Sport als opstap naar werk

Drie verhalen laten zien dat het kan

Kunnen mensen uit kansengroepen via sport en beweging opnieuw werk vinden? In de sociale werkplaats van De Sleutel gelooft men er alvast in. Drie verhalen, uit het leven gegrepen.

sport
© De Sleutel

ESF-project

Via een project van het Europees Sociaal Fonds (ESF) kon de sociale werkplaats van De Sleutel anderhalf jaar lang inzetten op het versterken van competenties bij hun doelgroep.Het ESF-project ‘Competentieontwikkeling via sport en bewegen: een traject naar activering en tewerkstelling’ kaderde in de oproep Innovatie door adaptatie en gebeurde in partnership met Weerwerk, Groep Maatwerk, SST en Sportwerk Vlaanderen. Dit project richt zich niet alleen tot personen met een verslavingsproblematiek, maar tot alle doelgroepmedewerkers uit de sociale economie.Dat deed men via sport en bewegen.

 “Sport is een extra toegangspoort.”

Op de activerende werkvloer worden mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt getraind en gecoacht in een traject naar duurzame tewerkstelling. Vandaag is sport en bewegen verweven met de gangbare methodiek op de activerende werkvloer. Het is een extra toegangspoort waarmee men aan de slag gaat. Uiteindelijk doel is een succesvolle re-integratie.

Draaiboek

Daartoe ontwikkelde men een gebruiksvriendelijk draaiboek.Het draaiboek “Competentieontwikkeling via sport en bewegen: een traject naar activering en tewerkstelling” is te downloaden van de website van De Sleutel.Dat kadert de specifieke doelstellingen en beschrijft de methodiek. Het biedt instrumenten aan en verheldert de organisatorische aanpak. Noodzakelijke samenwerkingen met partners worden verduidelijkt, mogelijke valkuilen en tips aangereikt.

Omdat de methodiek steeds in functie staat van de doelgroepmedewerkers, laten we hen graag zelf aan het woord.Omwille van de privacy gebruiken we fictieve namen.

Kurt

Kurt geraakte op 52-jarige leeftijd verslaafd aan heroïne. “Heel mijn leven heb ik dichtbij het drugsmilieu gestaan”, zegt Kurt. “Mijn broers gebruikten al van jongs af aan, maar ik ben er steeds vanaf gebleven. Uiteindelijk heb ik er toch aan toegegeven en daar heb ik achteraf heel veel spijt van. Ik heb me dan ook op eigen initiatief aangemeld bij de sociale werkplaats van De Sleutel.”

“Als je met een heroïneverslaving kampt, neemt dat je hele dag in beslag. Je bent continu bezig met hoe aan het middel te komen. Hoe geraak ik aan het geld? Bij wie moet ik zijn? Wanneer ga ik het gebruiken? Als je dan afkickt, komt er een zee van tijd vrij want dat valt allemaal weg. Als je daar dan niks tegenover zet, is het heel waarschijnlijk dat je zal hervallen.”

“Sport geeft structuur.”

“Ik ben op zoek gegaan naar een alternatief en voor mij was dat sport. Je begint eraan en na een tijdje begin je je er goed door te voelen. Langzaam stel je jezelf kleine doelen. Vijf minuten aan een stuk lopen. Later optrekken naar tien minuten. Je doet zo verder en merkt dat dit geleidelijk ingebouwd wordt in je manier van leven. Je wilt dat niet meer kwijt. Het geeft een zekere vorm van structuur, een houvast. Op die manier is voor mij de kans op herval kleiner.”

“Ook op het mentale front helpt sport mij. Ik denk er veel helderder door, kan tegenslagen beter plaatsen. Je zoekt ook geen mensen meer op die elke dag twintig pinten drinken en sigaretten roken. Sport helpt dus om dat milieu opzij te schuiven.”

Positieve effecten

In arbeidstrajectbegeleidingen komt het aspect van fysieke fitheid en een gezonde en actieve levensstijl te weinig aan bod. Dit is nochtans essentieel, want de doelgroep komt meestal in fysieke jobs terecht. Bovendien worden de arbeidsloopbanen steeds langer. Het integreren van sport in rehabilitatie kan daarom een belangrijk instrument zijn in de zoektocht naar werk.

“De doelgroep komt meestal in fysieke jobs terecht.”

Uit wetenschappelijke literatuur blijkt dat sport naast het fysieke aspect, ook heel wat positieve effecten heeft op mentaal vlak.Marlier, M., Cardon, G., De Bourdeaudhuij, I. en Willem, A. (2016), Effectiviteit duurzame intersectorale samenwerkingen: case buurtsport, Gent, Universiteit Gent.Deelnemers van het sportproject ervaren het sporten als een andere manier van samenzijn, als een activiteit die hen ontspant en prikkelt, structuur geeft en uitdaagt.

Sport is een uitstekende manier om andere doelgroepmedewerkers op een positieve wijze te leren kennen. Ze hebben een gemeenschappelijk gespreksonderwerp dat niet bedreigend is. De sfeer tijdens de productieactiviteiten verbeterde mondjesmaat. Hierdoor werd het voor de doelgroep aangenamer om te komen werken.

Nieuwe context

Niet enkel de deelnemers varen wel bij de implementatie van sport en bewegen op de werkvloer. Ook de leidinggevenden van de werkplaatsen profiteren hiervan. De ervaring leert dat we moeten afstappen van een klassieke, te verbale manier van werken. Een concrete, doe-gerichte aanpak spreekt de doelgroep wel aan.

“Een doe-gerichte aanpak spreekt aan.”

Sport biedt hen een gloednieuwe context waarin geobserveerd en getraind kan worden. Het werken met waarneembaar gedrag maakt de bespreekbaarheid van competenties heel wat gemakkelijker.

Resultaten

De implementatie van sport binnen de werking bracht heel wat objectief te meten resultaten met zich mee. Zo werd de doorstroommogelijkheid naar werk positief beïnvloed. Alle deelnemers gaven aan dat ze zich fitter voelden na het tien weken durend individueel sportprogramma. Een grote meerderheid gaf aan dat ze hierdoor beter in staat zijn om te gaan werken en dat hun toekomstige kansen op werk verhogen.

Het merendeel gaf aan liever te komen werken wanneer een sportactiviteit ingepland stond. Het ziekteverzuim verminderde na de implementatie van sport op de werkvloer.

 “Het ziekteverzuim vermindert.”

Het verwerven van een actieve levensstijl is een ander domein waarop we een gunstige evolutie merken. Zo behaalden de deelnemers tijdens het project de fitheidsnorm, waarbij men minimum drie keer per week een half uur moet sporten. Terwijl ze voor de aanvang van het project ruim onvoldoende scoorden.

De vergelijking van de conditietest voor en na leert dat er een grote vooruitgang in lichamelijke conditie geboekt werd. Bovendien lijkt sport ook een gunstige invloed te hebben op het psychisch welzijn.De resultaten geven een lichte stijging van de positieve gevoelens en een lichte daling van de negatieve gevoelens weer. Die informatie interpreteren is echter moeilijk omdat er zeer veel andere factoren het resultaat kunnen beïnvloeden.

Deriha

De 28-jarige Deriha vertelt: “Voor ik begon op de activerende werkvloer, was ik met de therapeutische gemeenschap al veel bezig met sport. Ik zag dan ook het belang in van sportactiviteiten in groep om mensen beter te leren kennen en hechtere banden te smeden. Dat ze ook competentieversterkend kunnen werken, daar was ik niet zo mee bezig.”

“Bij de opstart op de werkvloer ondervond ik dat ik niet altijd genoeg zelfvertrouwen had om me te smijten in de groepssport. Ik had af en toe moeite om mijn frustraties te ventileren en liep dikwijls onrustig rond. Via het individuele loopprogramma merkte ik dat ik serieuze stappen vooruit zette wat betreft m’n zelfvertrouwen. Gaandeweg beleefde ik ook meer plezier aan de groepsactiviteiten.”

 “Sport prikkelt je doorzettingsvermogen.”

“Ondertussen heb ik al een hele weg afgelegd. Ik heb net een contract ondertekend binnen de sociale werkplaats. Nu ik er op terugkijk, merk ik dat de sportlessen een grote invloed hadden om dit te bereiken. Sommige competenties zijn volgens mij veel gemakkelijker te bereiken in zo’n sportcontext.”

“Neem nu het aspect doorzetting. Op de werkvloer volstaat het om mijn verstand op nul te zetten en door te gaan tot we naar huis mogen. Dat kost mij niet veel moeite. De sportlessen laten dit niet toe. Je doorzettingsvermogen wordt er mentaal en fysiek zo door geprikkeld dat je daar heel actief mee bezig bent. Je kunt er zelfs vooruitgang in boeken. Mijn voorstel? Breid de sportactiviteiten uit naar verschillende momenten in plaats van één keer per week!”

Vertaalslag

Wie in een sportcontext aan de slag wil gaan met arbeidscompetenties en -attitudes moet deze vertalen naar de specifieke sportsituatie. Dat deed men in De Sleutel met vijf attitudes en elf competenties. Deze werden ook in het draaiboek uitgewerkt. Organisaties die werken met andere competenties, kunnen die op een gelijkaardige manier vertalen.

Men vertrekt dus van de competentie of attitude waaraan men wil werken. Die wordt het lesdoel waaraan een volledige sportles opgebouwd wordt. Het draaiboek voorziet per attitude of competentie verschillende werkvormen, leermiddelen en rollen met bewegings- en sociale taken. Hierbij wordt rekening gehouden met de beschikbare expertise en het niveau en de interesse van de sportbeoefenaars.

Deze manier van werken laat de organisatie toe om met een gekwalificeerde, externe lesgever te werken. Naast de lesgever voorziet men ook een observator, die achteraf instaat voor de nodige terugkoppeling naar de sportbeoefenaar.

Stefaan

“Het is ongeveer drie maanden geleden dat ik aan de slag ging op de activerende werkvloer”, zegt Stefaan. “Daarvoor had ik al een heleboel verschillende jobs gedaan. Uiteindelijk heeft mijn druggebruik me de das omgedaan.”

“Lopen maakt mijn hoofd helemaal leeg.”

“Via de sociale werkplaats wou ik heel voorzichtig stappen zetten in de richting van een betaalde job. Ik wou weer ervaren hoe het is om nuchter te werken. Ik was aangenaam verrast toen ik door de sportmedewerker aangesproken werd. Vroeger heb ik lange tijd gevoetbald. Mettertijd beperkte zich dat tot het volgen op de televisie.”

“De conditietest was voor mij een echte eyeopener. Ik wist van mezelf dat ik veel te zwaar stond. En twintig sigaretten per dag doen er ook geen goed aan. Dat ik de test niet volledig kon uitdoen, stootte me wel tegen de borst. Mijn mindere conditie gaf me ook een vervelend gevoel bij de groepsporten. Na elke serieuze inspanning stond ik aan de kant uit te hijgen.”

“Ik wilde dat aanpakken met een ‘start to run’ schema. Ik was daar vroeger al eens mee gestart. Ik voelde me daar toen heel goed door, maar stopte omdat het een heel saaie looplocatie was. De voordelen van sport, die ik vroeger ervaren had, kwamen snel weer terug. Lopen is voor mij echt een moment om mijn hoofd eens helemaal leeg te maken. Ook qua fitheid maakte ik snel vorderingen. Bij de start kon ik nog geen minuut lopen volhouden, nu loop ik een half uur aan één stuk. Dat de tweede conditietest uitwees dat mijn conditie een grote sprong voorwaarts gemaakt heeft, was de kers op de taart.”

“Onlangs ben ik op de werkvloer doorgestroomd. In plaats van elke dag op de activerende werkvloer te staan, ga ik nu mee met de ploeg renovatie. Hard labeur, waarbij ik soms nog op mijn adem trap, maar wel meer haalbaar dan drie maanden geleden. Ik sta ’s morgens gewoon veel fitter op en let meer op mijn eten. Ondertussen stap ik overal naartoe en ben ik al heel wat kilo’s kwijt. Ik zou het jammer vinden om opnieuw aan te dikken, want nu weet ik wat ik ervoor heb moeten doen om die kilo’s weg te krijgen. Maar dat is nog maar het begin. Binnenkort komt de zomer eraan en zorg ik ervoor dat ik er weer topfit uitzie.”

Doelgroep centraal

Er bestaan heel wat initiatieven die de combinatie van sport en tewerkstelling maken. Vaak voor één specifiek onderdeel of aspect van de begeleiding. De Sleutel gaat uit van een holistische benadering van sport in de trajectbegeleiding, met een vertaalslag van competenties naar groepsactiviteiten. Daarbij wordt ook de focus gelegd op fitheid in het kader van arbeidsbegeleiding.

“De deelnemer kan zelf doelen bepalen.”

Veel vergelijkbare organisaties geven aan dat sport bij hen ‘niet pakt’. Er is wel een aanbod, maar geen interesse. Daarom staat in deze methodiek de doelgroepmedewerker centraal. Er wordt zoveel mogelijk ingespeeld op de intrinsieke motivatie om te komen tot meer bewegen en sport. De deelnemer kan en moet zelf zijn doelen bepalen en beweegt zich zo letterlijk én figuurlijk naar een actievere levensstijl.

Implementatie

Het draaiboek moet zorgen voor een vlotte implementatie van deze manier van werken in andere organisaties. Dit vraagt een grote flexibiliteit, want elke organisatie heeft zijn eigen specifieke werking en aandachtspunten. Hieraan komt het draaiboek tegemoet door in te zoomen op de noodzakelijke organisatorische voorwaarden.

Het kaart aan welke middelen men moet voorzien, welke functieprofielen nodig zijn en welke partners men kan aanspreken om de sportwerking tot een succes uit te bouwen. Alle interventies die nodig zijn om deze sportmethodiek uit te rollen, worden besproken. Met concrete en gebruiksvriendelijke instrumenten.

Het draaiboek geeft niet enkel het afgewerkt product weer, maar schetst ook de weg die De Sleutel afgelegde om sport structureel te verankeren binnen een bestaande werking. Een leerrijk proces, waaraan andere organisaties zich kunnen spiegelen.

Thema's

armoede, diversiteit, ethiek, gebruiker, geestelijke gezondheid, gezin, gezondheid, handicap, jong, justitie, management, methodiek, onderzoek, opleiding, organisatie van zorg, ouderen, overheid, preventie, sociale professional, vermaatschappelijking, werken, wonen