Opinie

Help! Mijn kind wil op Facebook

Sociale media en kinderen

Linda Nijst

Sociale media zijn meer en meer aanwezig in het leven van kinderen. Binnen het welzijnsveld is er consensus dat we kinderen moeten begeleiden bij het gebruik van sociale media. Vanuit die gedachte doen sociaal werkers aan mediaopvoeding. Maar zijn gezinnen echt geholpen met dit advies?

Leeftijdsgrens?

Sociale media als Facebook, Snapchat en Instagram hanteren een leeftijdsgrens. Kinderen jonger dan dertien mogen er niet op.

Dat mediagiganten deze leeftijdsgrens opleggen, heeft weinig te maken met pedagogische overwegingen. Het is de Amerikaanse COPPA-wetgeving die verbiedt om gegevens van -13 jarigen te gebruiken voor commerciële doeleinden.

“35% van de Vlaamse 9 tot 12-jarigen zit op Facebook.”

Dit verbod is echter gemakkelijk te omzeilen. In 2014 had liefst 35% van de Vlaamse 9 tot 12-jarigen een profiel op Facebook, soms met en soms zonder medeweten van ouders.Van Waeg, S., Van Hoecke, L., Demeulenaere, A. en D’hanens, K. (2014), Onderzoeksrapport Apestaartjaren 5, Gent, Mediaraven en LINC.

Geloven we wel in ouders?

Uit pedagogische hoek krijgen ouders soms het advies om samen met hun kind een profiel aan te maken, eventueel voordat ze de leeftijdsgrens bereikt hebben. Op die manier vermijden ze dat kinderen achter hun rug een profiel aanmaken. Ouders weten dan wat er gebeurt. Ze kunnen ingrijpen wanneer het dreigt fout te lopen.

Maar wanneer ouders toestaan dat hun kind jonger dan 13 jaar een Facebookprofiel aanmaakt, staan ze ook toe dat kinderen liegen over hun leeftijd, dat ze valse persoonsgegevens verstrekken.

Het gaat er dus niet alleen om of die leeftijdgrens op zich al dan niet pedagogisch noodzakelijk is. Het gaat ook om de normen en waarden die je als ouder of sociale professional meegeeft.

Juridisch is liegen over je leeftijd niet helemaal onschuldig. Het zet de pedagogische ouder-kind relatie van meet af aan onder druk. Als ouder geef je de boodschap dat je mag liegen wanneer dat handiger uitkomt.

Ondermijnen  

En andersom. Als we er toch van uitgaan dat kinderen het achter de rug van hun ouders doen, wat zeggen we dan eigenlijk? Dat wat ouders beslissen er niet toe doet? Op deze manier ondermijnen we ouderschap, eerder dan het te ondersteunen. Daar is geen enkel gezin bij gebaat.

Wanneer we willen dat ouders mediaopvoeding opnemen, dan moeten we ze de boodschap meegeven dat we geloven dat ze dat kunnen.

Europees onderzoek toont bovendien aan dat jong-adolescenten een verbod van ouders niet zomaar naast zich neerleggen.Livingstone, S., O´lafsson, K. en Staksrud, E. (2011), Social networking, age and privacy, London, EU Kids Online, LSE.Hoe jonger het kind, hoe groter de kans dat het zich aan gemaakte afspraken houdt. Het is dus belangrijk om ander advies te verstrekken aan ouders van -13 jarigen, dan aan ouders met oudere kinderen.

Kan pedagogie zonder grenzen?

Professionelen in het mediawijsheidsveld zijn het erover eens dat een actieve mediatie het best is voor een kind. Actieve mediatie wil zeggen dat ouders betrokken zijn en interesse tonen in het mediagebruik van kinderen. Een open en positieve dialoog is belangrijk.

“Toon interesse in het mediagebruik van je kind.”

Restrictieve mediatie komt veel minder goed uit de bus. Wanneer kinderen te veel controle krijgen en te weinig mogen, dan leren ze niet omgaan met media. Ze kunnen onvoldoende gebruik maken van mogelijkheden, ze zien de risico’s niet. Bovendien hebben kinderen die louter restrictief benaderd worden, sterker de neiging om aan de ouderlijke controle te ontsnappen.

Internet maakt geen onderscheid

Restricties kregen een negatieve connotatie. Het is bijna een vies woord. Toch kunnen restricties zinvol zijn en horen ze thuis binnen actieve mediatie.

Het gaat dan vooral om de manier waarop grenzen opgelegd worden. Zijn ze zinvol? Worden ze voldoende verantwoord en besproken met kinderen? Worden alternatieven aangeboden? Wordt er rekening gehouden met de ‘zich nog ontwikkelende capaciteiten’ van het kind?

Het internet maakt geen onderscheid naar leeftijd. Facebook houdt geen rekening met de ‘zich nog ontwikkelende capaciteiten’ van kinderen. Het is aan ouders en opvoeders om daarin te bemiddelen en dat kan aanvankelijk restricties inhouden.

Ouders kunnen die grenzen gradueel versoepelen naarmate kinderen vaardiger worden of bepaalde leeftijdsgrenzen overschrijden.

Geen pleidooi tegen

Zinvolle beperkingen hebben dus zeker een plaats binnen mediaopvoeding. “Wij willen niet dat je online over je leeftijd liegt om een Facebookprofiel te maken”, kan zo’n zinvolle restrictie zijn.

Wanneer je dit aanvult met “Zullen we samen een Ketnet-profiel maken?”, dan geef je een leeftijdsaangepast alternatief en verhoog je de kans dat je kind de getrokken grens respecteert.

Dit is geen pleidooi tegen sociale media, veeleer een pleidooi voor het ondersteunen van ouderschap. Laat ons aan ouders vooral niet zeggen dat hun kinderen toch niet luisteren. Maar laten we ouders uitrusten met inzicht en vaardigheden om actief te kunnen mediëren, in dialoog met kinderen.

Gezinnen rekenen op uw solidariteit

Het internet is fenomenaal. Hoe kan iemand dat overzien? “Het is teveel, het is te groot”, zo zeggen ouders vaak. En ze hebben gelijk. Het is de hele wereld in één klik.

Is het alleen de verantwoordelijkheid van ouders om kinderen daar veilig gebruik van te laten maken? Ouders voelen zich terecht machteloos en sommige ouders geven het al bij voorbaat op. Dat is een spijtige zaak.

Ouders sensibiliseren en ondersteunen is belangrijk. Maar er is meer. We hebben met z’n allen een morele plicht om zorg te dragen voor de veiligheid en leefbaarheid van sociale media.

“Wat we doen, heeft meer effect dan wat we zeggen.”

Sociale media geven ieder van ons een stem, maar gebruiken we die voldoende? Gebruiken we ze bewust, in de wetenschap dat kinderen en jongeren meeluisteren? Sommigen van ons wel, en dat geeft hoop. Kinderen en jongeren hebben rolmodellen nodig. Wat we doen, heeft immers meer effect dan wat we zeggen

Warme oproep

Daarom is dit ook een warme oproep aan het adres van sociaal werkers, opvoedingsondersteuners, opvoeders en andere sociale professionals. Laat je stem en persoonlijkheid klinken op sociale media.

Daarvoor moet je geen internet-genie zijn. Kennis van privacy-instellingen, het besef dat volledige privacy op internet niet bestaat, een portie gezond verstand en respect voor anderen brengen je al een heel eind.

Ook een uitschuiver is het einde van de wereld niet. Hoe we daarmee omgaan, zegt veel over wie we zijn. Daarvan kunnen kinderen en ouders leren.

Een getuigenis ter inspiratie

Het ‘Facebook Vriendschap Manifest’ beschrijft het soort Facebook-vriend dat ik wil zijn: een vriend en ouder die zijn verantwoordelijkheid neemt om van sociale media een plezierige, veilige en vriendelijke plek te maken, ook voor jong-adolescenten.

Het is een kleine steenworp in het water, maar hopelijk deinen de rimpels uit tot een beweging van Facebookgebruikers die hun verantwoordelijkheid opnemen. Laten we samen rolmodellen zijn voor jongeren. Laten we van die alom aanwezig sociale media een plek creëren waar het fijn en veilig vertoeven is, ook voor kinderen. Dat hebben gezinnen echt nodig.

Reacties [%]

  • Suzanne Gerarts

    Eindelijk een handleiding voor ouders, in deze snel veranderende maatschappij waar normen en waarden vervagen. Facebook Vriendschap Manifest is een mooi gegeven, schitterend gevonden!

We zijn benieuwd naar je mening!

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.