Achtergrond

Jongere aan zet in nieuw jeugddelinquentierecht

Lieve Balcaen

Sinds 1 september 2019 heeft Vlaanderen een eigen jeugddelinquentierecht. Nieuw en beloftevol is ‘het positief project’. De jongere stelt zelf voor hoe hij de gevolgen van het delict constructief wil aanpakken.

jeugddelinquentie

© Unsplash / Shuttersnap

Voorstel van de jongere

Repressieve straffen leveren niet altijd de gewenste resultaten. De aandacht voor meer constructieve, herstelrechtelijke oplossingen groeit.

Zo ook in het nieuw Decreet Jeugddelinquentierecht. Herstelbemiddeling behoudt daar een belangrijke plaats. Een bemiddelaar zoekt samen met dader en slachtoffer naar herstelgerichte oplossingen. Maar dat is niet altijd mogelijk, bijvoorbeeld omdat een slachtoffer niet bereid is om in gesprek te gaan.

‘De jongere denkt zelf na over herstel.’

Om in die situatie toch herstelrechtelijk te kunnen werken, is er een nieuwe afhandelingsvorm: het positief project. De jongere doet zelf een voorstel om aan de slag te gaan rond de gevolgen van het gepleegde delict.

De basis van dit positief project is het vertrouwen in de jongere die een delict pleegde. Hij kan zelf de verantwoordelijkheid nemen om dat constructief op te lossen. Dit vertrouwen is niet alleen de hoeksteen van een constructieve reactie op delinquentie, het kan ook een belangrijke werkzame factor zijn.

Vele kansen

De jongere botst bij de maatschappelijke reactie op het delict op heel wat mensen en diensten. Hij komt in contact met de politie, het parket en de jeugdrechtbank. Telkens wordt de kans geboden om een positief project voor te stellen.

Zo kan de advocaat van de jongere al tijdens het politieverhoor met de jongere nadenken om zo’n project te formuleren.

Wanneer de parketmagistraat in een volgende stap de jongere en zijn ouders uitnodigt voor een gesprek, kunnen ze dit positief project meteen voorstellen. Als de jongere hier nog niet over nagedacht heeft, kan de parketmagistraat hem vragen om dit nog te doen. Uiteindelijk is het de jongere die beslist om daar in mee te stappen. Een parketmagistraat kan dus nooit een positief project opleggen of wijzigen. Hij kan het alleen goedkeuren of gemotiveerd weigeren.

Sommige jongeren verschijnen alsnog voor de jeugdrechter, bijvoorbeeld omdat er geen oplossing gevonden wordt op parketniveau. Of omdat de parketmagistraat onmiddellijk de jeugdrechter vordert. Vaak velt de jeugdrechter niet meteen een vonnis, maar kiest hij ervoor om een ‘voorlopige maatregel’ te nemen. In beide gevallen kan gekozen worden voor een positief project.

Hoe vroeger, hoe beter

Hoe vroeger een positief project voorgesteld wordt, hoe beter. Op die manier wordt vermeden dat de jongere verder doordringt in het gerechtelijk systeem. Dit werkt minder stigmatiserend.

De tijd die de jongere besteedt aan de uitvoering van het project is begrensd. Keurt het parket het positief project goed, dan mag de jongere maximaal 30 uur aan de slag gaan. Als de jongere het positief project goed uitvoert, volgt er geen gerechtelijke reactie meer. Het dossier wordt definitief geseponeerd. Als het niet goed werd uitgevoerd, kan het parket de jeugdrechter nog vorderen. Maar dat gebeurt niet altijd: het parket kan ook rekening houden met de omstandigheden waarom het project niet succesvol afgerond werd.

‘Ook de ouders komen in beeld.’

Ook de jeugdrechter moet grenzen respecteren. Is het positief project een voorlopige maatregel, dan mag het maximaal 60 uur omvatten. Is het een vonnis, dan wordt de grens opgetrokken naar 220 uur.

Concrete uitwerking

Staat het licht op groen voor het positief project, dan kan de jongere contact opnemen met een dienst voor herstelgerichte en constructieve afhandeling (HCA-dienst). Die kan hem ondersteunen bij de uitwerking van het project.

De schade van het slachtoffer herstellen, ligt misschien het meest voor de hand. Maar niet alle slachtoffers zijn bereid om hieraan mee te werken.

Ook de ouders komen in beeld. De jongere en de ouders kunnen samen bekijken waar het fout liep. Is er een verslavingsprobleem? Hoe loopt het op school? Zijn er fijne vrienden? Wat kan de jongere doen om zijn leven opnieuw op het goede spoor te krijgen? Al deze thema’s kunnen deel uitmaken van het positief project.

Ook bemiddeling?

Hoe verhoudt het positief project zich ten aanzien van andere gerechtelijke antwoorden op het delict? Dat is nog niet helemaal duidelijk.

‘Het gaat ook over herstel van relaties.’

Zo kan het parket ook een herstelbemiddeling voorstellen. Als beide voorstellen samen gelanceerd worden, kan alvast de bemiddeling starten. Voor het slachtoffer kan het zinvol zijn om zijn mening te geven over de invulling van het positief project. Dat hoeft niet doorslaggevend te zijn. Het blijft het project van de jongere.

Herstel van relaties

De invoering van het positief project versterkt de kans op een herstelrechtelijke aanpak van jongeren die delicten plegen. Naast het materieel herstel gaat het ook om herstel van de relaties. Binnen een herstelbemiddeling krijgt het slachtoffer ook antwoorden op vragen die belangrijk zijn bij verwerking en herstel. Wie is deze jongere? Wie zijn de ouders? Koos de jongere mij bewust uit als slachtoffer?

Een positief project is ook een kans om de relatie tussen de jongeren en zijn ouders onder de loep te nemen. Wat betekenen de feiten voor hen? Wat verwachten ze van hun kind om het vertrouwen te herstellen? Uit de eerste ervaringen van enkele HCA-begeleiders blijkt dit een sterke troef te zijn. Het maakt een gesprek tussen de jongere en zijn ouders mogelijk.

Subjectieve beleving

In een herstelrechtelijke benadering staat de subjectieve beleving van de betrokkenen centraal. Ze kunnen hun eigen ervaringen verwoorden, hun behoeften kenbaar maken en hun interpretaties geven van de feiten.

‘De jongere krijgt de kans om zelf iets te ondernemen.’

De jongere hoort verschillende verhalen over de gevolgen van de gepleegde feiten. Vanuit verschillende hoeken wordt hij aangesproken op zijn verantwoordelijkheid. Hij krijgt de kans om zelf iets te ondernemen in het herstelproces.

Participatieve justitie

Het herstelrecht creëert ook een andere verhouding ten aanzien van de gerechtelijke overheid.

Jongeren en ouders krijgen de kans om te werken aan herstel. Het parket of de jeugdrechter accepteert dit voorstel als een legitieme reactie. Dit participatief karakter van het herstelrecht zorgt ervoor dat de reactie op het delict als juist en rechtvaardig wordt aangevoeld en dus meer geaccepteerd wordt.

Nieuwe stappen

Een herstelproces biedt alle partijen kansen om vanuit vrijwilligheid nieuwe stappen te zetten. Het slachtoffer kiest voor een traject van herstel en verwerking. De jonge dader wordt wat meer ‘een goed mens’ in zijn pogingen om iets goed te maken. En de ouders nemen opnieuw hun taak op als opvoedingsverantwoordelijke van hun zoon of dochter.

Als alles goed gaat, ontstaat er een ruim gedragen verantwoordelijkheid. Het loopt natuurlijk niet altijd zoals verhoopt, maar er is altijd respect voor de vrije keuze van alle betrokkenen. Dit is één van de voorwaarden om verantwoordelijkheid op te nemen.

Tweesporenjustitie vermijden

Is het positief project ook een haalbare kaart voor kwetsbare jongeren die weinig vertrouwen hebben in het gerecht en de hulpverlening? Wat met jongeren die niet kunnen terugvallen op een ondersteunende context?

‘De reactie moet in verhouding staan tot de ernst van het delict.’

Constructieve herstelrechtelijke reacties zoals het positief project mogen niet enkel weggelegd zijn voor de vaardige, goed ondersteunde jongeren. Want dan blijven voor kwetsbare jongeren alleen de minder constructieve, meer repressieve reacties over. Om dat risico van een tweesporenjustitie te vermijden, moeten de advocaat, het parket en de HCA-dienst hun geloof in deze piste uitdrukken ten aanzien van alle jongeren.

Redelijk en evenredig

Een positief project vraagt heel wat inspanningen van de jongere. Die moeten in verhouding staan tot de ernst van het delict. Dat is een aandachtspunt.

Zo is het is niet de bedoeling dat het positief project ingezet wordt voor lichte delicten waarop voorheen geen gerechtelijke reactie volgde. Als een eenvoudige tussenkomst van politie voor alle betrokken partijen voldoende is, dan is er geen reden om naar een positief project te grijpen.

Wordt een buitensporig, onredelijk of onevenwichtig project voorgesteld, dan kan dat te maken hebben met de druk van ouders of de vrees voor een zware sanctie vanwege het parket. De HCA-begeleider en de advocaat spelen hier een belangrijke rol om haalbaarheid en redelijkheid van het voorstel in te schatten.

Niet vanzelfsprekend

Het positief project sluit aan bij de keuze voor een herstelgerichte benadering. Vreemd dus dat het parket ook nieuwe mogelijkheden kreeg die niet binnen die benadering passen. Zo geeft het Vlaams jeugdsanctierecht het parket de mogelijkheid om te seponeren onder specifieke voorwaarden: plaatsverbod, contactverbod, schoolse vorming, een leerproject, ambulante behandeling voor psychische, seksuele of verslavingsproblemen en aanmelden voor jeugdhulp.

Het is nog afwachten welke keuze het parket zal maken. Het is niet evident dat het positief project de voorkeur krijgt. Want de seponering onder voorwaarden vraagt minder inzet en is minder omslachtig.

Tegenwicht voor hardere aanpak

Al doet het positief project misschien anders vermoeden, het nieuwe Vlaamse jeugddelinquentierecht maakt ook hardere sancties mogelijk. Zo werd de maximale duur van leerprojecten en gemeenschapsdiensten opgetrokken.

En vanaf september 2022 kunnen kinderen en adolescenten gedurende lange periodes opgesloten worden. Een twaalfjarige kan veroordeeld worden tot twee jaar opsluiting in een gesloten instelling, een zestienjarige tot zeven jaar opsluiting (Decreet Jeugddelinquentierecht, art. 37§4). Ook de uithandengeving werd behouden.

Het positief project is een buitenbeetje in deze roep naar een straffer sanctiebeleid. Dat maakt haar belang niet minder groot. Het kan een belangrijk tegengewicht bieden, ook voor zwaardere delicten.

Het positief project daagt niet alleen de jongere uit om verantwoordelijkheid te nemen. Het roept ook de gerechtelijke overheid op om te vertrouwen op het herstellend vermogen van de jongere en zijn omgeving. Hopelijk benutten alle betrokkenen die kansen maximaal en zwichten ze niet voor de roep naar een straffer sanctiebeleid.

Reacties

We zijn benieuwd naar je mening!

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.