Achtergrond

De nieuwe professional in zorg en ondersteuning

Generalistische competenties verdienen meer aandacht

Barbara Krekels

De zorg en ondersteuning die burgers krijgen in onze samenleving, moet in de eerste plaats bijdragen aan de kwaliteit van het leven. Een eenvoudige en vanzelfsprekende boodschap, zo lijkt het. Toch stelt de Strategische Adviesraad Welzijn, Gezondheid en Gezin vandaag vast dat zorg en ondersteuning in Vlaanderen nog onvoldoende aansluit bij de behoeften, vragen en doelstellingen van mensen.De Strategische Adviesraad Welzijn, Gezondheid en Gezin hanteert de termen ‘zorg en ondersteuning’ om alle bedrijvigheid onder het beleidsdomein welzijn, gezondheid en gezin te vatten.

Nieuwe professional in zorg en ondersteuning

©amenic181 @123RF Stockfoto

Nieuwe professional in zorg en ondersteuning

©amenic181 @123RF Stockfoto

Sleutelrol

Mensen met een zorgbehoefte ervaren nog geen integrale zorg en ondersteuning zoals de Strategische Adviesraad Welzijn, Gezondheid en Gezin (SAR WGG) dat echt bedoelt. Het dominante biomedisch zorgmodel verhindert dat.

Vlaanderen heeft daarom een fundamenteel ander zorgmodel nodig. Een model dat veel meer inzet op een persoons- en behoeftegerichte benadering, een model van integrale zorg en ondersteuning.Dit model werd in 2012 beschreven in de ‘Visienota Integrale Zorg en Ondersteuning’.

‘Vlaanderen heeft een ander zorgmodel nodig.’

De professional kan een sleutelrol spelen in de verschuiving naar zo’n nieuw zorg- en ondersteuningsmodel. Deze bijdrage schetst een kader dat aangeeft wat de Strategische Adviesraad in de toekomst verwacht van professionals zodat ze integrale zorg en ondersteuning echt waarmaken. Hoe functioneren professionals dan best? Hoe kunnen ze vermaatschappelijking van zorg mee waarmaken?

Kwaliteit van leven

Over onze snel veranderende samenleving en haar impact op de mens werd al veel gepubliceerd. Er zijn de wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen, een arbeidsmarkt die ongeschoolde arbeid uitstoot, wijzigende gezinsstructuren, vergrijzing, een toename van chronische aandoeningen en multi-morbiditeit, een toenemende etnisch-culturele diversiteit, economische ontwikkelingen in de richting van meer marktwerking en commercialisering…

In enkele decennia hebben deze evoluties een onuitwisbare stempel op de westerse samenleving gedrukt, ook op onze normen en waarden. Meest in het oog springend zijn de drang naar autonomie, individuele vrijheid en zelfbeschikking. Paternalisme, zeker ook in de zorg, wordt niet meer aanvaard.

Keerzijde van de medaille is dat de klassieke ondersteuningsnetwerken minder stabiel zijn. We leven met veel onzekerheden. We moeten en willen keuzes maken, maar worden ook verantwoordelijk gehouden voor die keuzes. Niet iedereen is daartegen opgewassen.

Heel wat mensen vinden het moeilijk te leven met onzekerheden en hebben daarbij soms ondersteuning nodig. Tegelijk minimaliseert de individualisering en daarmee samenhangend de idee van eigen verdienste en eigen verantwoordelijkheid ook het inzicht dat mensen sterk bepaald blijven door hun omgeving, door de kansen die ze kregen, door de eigen gezondheid… Het ‘disfunctioneren van de mens’ stelt ons voor nieuwe uitdagingen.

In zijn geheel

Burgers bewegen zich in deze complexe samenleving. Ze zullen vroeg of laat een vraag naar zorg en ondersteuning stellen, voor zichzelf of voor iemand uit hun naaste omgeving.

Deze burgers verwachten een integraal antwoord op hun ondersteuningsvraag. Die integrale zorg en ondersteuning moet bijdragen aan de kwaliteit van leven. Burgers willen, met of ondanks een zorgbehoefte, zo goed mogelijk functioneren in en participeren aan de samenleving.

‘Wat is het leven dat iemand wil leiden?’

Daarom moet zorg en ondersteuning zich richten op de mens in zijn geheel. Dat omvat het lichamelijk, psychisch, sociaal, ecologisch en existentieel functioneren van de mens, het ecobiospychosociaal model.

We vestigen extra aandacht op de existentiële en de ecologische componenten. Bij het bieden van zorg en ondersteuning is de ‘zijnservaring’ van de mens immers essentieel. Wat is het leven dat iemand wil leiden? Hoe wil of kan hij zich daarbij verhouden tot zijn sociale omgeving?

Op zoek naar antwoorden

Niet alleen zorg en ondersteuning, ook andere maatschappelijke systemen als onderwijs zochten antwoorden op de groeiende complexiteit in de samenleving. Ze vonden die deels in een doorgedreven specialsering van het aanbod en in een individuele benadering van problemen.

‘De professional blijft vaak verweesd achter.’

Toch moeten we vandaag vaststellen dat we vastlopen, dat antwoorden van de laatste tientallen jaren niet meer de juiste zijn. Ook de professional in zorg en ondersteuning blijft vaak verweesd achter wanneer de slotsom van alle specialistische inspanningen de kwaliteit van leven van de persoon met zorgbehoefte niet echt verhoogt.

Nieuwe vragen

De evoluties in de samenleving hebben echter ook de vragen en behoeften van burgers sterk veranderd. Dat heeft bijvoorbeeld te maken met de toename van chronische problemen.

Zorg- en ondersteuningsvragen zijn niet altijd hoogtechnologisch complex en acuut. Het zijn vaak vragen over het dagelijkse leven, het huishouden, de opvoeding, stress op het werk, ouder worden, verlieservaring en administratieve problemen.

De complexiteit is hier van een andere orde. De complexiteit zit in de context, in relaties of het gebrek eraan, in het samenbrengen van informele en formele zorg om tot zorg op maat te komen. De complexiteit bestaat er ook in dat de vragen en behoeften zich op verschillende levensdomeinen tegelijk situeren.

‘Er bestaan geen standaardoplossingen.’

Er bestaan voor deze complexe problemen geen standaardoplossingen. De complexe vragen die voor iedere betrokkene specifiek zijn, kunnen meestal niet afdoende beantwoord worden vanuit een specialistische en uni-disciplinaire benadering. Ze hebben nood aan een meer generalistische benadering door professionals die in de context van de persoon samen aan behandelingen of oplossingen op maat werken.

Inzetten op verbinden

De tijdsgeest brengt ons tot de vraag of zorg en ondersteuning best vertrekt vanuit een individualistische benadering als verworvenheid van deze tijd. Of moet zorg en ondersteuning verder gaan en zich meer toeleggen op het verbinden van mensen?

De Strategische Adviesraad is ervan overtuigd dat inzetten op verbinden steeds belangrijker wordt. De mens heeft immers verbinding nodig als voorwaarde voor autonomie en zelfbeschikking, als voorwaarde voor participatie in de samenleving. Autonomie staat dus niet los van verbinding.

‘Verbinding als voorwaarde voor zelfbeschikking.’

Vertrekken van een persoons- of behoeftegericht model betekent niet dat we de solidariteitsmechanismen op het niveau van de samenleving in vraag stellen. De zorg- en ondersteuningsrelatie, die de professional met de persoon met zorgbehoefte aangaat, bestaat immers best binnen een solidair kader dat op het niveau van de samenleving wordt afgesproken.

Dat betekent dat we handelen in de wetenschap dat collectieve bronnen niet onuitputbaar zijn. Ze moeten doelmatig worden ingezet. We zijn ons bewust van de eigen verantwoordelijkheid en van het belang van zorg voor elkaar. Het gaat om het juiste evenwicht. Integrale zorg en ondersteuning is ook een verhaal van kwaliteit van samenleven.

Wat verwachten we dan van de professional?

Al die ontwikkelingen doen nieuwe verwachtingen ontstaan ten aanzien van professionals in zorg en ondersteuning.

“De essentie van professionalisme is dat elk zorg- en ondersteuningssysteem uiteindelijk terug gaat naar de unieke ontmoeting tussen wie zorg en ondersteuning nodig heeft, en wie is toevertrouwd dit aan te leveren. Dit vertrouwen wordt verdiend door een bijzonder mengsel van technische bekwaamheid en een gerichtheid op dienstverlening en presentie, ondersteund door een ethisch engagement en maatschappelijke verantwoordelijkheid.”Frenk, J., e.a. (2010), ‘Health professionals for a new century: transforming education to strengthen health systems in an interdependent world’, The Lancet, 376, 4, 1923-1958.

De elementen die worden genoemd naast ‘technische bekwaamheid’ maken deel uit van een generalistische competentie. Goed technisch of specialistisch geschoold personeel blijft evenwel belangrijk. Een persoon met zorgbehoefte heeft absoluut zorg en ondersteuning nodig die beantwoordt aan de maatschappelijk en wetenschappelijk gestelde kwaliteitseisen. Dat staat buiten kijf. Specialistische zorg is daarin essentieel.

Generalistische competenties

Maar de generalistische competenties die essentieel zijn in het kader van integrale zorg en ondersteuning, worden vaak ten onrechte op het achterplan geschoven. Een generalistische benadering houdt in dat een gevarieerd palet aan invalshoeken en strategieën wordt ingezet waarmee een brede waaier aan niet-gespecificeerde gezondheids- en welzijnsproblemen kunnen aangepakt worden.

Wat verwachten we dan van de professionals in het licht van integrale zorg en ondersteuning? Wat is de essentie van het professioneel handelen waarin deze generalistische competenties plaats vinden?

Het hanteren van ‘kwaliteit van leven’ als inzet van de zorg- en ondersteuningsrelatie brengt een hele verschuiving mee in wat we van professionals verwachten, een verschuiving in de manier waarop ze een zorg- en ondersteuningsrelatie aangaan.

Professioneel handelen

Professionals moeten de zorg- en ondersteuningsbehoefte inschatten vanuit het perspectief van het functioneren van de burger. Dat betekent dat de professional geen enge focus hanteert op de ziekte, beperking of het probleem alleen, maar aandacht heeft voor de impact ervan op het functioneren van de persoon. Niet de oorsprong van de zorgbehoefte is belangrijk, maar wel de vraag wat er kan gedaan worden om zo goed mogelijk te functioneren.

‘Wat is echt belangrijk voor iemand met een zorgbehoefte?’

Daarom moet het perspectief van de persoon met zorgbehoefte meegenomen worden in de zorg- en ondersteuningsrelatie. Wat is echt belangrijk voor de persoon met een zorg- of ondersteuningsbehoefte?

Het moet een grondhouding zijn van elke professional om telkens in overweging te nemen hoe je in de hulpverleningsrelatie staat. Het komt erop aan om vanuit een aandachtig aanwezig zijn te onderzoeken wat je in de relatie tot de ander kan betekenen.

Particpatie

Daarnaast zal de professional vooral informeren, overleggen en de autonomie van het individu respecteren en ondersteunen. De opvatting dat de professional alleen de diagnose stelt of de probleemanalyse maakt, en ‘wel weet wat best is voor de persoon met zorgbehoefte’, wordt niet meer aanvaard.

Mensen willen actief kunnen participeren in een relatie die uitgaat van gelijkwaardigheid en respect voor autonomie. De professional zal samen met de persoon met zorgbehoefte tot de meest gepaste oplossing of behandeling proberen te komen.

‘Mensen willen actief kunnen particperen.’

Een belangrijke kanttekening is dat niet elke burger op ieder moment een actieve participant wil of kan zijn. De professional moet hier oog voor hebben. Zorg en ondersteuning moet altijd op maat zijn. Mensen die meer begeleiding en ondersteuning nodig hebben om tot gelijkwaardige zorg te komen, moeten die ook krijgen.

De professional heeft ook aandacht voor het versterken van participatie en inclusie. Het kunnen opnemen van burgerrollen (ouders, werknemer, buurtbewoner) is immers essentieel voor de kwaliteit van leven. De professional in zorg en ondersteuning moet daarom telkens vertrekken van de vraag hoe iemand zijn eigen zinvolle plek in de samenleving kan opnemen.

De professional speelt een belangrijke rol in het ondersteunen van zelfzorg, het zelfmanagement en het empoweren van de persoon met zorgbehoefte. Professionals zullen er in de toekomst ook steeds meer van uit gaan dat ze de zorg en ondersteuning delen met mantelzorgers en dat het ook hun opdracht is de draagkracht van mantelzorgers mee te ondersteunen.

Structureel werken

Professionals in zorg en ondersteuning zullen niet alleen werken aan problemen van een individu en zijn naaste omgeving, maar ook aan de problemen van de samenleving. Ze dragen bij tot het structureel versterken van sociale cohesie en betrokkenheid op het niveau van de samenleving.

‘Professionals nemen verantwoordelijkheid op.’

Professionals nemen maatschappelijke verantwoordelijkheid op. Dat betekent onder meer dat ze kritisch kunnen staan ten aanzien van het zorg- en ondersteuningssysteem en erover waken dat het aan de voorwaarden van maatschappelijk verantwoorde zorg beantwoordt.

De professional neemt daarbij de signaalfunctie op. Hij kan indien nodig de eigen organisatie overstijgen om mee te werken aan processen die structureel aanpakken wat professionals op individueel vlak proberen te realiseren.

Professionals hebben op de werkvloer steeds meer te maken met diversiteit. Ze moeten kunnen omgaan met diversiteit en dus cultuursensitief en bij uitbreiding sociaaleconomisch sensitief, werken. Ten slotte zal de professional over de nodige digitale en technologische competenties beschikken voor toepassingen die de kwaliteit van zorg en ondersteuning kunnen verbeteren.

Een superprofessional?

Als we al die verwachtingen op een rijtje zetten, ontstaat een zeker ideaalbeeld van een professional in zorg en ondersteuning. Dit als norm nemen zou misschien betekenen dat we naar witte raven op zoek moeten.

‘Zoeken naar witte raven?’

We moeten ons daarom afvragen welk soort professional we willen. Superprofessionals zullen niet het antwoord zijn. Het antwoord ligt in het samenwerken. Daarom is samenwerken de laatste maar essentiële generalistische competentie waarmee we deze bijdrage besluiten. Integrale zorg en ondersteuning bieden kan je enkel in netwerken, samenwerkingsverbanden en in zorg- en ondersteuningsteams.

Professionals werken niet in een vacuüm. Het zou kortzichtig zijn alleen hen verantwoordelijk te stellen voor het realiseren van integrale zorg en ondersteuning. Zowel de arbeidsmarkt, het onderwijs als het beleid hebben de opdracht om via innovatie in de opleiding, de vorming en de tewerkstelling ruimte te creëren voor het bieden van integrale zorg en ondersteuning. Deze bijdrage schetst de inhoud van de visienota ‘Nieuw professionalisme als opgave voor de toekomst’ van de SAR WGG. Het is een eerste spin-off van een langlopend adviestraject. Over de rol van de arbeidsmarkt, onderwijs en beleid zal de Adviesraad zich nog buigen.

Reacties [3]

  • Michel Tirions

    Sterk artikel dat de dingen mooi samenvat. De nadruk op structureel werken, generalisme met toch plaats voor specialisme, de nood aan een normatief-ethische insteek naast de technisch-instrumentele en vooral de nadruk op de verbindende rol van sociale en zorgprofessionals zijn de kernelementen voor het sociaal werk van morgen (vandaag).
    Misschien mocht de maatschappelijke analyse nog wat kritischer, hoewel de reflectie op de ‘participerende burger’ wel een zachte aanzet geeft naar een kritisch perspectief op de vermaatschappelijking zoals die zich vandaag doorzet. Toch straf dat het bio-medische model zo dominant blijft, terwijl het niet meer de antwoorden genereert die nodig zijn. Meer ‘sociaal werk – als -wetenschap’ kan een antwoord bieden. En zoals je terecht aangeeft: professionals werken niet in een vacuüm. Er is een dringende nood aan een innovatieve bocht in beleid, onderwijs en werkveld… liefst geïnspireerd door grassroots praktijken… en door onderzoek… Thanks!

  • Inne Van de Ven

    Vorige week nog aanwezig op een congres in Nederland waar de vraag centraal stond of sociale wijkteams werken. Bijzonder boeiend om de variatie aan praktijken te zien en hun ervaringen te delen. En de vaststelling op het einde van de dag dat – na anderhalf jaar significante ervaring met werken in wijkteams – het dilemma “generalistisch worden of specialisme behouden” geen issue meer is. Consensus dat het de kunst is om het specialistische te integreren in een generalistische context. En dat je die specialisaties zelfs moet koesteren en onderhouden.
    Misschien is kunnen samenwerken en uitgangspunten, invalshoeken, perspectieven en werkwijzen verbinden wel de belangrijkste competentie voor de nieuwe professional?
    Toegegeven, dat vraagt dan allicht om enige/meer bescheidenheid van die gespecialiseerde professionals :) .

  • Birgit Goris

    Het huidige (voornamelijk bio-medische) model waarmee professionals in het algemeen mensen benaderen biedt onvoldoende mogelijkheden op de noodzakelijke holistische, integrale en generalistische aanpak van complexe uitdagingen. Jammer toch dat men vanuit beleid zo weinig kijkt naar de kracht van het sociaal werk daarbinnen. Op het terrein zijn deze ‘sociale’ professionals al sinds jaar en dag de specialist van het generalistische. Alleen treedt de sector en beroepsgroep daar weinig tot niet mee naar buiten en wordt het kleine en gecompliceerde werk te weinig gezien en naar waarde geschat. Nood aan een nieuwe superprofessional? Of nood aan een herwaardering van de huidige sociale (en bescheiden) professional? Die trouwens niet blind of doof is voor belangrijke en noodzakelijke tendensen om netwerken van mensen te betrekken, maar vooral daar ingrijpt waar die netwerken ontbreken of niet sterk genoeg blijken om de lasten mee te dragen.

We zijn benieuwd naar je mening!

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.