Kinderen laten betalen voor het woonzorgcentrum van ouders?

Vlaamse Ouderenraad pleit voor beperkte onderhoudsplicht

De ouderenzorg in Vlaanderen staat regelmatig in de belangstelling. PANO maakte een onthutsende reportage over de kwaliteit van private woonzorgcentra. Eerder dit jaar stond de onderhoudsplicht centraal. Moeten kinderen mee betalen voor de zorg van hun ouders?

onderhoudsplicht
© 123RF

Logisch

Dit voorjaar bleek nog maar eens: weinig debatten rond ouderen stellen zich zo scherp als de discussie rond de onderhoudsplicht.

“De onderhoudsplicht is complex.”

Op het eerste zicht lijkt het principe logisch: de meeste ouderen hebben altijd goed voor hun kinderen en kleinkinderen gezorgd. Vervolgens staan die jongere generaties hun ouders of grootouders bij wanneer zij zorg en ondersteuning nodig hebben.

Noem het gerust een sociaal contract, intergenerationele solidariteit of gewoon een stukje menselijke warme binnen de familie. Tot er geld bij komt kijken. Dan wordt het soms wat complexer.

Familie

Allereerst tussen de kinderen onderling. Plots gaat het niet alleen over wie welke mantelzorg opneemt, maar ook over wie hoeveel bijdraagt om de factuur te betalen.

Ook voor de ouderen valt het vaak moeilijk. Niemand wordt er vrolijk van om een ander financieel tot last te zijn, en minst van al wanneer die last valt op je eigen kinderen.

“Het valt vaak moeilijk.”

En de band tussen ouder en kind is niet overal een sprookje. Wanneer het OCMW dan aanklopt met de factuur voor het woonzorgcentrum komen al die spanningen soms scherp aan de oppervlakte.

Maatschappelijke keuze

Tegelijk raakt de discussie over de onderhoudsplicht aan een aantal pertinente maatschappelijke pijnpunten: de kostprijs van kwaliteitsvolle zorg, het niveau van het wettelijke pensioen en de budgetten die de Vlaamse regering investeert om de zorg betaalbaar te houden.

Scherper gesteld: het debat zegt iets over hoe wij als samenleving omgaan met zorgbehoevende ouderen. Centrale vraag: Kiezen we voor maatschappelijke solidariteit of familiale solidariteit? Wie springt bij wanneer de zorg voor een oudere niet betaalbaar is?

De feiten

Wat is de onderhoudsplicht? Als een zorgbehoevende oudere zijn verblijf in het woonzorgcentrum niet (meer) kan betalen, dan komt het OCMW van de gemeente waar men woonde voor de opname tussen.

“Het OCMW kan kosten terugvorderen bij de familie.”

Het OCMW zal op zijn beurt de kosten voor het verblijf terugvorderen bij de familie van de oudere, in het bijzonder bij de kinderen en hun echtgenoten. Optioneel ook bij de kleinkinderen, maar dat is uitzonderlijk. Een stukje wettelijk vastgelegde familiale solidariteit dus, met het OCMW als tussenschakel.

De bedragen die het OCMW kan terugvorderen, zijn wettelijk vastgelegd en variëren volgens het inkomen van de kinderen.

Er zijn echter uitzonderingen mogelijk. OCMW’s kunnen bij elk dossier apart beslissen om de onderhoudsplicht niet toe te passen. Bijvoorbeeld omdat de relatie tussen de oudere en de kinderen heel slecht is, omdat het kind zwaar ziek is of omdat de kinderen zelf een laag inkomen hebben.

Steden en gemeenten kunnen ook beslissen om de onderhoudsplicht over de hele lijn niet toe te passen. Het OCMW neemt dan consequent de kosten voor het tekort op zich. 

Slimmeriken

De onderhoudsplicht is een stok achter de deur om te vermijden dat mensen zich doelbewust verarmen door hun huis en spaargeld aan de kinderen te schenken, om dan vast te stellen dat ze hun verblijf in het woonzorgcentrum niet kunnen betalen.

Ook in de tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden – het zorgbudget voor ouderen met een zorgnood –  zit daar een controle op. Solidariteit moet immers gaan naar de mensen die het effectief nodig hebben, niet naar slimmeriken in successieplanning.

Vijf procent

Het aantal ouderen dat effectief beroep doet op het OCMW voor het betalen van de woonzorgfactuur is beperkt.

“Het aantal ouderen dat beroep doet op het OCMW is beperkt.”

Volgens kamerlid Nahima Lanjri (CD&V) deed tussen 2002 en 2007 slechts 5% van de zorgbehoevende ouderen in de residentiële zorg beroep op het OCMW om de factuur te betalen. Bij de overige 95% volstonden het pensioen, spaargeld en de extra tegemoetkomingen of sprongen de kinderen spontaan bij.

Al moeten we kritisch blijven bij die cijfers. Ten eerste omdat ze hopeloos gedateerd zijn. Ten tweede omdat de kostprijs een van de redenen is waarom veel ouderen aarzelen om naar een woonzorgcentrum te verhuizen. Omdat zij hun kinderen financieel niet tot last willen zijn, blijven ze soms langer thuis wonen dan aangewezen. Omwille van de onderhoudsplicht dus.

Hervorming

Aanleiding voor het heropleven van de felle discussies eerder dit jaar was een recent voorstel vanuit regeringspartij CD&V. Dat voorstel beoogt twee zaken: een aantal inhoudelijke verfijningen aan de onderhoudsplicht en het afschaffen van de keuzevrijheid voor gemeenten om de onderhoudsplicht al dan niet toe te passen.

“Symbolische euro’s voel je net zo hard als echte euro’s.”

De inhoudelijke verfijningen moeten een aantal manke punten uit de wetgeving wegwerken. Zo moet het achterhaalde onderscheid tussen echtgenoten en wettelijk samenwonenden verdwijnen en wil men de benadeling van mensen die enig kind zijn wegwerken. Zij moeten vaak zwaardere kosten dragen.

De indieners van het voorstel willen mensen met een laag inkomen voortaan ook een symbolische bijdrage laten betalen. Hier gaat het voorstel een brug te ver. Mensen in armoede kregen deze legislatuur al verschillende symbolische en minder symbolische bijdrageverhogingen te verduren.

Op het einde van de rit voelen ze symbolische euro’s net zo hard als gewone euro’s. Laat ons daar geen gewoonte van maken.

Iedereen gelijk voor de wet

Het tweede opzet van het wetsvoorstel is het afschaffen van het recht voor gemeenten om de onderhoudsplicht over de hele lijn niet toe te passen. Iedereen gelijk voor de wet.

“De verschillen tussen gemeenten voelen als pure willekeur.”

Dit blijft een punt van discussie. Volgens sommigen draait het om lokale autonomie. Het recht om in een gemeente solidair te zijn met wie zorg nodig heeft maar die niet kan betalen. Volgens anderen is het pure willekeur. De ene Vlaming moet tot honderden euro’s per maand bijdragen, terwijl de andere Vlaming enkele kilometers verderop niets moet bijpassen. Wie neemt dit in overweging bij de keuze van de woonplaats?

Ook binnen de Vlaamse Ouderenraad zijn de meningen over dit laatste punt verdeeld. De meerderheid pleit voor een uniforme regeling. Een minderheidsstandpunt wil de keuzevrijheid voor gemeenten expliciet behouden. Opnieuw: de keuze tussen maatschappelijke solidariteit en familiale solidariteit. En over wie die keuze mag maken.

Hoe verder?

Hoe moet het nu verder met de onderhoudsplicht? De discussie sleept al lang aan. In de politiek lijken weinig mensen happig om hun vingers eraan te verbranden.

Laat duidelijk zijn: voor de Vlaamse Ouderenraad voldoet de huidige wetgeving niet. De onderhoudsplicht is dan wel een stok achter de deur tegen mensen die zich bewust verarmen, maar het feit dat de overheid de ontoereikende financiering van de ouderenzorg doelgericht afwentelt op de familiale solidariteit is niet vanzelfsprekend. Ouderen verdienen beter.

“De huidige wetgeving voldoet niet.”

Tijd voor een genuanceerd standpunt. Daarbij moeten we een onderscheid maken tussen de woon- en de zorgkosten. Als je kiest voor een meer luxueus woonzorgcentrum of vaker beroep doet op diverse supplementaire diensten, dan spreekt het voor zich dat je daar extra voor in de buidel tast.

Principieel zou het vreemd zijn om niet-noodzakelijke kosten af te wentelen op de samenleving. Hier kan de onderhoudsplicht dus spelen.

Ontoereikende middelen

Maar de kosten voor kwaliteitsvolle zorg moeten volgens de Vlaamse Ouderenraad maatschappelijk gefinancierd worden. Zolang de budgetten daarvoor ontoereikend zijn – en dat is een politieke keuze – zitten we hier met een knelpunt.

We hopen dat de Vlaamse Sociale Bescherming op termijn een antwoord kan bieden, zowel via het zorgbudget dat mensen cash ontvangen als via de tussenkomst vanuit de overheid in de prijs die woonzorgcentra aanrekenen. Hoe betaalbaarder de zorg, hoe meer de onderhoudsplicht beperkt kan worden tot individuele, niet-noodzakelijke keuzes. Maar daarvoor is nog een lange weg te gaan.

Dus: behouden die onderhoudsplicht? Ja, maar enkel in beperkte vorm en ingebed in een Vlaamse Sociale Bescherming die mensen echt beschermt tegen de kosten van langdurige zorg.

Thema's

armoede, diversiteit, ethiek, gebruiker, geestelijke gezondheid, gezin, gezondheid, handicap, jong, justitie, management, methodiek, onderzoek, opleiding, organisatie van zorg, ouderen, overheid, preventie, sociale professional, vermaatschappelijking, werken, wonen