Verhaal

Tineke is de psychiatrie dankbaar: ‘Als ik het niet meer aankon, namen de hulpverleners het van me over’

Tineke van Keulen

De psychiatrie wordt dikwijls in een slecht daglicht gezet. Tineke van Keulen herkent zich niet in alle negatieve verhalen. Ze heeft een bipolaire kwetsbaarheid en ging daardoor al meermaals in opname. “Daar waar ik het geloof in betere tijden verloor, bleef de hulpverlening wel in mij geloven.” 

Pexels/ Sally Kiknadze

Negatieve berichtgeving

Het regent klachten over de hulpverlening in de psychiatrie. Je leest voornamelijk berichten over hulpverlening die tekortschiet, over schrijnende situaties van dwang en fixatie en getuigenissen over psychisch ondraaglijk lijden. Kortom, er wordt geen fraai en hoopvol beeld geschetst over de psychiatrie.  

Veel mensen vinden dankzij hulpverleners de weg naar herstel.’ 

De hulpverlening schiet inderdaad soms tekort, vaak door het gebrek aan middelen. Het systeem faalt regelmatig, maar ik voel de sterke drang om in te gaan tegen al die negativiteit. Er zijn zeker wel mensen die de juiste ondersteuning vinden in de psychiatrie, en die dankzij een heleboel hulpverleners een weg naar herstel en beterschap vinden. Mensen zoals ik.  

Persoonlijk traject 

In 1998 kwam ik voor het eerst in aanraking met de psychiatrie, en tien jaar later kreeg ik de diagnose van bipolaire kwetsbaarheid. Een kwetsbaarheid die me lang parten heeft gespeeld. De stemmingswisselingen die met mijn bipolariteit gepaard gaan, de hoge pieken en diepe dalen, terroriseerden mijn leven. Ze schoten alle richtingen uit.  

‘De hoge pieken en diepe dalen terroriseerden mijn leven.’ 

Als ik in een manie zat, voelde ik me euforisch en was ik de koningin te rijk. Dan zat ik in een constante rush, nam geen blad voor de mond en zocht conflicten op. In een depressieve periode zakte ik weg in een diep dal, waar de depressie lonkte. Daar nam de melancholie me helemaal in beslag. Ik kampte met donkere gedachten die me de goesting om te leven benamen. Het leven was te veel.  

De ommekeer 

In de manische periodes brachten hulpverleners me dikwijls naar de isolatiekamer. Daar heb ik me toen hevig tegen verzet, maar ik werd alsnog opgesloten. Nadien realiseerde ik me dat ze die maatregel namen zodat ik mijn rust zou vinden. Ik vond mezelf terug door de ruimte die ik letterlijk en figuurlijk kreeg. Ik werd weggehaald van mijn omgeving en alle verplichtingen en zorgen. Ik leerde vertragen en uit handen geven. Als ik het niet meer aankon, dan namen de hulpverleners het van me over. Hun aanwezigheid dag en nacht schepte een veilige haven in tijden van veel angsten en zorgen. En dat stelde me, op het moment dat ik het zelf verloor, gerust. 

‘De isolatiekamer gaf me de ruimte om rust te vinden.’ 

Naast de vele gesprekken hebben ook andere hulpmiddelen me leren omgaan met mijn kwetsbaarheid, zoals beweging, creatieve therapieën, psycho-educatie en het opnieuw vinden van structuur. Samen met het team stelde ik ook een signaliseringsplan op dat een houvast biedt als ik in een crisis zit. En niet te vergeten: de juiste medicatie, die ik voor altijd zal moeten blijven innemen. Daarbovenop was een gezonde dosis geluk ook een factor.  

Dankbaarheid  

Ik had een groot vangnet van hulpverleners die me mee aan boord brachten om samen toe te werken naar herstel. Ze gaven me zinvolle reflecties mee en ontdekten samen met mij mijn krachten. Daar waar ik het geloof in betere tijden verloor, bleef de hulpverlening wel in mij geloven. Mijn zorgdragers waren betrokken, toonden empathie en zochten tijdens hun zorg de verbinding met mij op. Hun geduld, hoop en ondersteuning hebben de basis van mijn herstel gevormd. 

Soms lukt het me niet alleen, en is extra hulp aangewezen.’ 

Ik heb ondertussen mijn weg gevonden, hetzij met enkele omwegen. Ik ben hersteld, maar niet genezen. Mijn aandoening is chronisch en mijn stemmingswisselingen blijven dus een aandachtspunt. Ik blijf functioneren omdat ik maandelijks naar de psychiater en psycholoog ga. Ik heb geleerd om goed voor mezelf te zorgen. Soms lukt het me niet alleen, en is extra hulp aangewezen. Dan klinkt mijn hulpvraag weer wat luider en moet ik in opname gaan om mezelf weer terug te vinden. Zo belandde ik in 2023 opnieuw in de psychiatrie. Ik kreeg er alle tijd om tot bepaalde inzichten te komen die ik vandaag nog steeds met me meedraag.  

Anderen helpen 

Ondertussen ben ik aan de slag als verpleegkundige binnen beschut wonen. Ik begeleid cliënten met een langdurige psychiatrische problematiek aan huis. Daarbij ga ik uit van de kracht van de cliënt. Dan gaan we samen aan de slag om hen langzaamaan weer te integreren in de maatschappij, mét hun kwetsbaarheden. We zoeken naar een unieke, aangepaste vorm van herstel waarbij ik als begeleiding langs de zijlijn supporter en te hulp schiet wanneer mijn cliënt dat aangeeft. Mijn collega’s en ik zetten ons elke dag in om hen te helpen een zo gezond en tevreden mogelijk leven te laten leiden.  

‘Ik weet hoe het is om ziek te zijn, ik weet wat ze doormaken.’ 

Mijn opleiding als verpleegkundige en mijn eigen ervaring vormen een goede basis om mensen met een kwetsbaarheid te begeleiden. Ik weet hoe het is om ziek te zijn, ik weet wat ze doormaken. Maar iedereen is anders, en wat voor de ene helpt zal voor de ander misschien niet werken. Ik geloof dat we allemaal onze kwetsbaarheden hebben en het is vaak een uitdaging om de juiste zorg te verlenen. Werken met mensen vraagt veel tijd en flexibiliteit. Tegelijkertijd geeft het onnoemelijk veel voldoening om iets te kunnen betekenen voor een ander.  

 

Ik ben zelf geholpen door fantastische hulpverleners en ik ben enorm dankbaar voor de hulp van de psychiatrie die ik heb mogen ontvangen. Op mijn beurt werk ik met veel enthousiasme aan een wereld waarin ieder van ons een plekje mag vinden.  

Reacties [3]

  • Katleen Van Cauwenberg

    Welke psychiatrie ben jij behandeld?

  • Veerle

    Diepe zucht. Wiens brood men eet, diens woord men spreekt? Een beetje erkenning voor schade opgelopen in isolatiecellen zou zeer welkom zijn. En ja, uiteraard werken er goede mensen in de zorg. Maar er zijn helaas ook wantoestanden, en die worden maar al te vaak onder de mat geveegd. En geloof me: het ontkennen ervan doet bijna meer pijn dan de wantoestanden zelf. Een genuanceerd standpunt kan je nalezen in mijn boek ‘Een tijd tussen al mijn tijden. Perikelen in de psychiatrie’.

    • Greta Willems

      Gelijklopend…Ben een gepensioneerd verpleegkundige.Na 9 jaar in de psychiatrie te werken in een diepe depressie gezakt.Psychiaters proberen alle depresiva die er bestaan.Na 2x een psychiatrische opname werd lithiumterapie opgestart.De grote schommelingen werden afgevlakt.Helaas na 40j moeten stoppen voor mijn nierfunctie…Nu verder zonder medicatie anders nierdialyse???

We zijn benieuwd naar je mening!
Blijf hoffelijk, constructief en respectvol

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.