Opinie

Annelies (20) schreeuwt om hulp: ‘Overgang van jeugd- naar volwassenpsychiatrie is veel te bruusk’

Annelies Praet

Annelies is twintig en vecht al enkele jaren tegen een psychische kwetsbaarheid. Ze wordt daarbij geholpen door professionals maar klaagt aan hoe ze voor de leeuwen werd gegooid zodra ze achttien werd. Op papier is ze volwassen, maar ze is nog niet klaar voor de volwassenpsychiatrie.

Deze foto is illustratief.

© Pexels / SHVETS production

Voor de leeuwen gegooid

Vandaag kruip ik in mijn pen. Ik heb lang getwijfeld of het wel zin heeft, maar ik besloot om het toch te doen. Al is het maar om mensen even een inkijk te geven in onze leefwereld.

Met ‘onze’ bedoel ik wij, de achttienplussers die vechten tegen een psychische kwetsbaarheid. Die voor de leeuwen worden gegooid op hun achttiende verjaardag. Want vanaf dan ziet iedereen ons als ‘volwassen’, ook al zijn we soms helemaal nog niet klaar voor die wereld van de volwassenen.

‘Hulp is zo moeilijk te vinden in ons land.’

Ik schrijf deze tekst terwijl ik wacht tot mijn eerste dag therapie in een afdeling voor jongvolwassenen eindelijk kan starten. Dit is een schreeuw om hulp. Want die hulp is zo moeilijk te vinden in ons land. De wachtlijsten zijn lang. In elke straat woont wel iemand die wacht op de juiste hulp. En laat dat woordje ‘juiste’ nu net heel belangrijk zijn.

Klaar voor de wereld?

Zijn jongeren op de dag van hun achttiende verjaardag klaar voor de grote, enge wereld? Volgens onze geestelijke gezondheidszorg wel.

Kijk bijvoorbeeld naar mij. Op mijn zeventien werd ik opgenomen in de kinder- en jeugdpsychiatrie. Ik bleek een lange behandeling nodig te hebben. Enkele maanden voor mijn verjaardag vroeg ik me plots af: “Wat gebeurt er met mij als ik binnenkort achttien word?”

Het antwoord was duidelijk: de dag voor mijn achttiende verjaardag was mijn ontslagdatum, of ik er nu klaar voor was of niet. Daarna zou ik verder geholpen worden door het volwassenteam. “Het kan niet anders”, zei mijn psychiater met stille stem. Ik merkte dat ook zij het een vervelend antwoord vond.

Pechvogel

Ik verjaar in maart. Als ik pas op het einde van het jaar jarig was geweest, had ik mijn behandeling mooi kunnen afronden in de kinder- en jeugdpsychiatrie. Maar ik ben een pechvogel.

‘Het ontslag kwam voor mij te vroeg.’

Jammer, want misschien hadden enkele extra maanden op de kinder- en jeugdpsychiatrie ervoor gezorgd dat ik wel klaar was voor de stap naar de realiteit. Dat ik bijvoorbeeld verder kon met ambulante therapie. Maar nu kwam het ontslag voor mij te vroeg. Het was een stap achteruit.

Crisis

Spartelend heb ik mij door die periode gesleurd. Tevergeefs ging ik op zoek naar die ene juiste hulpverlener. Maar die vond ik niet en dus probeerde ik zelf overeind te blijven. Enkele maanden geleden belandde ik opnieuw in een crisissituatie. Omwille van mijn leeftijd werd ik automatisch doorgestuurd naar de psychiatrische afdeling van het algemeen ziekenhuis.

Ondertussen ben ik twintig en je zou kunnen zeggen dat ik daar wel hoor. Maar heb je al eens stilgestaan bij het feit dat een twintigjarige een heel andere aanpak nodig heeft dan pakweg een zestigjarige?

‘Heb je al eens stilgestaan bij het feit dat een twintigjarige een heel andere aanpak nodig heeft dan pakweg een zestigjarige?’

Wellicht zijn er twintigjaren die goed varen bij een aanpak voor volwassenen. Maar veel meer leeftijdsgenoten hebben nood aan een aanpak op maat van hun leeftijd. Een aanpak voor jonge mensen die hun weg nog aan het zoeken zijn, die nog niet klaar zijn voor de grote wereld. Een aanpak tussen die van de kinder- en jeugdpsychiatrie en de volwassenpsychiatrie.

Op de wachtlijst

Toen ik zocht naar zo’n afdeling, botste ik op de pijnlijke waarheid dat deze amper bestaan. Toen ik toch iets vond dat er wat op leek, bleek er een aanmeldingsstop te zijn. Na lang zoeken vond ik nog iets. Het ligt niet naast de deur, maar ik besloot om toch mijn kans te wagen.

Aan de telefoon deden ze moeilijk. Ik ben niet van de juiste provincie, dus eigenlijk ben ik niet welkom. Maar ik smeekte om hulp en mag uiteindelijk toch op intakegesprek gaan. Na mijn intake belandde ik op de wachtlijst. Met een beetje geluk kan ik in april starten met mijn opname, acht maanden na de start van mijn zoektocht.

Zwart gat

Mijn verhaal toont dat er een gat zit in ons systeem. Een zwart gat voor de achttienplussers op zoek naar zichzelf. Voor hen is de stap naar de volwassenpsychiatrie te groot, te radicaal en heel angstaanjagend. De overgang is veel te bruusk.

‘Wanneer wordt er werk gemaakt van transitiepsychiatrie?’

Het is tijd om dit te herzien. Misschien kunnen we wat soepeler omgaan met jongeren die wel volwassen zijn op papier, maar zich nog niet volwassen voelen? Is het bijvoorbeeld zo’n ramp om een achttienjarige zijn behandeling te laten afwerken binnen de kinder- en jeugdpsychiatrie?

Er wordt al langer gesproken over de transitiepsychiatrie voor jongvolwassenen. Wanneer wordt hier eens echt werk van gemaakt?

Reacties [5]

  • Levi van Dijk

    Dit is helaas herkenbaar!
    Dit goed regelen is niet zomaar gedaan. Benieuwd wat jongeren nu echt helpt in deze periode. Wens de schrijver veel sterkte en kracht toe.

  • Lex Vorsselmans

    Enkele jaren geleden werd het in de bijzondere jeugdhulp mogelijk langer begeleid te worden, tot en met 24 jaar. En vooral mogelijk te maken dat een goed lopende begeleiding op 18 kan worden verdergezet, omdat velen dan nog te jong zijn om op eigen benen te staan, of om een nieuwe start te maken in de volwassenhulpverlening. Psychiaters weten dat wel. Waarom zo’n nefast systeem niet flexibeler maken? Wat is daarvoor als reden goed genoeg? De getuigenis in dit artikel spreekt voor zich, moedig om dit te brengen!

  • Marieke

    Ik begrijp het helemaal. Toen ik hier achter kwam dat bij het bereiken van de 18 jarige leeftijd ineens andere regels gelden bij jeugdzorg ed, heeft mij dit zeer bevreemd.
    Als ouder zet je je kind ook niet met 18 jaar buiten de deur en mogen ze het verder uitzoeken. En dan zie je ook dat je kind daar niet aan toe is, en een thuisbasis nodig heeft. Die ik met liefde gegeven heb en nog geef.

    En een therapie, of begeleiding zou niet mogen eindigen voordat het doel behaald is, of er geen verbetering met haalbaar is.
    Of een goede overloop naar nieuwe begeleiding rond is.

    Ik wens jou heel veel wijsheid en liefde toe

    Groet
    Marieke Brink

  • Magda Van Gansen

    Er zijn zoveel jongeren die thuis zitten en een groot deel van de dag hun eenzaamheid zitten te verbijten … Ik denk dat een mobiel team met de juiste hulpverleners een wereld van verschil kan maken! Sommige weten de weg niet.

  • stef joos

    Beste lezers,

    In Antwerpen, op initiatief van netwerk Sara, wordt nog dit jaar een mobiel psychiatrisch team opgericht voor jongeren in de transitieleeftijd.

    Bedoeling is jongeren doorheen het doolhof en over de drempels van de hier beschreven bruuske overgang te helpen.

    Het team kan ingeschakeld worden vanuit de jeugdzorg en/of de jeugdpsychiatrie als de behandelaars voorvoelen dat de nood van die aard is dat ze straks moet verdergezet worden in de zorg voor volwassenen.

    Vanaf dan kan het team de jongere begeleiden tot die jongere zich wat thuis weet in de zorg die geboden wordt, waar ook.

    We hopen, vanuit het netwerk, dat deze nieuwe aanpak “werkt” en dat we zo een voorloper kunnen worden van teams overal te lande die op een soortgelijke manier “de brug” willen helpen vormen.

    Stef Joos
    psycholoog
    Mobiel psychiatrisch team Kompaan

We zijn benieuwd naar je mening!
Blijf hoffelijk, constructief en respectvol

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.