lariks bood haar een uitweg uit deze impasse.

‘Ik ben vrij.’

Fatima vat schitterend samen wat dit voor haar betekent: “Ik heb een klein appartementje, een klein keukentje, met een klein maar fijn zithoekje, een klein balkonnetje. En ik heb een toffe begeleidster.”

De materiële basisvoorzieningen zijn er, daarbovenop heeft ze begeleiding. Een persoon die ze duidelijk vertrouwt. Door deze context won ze haar autonomie terug. “Ik ben vrij.”

Zelf keuzes maken

Tung heeft een hobbelige jeugd gehad. Hij vertoonde soms moeilijk gedrag en kon niet volgen op de ‘gewone school’. Tung wil zelf kiezen hoe hij woont. “Ik heb het de eerste jaren heel moeilijk gehad met te aanvaarden dat ik samen met mensen met een handicap moet leven. Maar dan heb ik me herpakt.”

Hij droomt van wonen in Vietnam, het land van zijn ouders. Maar hij is realistisch. Hij beseft dat hij met grenzen moet leren leven en dat het in Vietnam moeilijker zou zijn om te wonen. Het groepswonen bij Zonnelied stelt hem daarentegen in staat om veel vrienden en een lief te hebben.

Als het pad onzeker is

Dimitri is een harde werker. Toen hij net aankwam in België was er geen plaats voor hem in het asielcentrum. Hij was een tijd gedwongen dakloos. Tijdens die periode belandde hij ook in het ziekenhuis, met hoge kosten als gevolg.

‘Dimitri’s toekomst is onzeker.’

De organisatie die hem het best geholpen heeft? Het toenmalige BON, nu het Agentschap integratie en inburgering. Die dienst begeleidde hem anderhalf jaar en leidde hem toe naar vrijwilligerswerk. Dat was meteen een opstap naar meer contacten en zinvolle tijdsbesteding.

Voor Dimitri is de toekomst nog steeds onzeker. De impasse weegt op hem. “Als mijn verblijfsvergunning niet verlengd wordt dan zit ik in dezelfde situatie als 10 jaar geleden.”

Betekenis geven aan cijfers

Getuigenissen, verhalen en portretten geven cijfers en abstracte modellen betekenis. Hulpverleners zien hun cliënten elke dag, maar beleidsmakers komen weinig of niet in contact met diegene over wiens leven ze uiteindelijk beslissen. Ze zijn dus een waardevolle aanvulling op analyses die bestaan uit cijfers en feitelijke gegevens

Getuigenissen stellen sociale professionals op de proef qua taalgebruik. Wij ‘resideren’ als het ware in ons vak waar een eigen cultuur heerst, vakjargon, afkortingen en te behalen resultaten. Soms staan de beleving en de taal van de cliënt haaks op de hulpverlener- of beleidstaal. Getuigenissen zijn een oproep tot meer organisatiebeleid op cliëntenmaat en minder beleid vanuit managementcultuur.

‘Getuigenissen stellen ons op de proef.’

Verhalen van cliënten halen ons uit ons eigen referentiekader. Hoe is het om blind te zijn in Brussel? Hoe is het om een migratie-achtergrond te hebben en je carrière, je familie en je vrienden in je thuisland achter te laten? Of net om te ontdekken hoe rijk aan cultuur en hoe veilig Brussel is? Hoe is het dan weer als oudere om in deze hoofdstad een paar keer overvallen te worden? Het zijn fundamenteel andere kaders, waar je pas achter kunt komen in dialoog met mensen van vlees en bloed.

Compagnon de route

De verschillende getuigenissen laten ons de gemeenschappelijke bouwstenen van een goede hulpverlening zien. Ze spreken over autonomie en vrijheid en over de grenzen daarvan. Ze demonstreren hoe de sociaal werker, de begeleider, het woonzorgcentrum of de organisatie hen hielp door keuzemogelijkheden aan te bieden of context te scheppen waardoor een kwalitatief leven mogelijk terug mogelijk wordt.

De samenleving wordt complexer. Veel cliënten en sociale professionals getuigen over de supercomplexiteit van Brussel. Maar cliënten hebben geen nood aan complexe systemen, aan hokjes of aan te veel regeltjes.

De hulpverlening heeft een belangrijke opdracht om in die supercomplexiteit aanwezig te zijn voor de cliënt. Een hulpverlener geeft als een compagnon de route advies en zoekt mee naar oplossingen.

Laat de verhalen van de cliënten vooral een pleidooi zijn voor een sterk sociaal werk, waar de hulpverlener er op sleutelmomenten kan zijn. Maar ook voor voldoende voorzieningen, zoals betaalbare huisvesting en toegang tot basisrechten. Voor een zorg waar niet het systeem, maar wel de mens en zijn keuzevrijheid centraal staat.

Reacties

We zijn benieuwd naar je mening!

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.