Melding van misbruik en geweld

Hulplijn 1712 kan nog verder groeien

Voor de aanpak van misbruik en geweld, werd in 2012 de hulplijn 1712 opgestart. De Centra voor Algemeen Welzijnswerk en Vertrouwenscentra Kindermishandeling bouwden met vallen en opstaan deze lijn uit. Het pionierswerk ligt achter de rug en de hulplijn toont haar meerwaarde. Toch zijn er verbeterpunten.

hulplijn 1712
©Luo Ping / Unsplash

Ambitieus actieplan

Naar aanleiding van het misbruik in de kerk en door zorgverstrekkers besloot de Vlaamse Regering midden 2011 om geweld en misbruik aan te pakken.

Jammer genoeg zijn misbruik en geweld alomtegenwoordig. Dus koos men voor een breed aandachtsterrein: misbruik in gezagsrelaties binnen de kerk, de zorgverlening, de vrije tijd… Maar ook familiaal geweld moest bestreden worden, zowel ten aanzien van volwassen als kinderen.

Van meldpunt naar hulplijn

Het speerpunt van dit initiatief was de oprichting van één meldpunt. Later werd dat herdoopt tot hulplijn omdat de lijn zelf niet beschikt over interventiemogelijkheden.

“Iedereen kan bij de hulplijn terecht.”

Op 12 maart 2012 ging de lijn van start. De omzendbrief van 2011 bepaalde dat iedereen bij de hulplijn terecht kan: slachtoffers, daders en omstaanders. De lijn is er voor volwassenen, kinderen en ouderen en voor alle vormen van misbruik, geweld en kindermishandeling.Vandeurzen, J. (2011), Omzendbrief betreffende de oprichting van een meldpunt “Misbruik, Geweld en Kindermishandeling”, Brussel, Vlaamse Overheid.

Oorspronkelijk bood de lijn enkel telefonische hulp. Later werd daar e-mailhulp aan toegevoegd.

Inbedding evolueert

1712 informeert en adviseert de beller. Is er nood aan verdere hulpverlening of moet politie of parket ingeschakeld worden, dan wordt de melding doorverwezen naar de meest gepaste instantie.

De lijn wordt bemand door medewerkers van de Centra Algemeen Welzijnswerk en Vertrouwenscentra Kindermishandeling. Die samenwerking evolueerde. In het begin werd doorgeschakeld naar zeven lokale lijnen, nu vijf.

“De inbedding wordt zeer verschillend ingevuld.”

De inbedding van de hulplijn in de Centra voor Algemeen Welzijnswerk wordt lokaal zeer verschillend ingevuld. In het ene CAW is er een apart mini-team voor 1712, in het andere CAW gebeurt de opname van de lijn door het onthaalteam.

Veiligheid eerst

De hulplijn vangt heel uiteenlopende meldingen op. Sommige zijn onschuldig, andere zijn verontrustend. In elk geval moet de boodschap voor de beller helder zijn: we zorgen eerst samen voor veiligheid. We laten je niet aan je lot over, maar we stappen ook niet automatisch naar politie zonder dat jij als beller inspraak hebt.

Is de 1712-medewerker verontrust over de melding of schat hij in dat er concreet gevaar is, dan weegt hij dit af in het team. Het moet duidelijk zijn welk mandaat 1712 heeft om al dan niet verder tussen te komen.

“Het mandaat van 1712 moet duidelijk zijn.”

Indien het over kinderen gaat, ziet het vervolgscenario er anders uit dan bij volwassenen. Het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling is een gemandateerde voorziening die kan ingrijpen bij geweld op kinderen. Het Centrum voor Algemeen Welzijnswerk beschikt niet over zo’n mandaat. Hier kan verdere begeleiding en hulpverlening rond het gemelde geweld of misbruik enkel vrijwillig opgestart worden.

Logisch dus dat er stemmen opgaan rond een gemandateerde voorziening voor geweld op volwassenen. Maar daarover is er geen consensus.Degroof, K., Blow, H. en Serrien L. (2013), ‘1712: Meldpunt voor geweld, misbruik en kindermishandeling’, Panopticon, 4, 322-323.Indien ze over voldoende concrete gegevens beschikken, kan het team van de hulplijn beslissen om bij onmiddellijk dreigend gevaar politie of parket te verwittigen. Toch wordt hier in eerste instantie gekeken in de richting van het slachtoffer. Het slachtoffer moet dan gewezen worden op het feit dat geweld geen klachtmisdrijf is. Dat betekent dat vanaf het moment politie en justitie op de hoogte zijn, het verdere verloop niet meer afhangt van het slachtoffer.

Feit is wel dat bij partnergeweld en niet-fysiek geweld nog altijd veel geseponeerd wordt. Begrijpelijk dus dat veel slachtoffers niet voor die weg kiezen.

Eerste aanspreekpunt

Het is goed dat deze hulplijn er is. Partners leren elkaar beter kennen, de expertise groeit. Toch liggen nog belangrijke verbeterpunten op de plank.

“Er liggen nog belangrijke verbeterpunten op de plank.”

1712 moet uitgroeien tot het eerste aanspreekpunt voor alle hulpverlening over geweld. Dat veronderstelt goede samenwerking met alle anderen op het terrein van preventie en aanpak van geweld en misbruik.

En 1712 is niet de enige hulp- of meldlijn. Daarom zijn ook goede afspraken nodig met Tele-Onthaal, Ecoute Violences Conjugales, Nupraatikerover, JAC, Awel, StopItNow

Goed vervolgaanbod

Het is niet voldoende een eerste aanspreekpunt te hebben. Voor alle vormen van geweld en misbruik moet er ook een goed vervolgaanbod zijn. Dat is een verantwoordelijkheid van de overheid, daarbij geflankeerd door de Centra Algemeen Welzijnswerk en de Vertrouwenscentra Kindermishandeling.

Zo zijn vluchthuizen een belangrijke schakel in het hulpaanbod. Daarom moet de hulplijn instroomafspraken maken met de vluchthuizen, maar ook met de centra voor ouderenmisbehandeling, de crisiscentra en de jeugdhulp.

Klantvriendelijker en efficiënter

Ook op vlak van interne organisatie is verdere groei mogelijk. Nu organiseert elke provincie haar eigen lokale hulplijn. Wie belt, moet eerst kiezen in welke provincie hij geholpen wil worden. Dan wordt er doorgeschakeld.

“1712 kan best gecentraliseerd worden.”

Wat er vervolgens gebeurt, hangt af van het lokale organisatiemodel. Soms bemannen hulpverleners van een Centrum Algemeen Welzijnswerk en een Vertrouwenscentrum Kindermishandeling samen de lijn. Soms neemt iemand van het CAW-onthaalteam de lijn op, waarbij wel zichtbaar is dat het een 1712-oproep betreft. Zo kan gepast begroet worden.

Die variatie is niet nodig. De lijn kan best gecentraliseerd worden. De betrokken medewerkers moeten gedetacheerd worden naar één centrale plek. Zo kan men een hechter team vormen, meer specialiseren en flexibeler omgaan met de openingsuren.

Langer open

Ook die openingsuren kunnen nog beter. Nu is de lijn open van maandag tot vrijdag, van 9u tot 17u. Sowieso dient de hulplijn niet om dringende noodgevallen aan te pakken. Er is 112 voor acuut geweld, medische hulp en politie-interventie. En wie enkel wil ventileren of emotionele steun vinden, kan dag en nacht bij Tele-Onthaal terecht.

“De openingsuren kunnen nog beter.”

Toch zijn de openingsuren te beperkt voor een probleem dat zich vaak situeert in de privésfeer. Verschuif de openingsuren van 9u tot 17u naar 14u tot 22u op weekdagen, en breidt later ook uit naar het weekend.

Maak chat mogelijk

De voorgestelde gecentraliseerde werking bestaat uit een team van tien hulpverleners. Die groep moet ook kunnen chatten. Hier is al van in het begin vraag naar, maar de huidige structuur maakt dat men mankracht te kort heeft. Door de medewerkers te poolen, kan het wel. Begin met een uurtje per dag en kijk wat haalbaar is. Zet telkens twee medewerkers aan de chat, weg van de telefoonlijn.

“De hulplijn dient niet voor dringende noodgevallen.”

Bespreek alle chatgesprekken en e-mails achteraf met het volledige team. Maak ook een centraal mailadres bekend, niet iedereen wil via een website mailen.

In de markt zetten

Men moet 1712 ook niet in de markt zetten als een dienst van de overheid. Het is in eerste instantie een lijn voor de gebruiker. De overheid mag hier niet in de spotlights staan. De overheid wordt niet geassocieerd met hulpverlening in vertrouwen. Centra voor Algemeen Welzijnswerk en Vertrouwenscentra Kindermishandeling wel.

“De overheid mag niet in de spotlights staan.”

Daarom moet de overheid de lijn loslaten en ook het communicatiebudget overdragen aan de hulplijn. Qua communicatie kan 1712 nog naar een hoger niveau schakelen. Alle vormen van geweld en alle leeftijdscategorieën moeten op tijd en stond aan bod komen.

Er zijn verschillende instrumenten en momenten om dat waar te maken. Er is de jaarlijkse campagne, maar ook de verscheidene persmomenten naar aanleiding van ‘Dag van …’. Met sociale media kan je inspelen op de actualiteit. Op elk ‘geweld-evenement’ moet 1712 zichtbaar aanwezig zijn met kaartjes, flyers, vlaggen…

Journalisten zijn bevoorrechte partners. Alle medewerkers moeten bij contacten met de pers systematisch vragen om 1712 te vermelden als contactpunt voor de burger met vragen bij geweld. En last but not least: vergeet Brussel en anderstaligen niet in de communicatie.

Ambitieus en complex

1712 is ambitieus. Mensen van alle leeftijden kunnen er terecht voor alle vormen van geweld en misbruik, in alle sectoren en contexten: familiaal, school, sport, kerk, internaten, podiumkunsten… Eén brede hulplijn voor alle vormen van geweld en misbruik.

Bovendien is 1712 er voor iedereen: of je nu slachtoffer bent of familielid of vriend van iemand die geweld meemaakt of je hebt jezelf niet meer in de hand, je mag altijd 1712 bellen.

“Deze hulplijn verdient alle lof en steun.”

De problematiek waarmee 1712 geconfronteerd wordt, is complex. Geweld en misbruik, dader- en slachtofferschap zijn niet altijd zwart-wit verhalen. Zeker bij partnergeweld of familiaal geweld gaat het vaak om wederzijds geweld. Dat begrijpen de 1712 medewerkers, allen geschoolde professionals, bijzonder goed. Deze unieke hulplijn verdient dus alle lof en steun. Maar ook de nodige kritische zin om het elke dag nog beter te doen.

Thema's

armoede, diversiteit, ethiek, gebruiker, geestelijke gezondheid, gezin, gezondheid, handicap, jong, justitie, management, methodiek, onderzoek, opleiding, organisatie van zorg, ouderen, overheid, preventie, sociale professional, vermaatschappelijking, werken, wonen