Opinie

Sociaal werk in crisistijd: ‘De lokale overheid heeft belangrijke sleutel in handen’

Jan Smits, Inge Pasteels

Snel na de lockdown gingen in Limburg 220 sociale professionals met elkaar online in gesprek. Wie werkt nog? Waar botsen zij tegen? Zijn er nieuwe dringende noden? En wat kan een lokaal bestuur doen? Opbouwwerker Jan Smits en onderzoeker Inge Pasteels schuiven drie actiepunten naar voor.

lokale overheid

© Unsplash / Marjan Blan

Sociale professionals in gesprek

Covid-19 treft kwetsbare mensen in onze samenleving onontkoombaar: dak- en thuislozen, mensen in armoede, kinderen met een moeilijke thuissituatie, alleenstaanden, ouderen, mensen met een psychische of fysieke kwetsbaarbaarheid, nieuwkomers. Ze voelen de gevolgen van de lockdown zeer scherp.

‘Covid-19 treft kwetsbare mensen in onze samenleving.’

Voor de coronacrisis waren er voor deze groepen verschillende sociale organisaties in de weer. Nu zijn veel van deze ondersteunende diensten deels of volledig weggevallen. Hun deuren zijn toe of ze werken anders dan voor corona. Dat zorgt voor toenemende gevoelens van isolement en angst bij cliënten. Bestaande problematische situaties kunnen escaleren, nieuwe problemen kunnen ontstaan.

Via het platform #SolidarityUnlocked gingen 220 sociale professionals en ervaringsdeskundigen snel na de lockdown met elkaar in gesprek over hun ervaringen met deze buitengewone omstandigheden. Tijdens deze inspirerende gesprekken kwamen heel wat bezorgdheden bovendrijven. Wij stellen drie actiepunten voor als antwoord. Centraal punt: De lokale overheid heeft een belangrijke sleutel in handen.

Beperkte slagkracht

Er bestaat onduidelijkheid over de mate waarin hulpverlening operationeel is of mag zijn. Er is verwarring op het terrein rond bepaalde diensten zoals de hulpverlening aan dak- en thuislozen die onder de verplichte minimale dienstverlening vallen versus nabijheidsdiensten waar vandaag geen wettelijk kader voor bestaat waardoor hun paraatheid onduidelijker is.

Een langdurige afwezigheid van nabijheidsdiensten voor kwetsbare medeburgers is niet wenselijk. Er zijn immers veel dringende sociale problemen die om actie en ingrijpen vragen. Daarom vinden we het belangrijk om selectief en doelgericht de actuele beperkte slagkracht van de meest essentiële nabijheidsdiensten te herbekijken.

Socialresponseteam

Maak van sociaal werkers een vitaal beroep. En zorg dat ze opnieuw, met oog voor de juiste veiligheidsmaatregelen, in contact komen met cliënten. Een duidelijk mandaat is wenselijk. Waarom laten we al die diensten in één bepaalde regio of stad dan ook niet samenwerken in een socialresponseteam?

We kunnen deze samenwerking verankeren binnen de reeds bestaande veiligheidscellen van steden en gemeenten. Deze veiligheidscellen coördineren de reactie van de lokale overheid op deze coronacrisis en zijn nu vooral bezig met volgende kerntaken: lokaal communiceren inzake de nationale coronamaatregelen, met politie toezien op de handhaving van de maatregelen én coronamaatregelen omzetten in specifiek lokaal beleid zoals het sluiten van parken of sportinfrastructuur.

‘Maak van sociaal werkers een vitaal beroep.’

Deze veiligheidscellen aanvullen met een sociale coördinator maakt het voor gemeenten mogelijk om noden van burgers snel en tijdig te herkennen. Steden en gemeenten kunnen dan gepast informeren en aansturen. In de Limburgse gemeente Houthalen-Helchteren loopt al zo’n proefproject.

Veerkacht voor lokaal crisisbeleid

We zien in de samenleving heel wat nieuwe solidaire burgerinitiatieven ontstaan. Dat is mooi.

Maar al die solidariteit mag de aandacht voor sociale professionals die aan de slag blijven, niet verminderen. Samenwerking en coördinatie van al die initiatieven blijft nodig. Bovendien is het wenselijk deze initiatieven te verduurzamen door ‘veerkracht’ structureel in te bouwen in een lokaal beleid.

‘Hoe bouwen we de samenleving opnieuw op? Wat moet prioriteit krijgen?’

Lokale besturen maken best een ‘resilience planning’ op.Er is geen Nederlandse vertaling die de lading volledig dekt. Resilience planning is een term die komt uit de Verenigde Staten waar men met calamiteiten zoals orkanen af te rekenen krijgt.Hoe bouwen we de samenleving opnieuw op? Laten we zo’n plan opbouwen vanuit veerkracht en kleuren door wat professionals, geïnspireerd door de ervaringen van kwetsbare burgers, nu zien gebeuren in gemeenschappen, wijken en buurten? Zo’n plan of scenario kan de komende weken fungeren als kompas, zeker wanneer sociale dienstverlening stapsgewijs terug wordt opgestart. Wat is meest dringend? Wat moet prioriteit krijgen?

Zo’n scenario is meteen een draaiboek voor toekomstige crisissituaties en kan tijdig een aantal kritische vragen belichten: “Wat als er door ziekte te weinig professionele krachten zijn? Hoe kan een gemeente de nieuwe vrijwilligers die er zijn verzamelen in een vrijwilligerspool die meer structureel van aard is?” Op deze manier wordt vanuit deze crisissituatie structureel, preventief en proactief aan een veerkrachtige samenleving gewerkt. Nu en in de toekomst.

Vinger aan de pols

Belangrijk in tijden van crisis is de juistheid van informatie. Net zoals virologen en artsen beslissingen nemen op basis van feiten en cijfers, moeten ook sociale professionals gevoed worden met juiste informatie. Meten is weten, ook in crisistijd.

En er leven veel vragen: Wie is nog aan het werk? Op welke manier? Wat zijn de bezorgdheden? Waar leggen sociale organisaties nu de focus? Wat is de verwachte impact op de situatie van de cliënten? Wie zijn kwetsbare groepen die mogelijks instromen door de coronacrisis? Wat met het algemeen welbevinden van burgers? En wat met de draagkracht van de sociaal werker zelf, hoe worden zij ondersteund?

Een bevraging opgesteld door PXL Social Work Research wil op deze vragen een antwoord bieden. We willen zo snel mogelijk input kunnen leveren aan sociaal werkers en de bevoegde overheden.

Reacties [6]

  • Gaby Jennes

    Ik zie dat de bevraging naar de professionals is gericht. Kunnen ook lokale vrijwilligersorganisaties die vrijwilligers ondersteunen deelnemen.
    De kwaliteit van het vrijwilligerswerk staat of valt met de manier waarop het wordt begeleid.
    Akkoord met de hoofdlijnen in de bijdrage en de rol van de lokale besturen maar hoeveel van de lokale besturen hebben daarvoor aandacht en de nodige competenties in huis.

  • Joris Deleenheer

    Dit artikel schetst verkeerdelijk, het beeld dat de thuislozenopvang van OCMW’s (of CAW’s), slechts beperkt toegankelijk zou zijn. Wat niet strookt met de realiteit op het terrein. Het zijn net die lokale besturen die al dan niet in samenwerking met het CAW, voor oplossingen hebben gezorgd : extra infrastructuur, hotels,….
    De lokale besturen hebben sinds het begin van de coronavirusmaatregelen alle inspanningen gedaan die nodig waren om dak- en thuisloze mensen een veilige opvang te kunnen bieden. Ze hebben hun werking aangepast, op zoek gegaan naar alternatieven, capaciteit zelfs uitgebreid om dak- en thuislozen veilig en volgens de normen van social distancing te kunnen opvangen en indien nodig te kunnen isoleren.

    • Inge Pasteels / Jan Smits

      Beste Joris
      We wezen in onze tekst net op het verschil tussen specifieke diensten die wél tot minimale dienstverlening behoren en hier een mandaat voor hebben, o.a. de dak- en thuislozenzorg, versus andere diensten waarvoor dit mandaat minder duidelijk is. We zijn vragende partij om voor deze laatste diensten de slagkracht selectief en doelgericht te verhogen. Op geen enkel moment willen we de indruk wekken dat de dienstverlening voor dak- en thuislozen niet of niet naar behoren zou functioneren, integendeel.

  • Gerard Van Menxel

    Een verhaal van alle niveaus lijkt me.

  • Lucas Vandendriessche

    Toch bijzonder dat er zoveel opnieuw verwacht wordt van lokale overheden en lokale gemeenschappen in deze! Dat zegt veel over het professioneel niveau van de hogere overheden (nochtans slorpen die het grootste stuk op van ons reeds gigantisch overheidsbeslag…). Je zou immers toch ook van die hogere overheden modellen, structuren, impulsen mogen verwachten in/voor post-Corona tijd. Blijkbaar verwachten we dat niet eens meer?
    Nu verwachten/hopen/denken we dat die 300 Vlaamse gemeenten het heft weer in handen zullen nemen. En dat zullen ze ook doen! Heel kleurrijk en vindingrijk. Maar hoe essentieel en duurzaam… ik heb er mijn vragen bij. Ik mis ook volledig het meso-niveau in dit verhaal. Terwijl in deze Coronacrisis juist dit niveau bewijst het best te werken.

    • Inge Pasteels / Jan Smits

      Beste Lucas
      We beamen dat ook andere niveaus belangrijk zijn. Het lokale niveau ageert altijd in de context van hogere overheden. Daarom biedt de bevraging professionals de kans om good practices en structurele knelpunten te formuleren alsook beleidsaanbevelingen t.a.v. alle overheden. Maar inzake nabijheid ten aanzien van kwetsbare gezinnen zien we opportuniteiten bij het lokale niveau. Het is essentieel dat organisaties die kwetsbare gezinnen al in beeld hadden, via het socialresponseteam paraat kunnen blijven en nu in coronatijden krachten kunnen bundelen. Het socialresponseteam moet moeilijkheden die nu rijzen bij gezinnen of individuen tijdig opmerken en doorspelen naar de relevante organisaties. Het draaiboek dat we voorstellen stelt gemeenten in staat om die good practices vast te houden, ook na de coronacrisis. Het idee van de oprichting van een socialresponseteam vertrekt vanuit het nabijheidsidee en vertrekt daarom van onderuit,wat in crisistijden snelle actie mogelijk maakt.

We zijn benieuwd naar je mening!
Blijf hoffelijk, constructief en respectvol

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.