Verhaal

Crisisopvang op de boerderij: ‘Tussen de patatten praten mensen gemakkelijker’

Sandra Gasten

Op een zorgboerderij in Boechout krijgen dak- en thuislozen, mensen met verslavingsproblemen en gasten met psychische kwetsbaarheden een kans om hun leven weer op de rails te krijgen. Tussen de sla, spinazie en wijnranken groeien hier zelfvertrouwen, structuur en hoop.

Zorgboer Ilja Holemans.

© ID / Sebastiaan Franco

Sociaal tuinieren

De middagzon staat boven de velden en af en toe valt er een regenbui wanneer we zorgboerderij KINA in het landelijke Boechout bezoeken. Zorgboer Ilja Holemans schrijft op een bord de planning voor volgende week. Wie helpt maandag bij het wieden van het onkruid? Wie gaat welke bedden controleren en wie gaat de groenten oogsten voor het winkeltje?

‘Op de zorgboerderij krijgen mensen de tijd om te versterken.’

Even verderop is zorggast Deborah al aan het werk. “Ik hou van de natuur en werk graag buiten”, zegt ze. “Dat geeft rust. Bovendien zijn de mensen hier ontzettend vriendelijk. Je hebt sociaal contact wanneer je dat wilt, maar het wordt nooit te veel. En er is structuur, wat belangrijk is.”

Op deze zorgboerderij gaat het om veel meer dan tuinieren. Wat voor wandelaars en fietsers oogt als een typische Vlaamse hoeve, is een bijzonder sociaal project.

Tien zorggasten verblijven hier tijdelijk samen terwijl ze werken aan een nieuwe toekomst. Sommigen zijn dak- of thuisloos geworden, anderen kampen met psychische problemen, relationele moeilijkheden of verslaving. Op de zorgboerderij krijgen ze de tijd om te versterken en weer aansluiting te vinden bij de maatschappij.

Ontstaan uit crisisopvang

De zorgboerderij is een initiatief van welzijnsvereniging KINA. Die bestaat al meer dan veertig jaar en biedt bovenlokale ondersteuning aan 25 OCMW’s uit het arrondissement Antwerpen.

De organisatie is vooral bekend van haar crisisopvang in Malle, waar mensen voor een korte periode in het hotel terechtkunnen wanneer ze plots dak- of thuisloos worden na een huisbrand, relationele breuk, financiële problemen of andere crisissituaties. In Malle zitten ook de administratieve diensten van de welzijnsvereniging.

Maar doorheen de jaren merkten de medewerkers dat niet iedereen geholpen was met een kort verblijf in een crisisopvang. “De wachtlijsten in de reguliere hulpverlening worden langer en betaalbare huisvesting zoeken wordt moeilijker”, vertelt algemeen directeur Inse Hendrickx.

‘De klassieke crisisopvang is eerder een woelige en drukke omgeving.’

“Dat bemoeilijkt de doorstroming, waardoor mensen langer in crisissituaties blijven hangen”, zegt directeur dienstverlening Marieke Van Wichelen. “We zagen ook dat een aantal personen meer tijd nodig hadden om hun leven weer op te bouwen.”

“De klassieke crisisopvang is eerder een woelige en drukke omgeving, waar mensen in een acute crisis 7 op 24 terecht kunnen”, zegt ze. “Sommige mensen hebben nood aan een plek waar rust centraal staat, waar ze een dagritme kunnen opbouwen en waar er ruimte is om aan zichzelf te werken.”

Zorggast Deborah: “Ik hou van de natuur en werk graag buiten. Bovendien zijn de mensen hier ontzettend vriendelijk. Je hebt sociaal contact wanneer je dat wilt, maar het wordt nooit te veel.”

© ID / Sebastiaan Franco

Historische landschapshoeve

Die vaststellingen vormden de kiem voor dit project. KINA kocht in 2012 een historische landschapshoeve, waarvan de geschiedenis teruggaat tot de 18de eeuw. Na een grondige restauratie werd de site omgevormd tot een volwaardige zorgboerderij. In 2021 arriveerde de eerste zorggast.

Elke zorggast beschikt over een eigen kamer. Daarnaast zijn er gemeenschappelijke ruimtes zoals het sanitair, de keuken, een multifunctionele zaal, een ontmoetingsplek in de tuin rond een kampvuur en het weiland waar dagelijks wordt inzet op groente- en fruitteelt. Er is ook een conciërgekoppel dat ’s avonds, ’s nachts en in het weekend het aanspreekpunt is.

Natuur als therapie

De zorgboerderij draait niet alleen om begeleiding, maar ook om dagbesteding. De landbouwactiviteiten vormen een belangrijk deel van het herstelproces. “Elke ochtend start met een briefing. Daarna krijgt elke zorggast een planning op maat”, legt Marieke Van Wichelen uit.

‘Mensen komen hier opnieuw tot rust, iets wat velen al een lange tijd niet meer hebben gekend.’

Sommigen werken een paar uur op het veld, anderen een halve of volledige dag. Daarnaast is er ruimte voor afspraken met onze zorgcoördinator en met psychologen, dokters of maatschappelijk werkers.

“Veel van onze zorggasten zijn echte experts in overleven geworden”, zegt Marieke. “Ze hebben vaak jarenlang van crisis naar crisis geleefd. Ze hebben nood aan een intensief begeleidingstraject om hun leven weer op de rails te krijgen. We geven hen hier de tijd om sterker te worden.”

De natuur speelt daarbij een grote rol. Volgens Marieke sluit het project aan bij het concept van ‘natuur op voorschrift’, waarbij de positieve effecten van groen op de fysieke en mentale gezondheid wetenschappelijk bewezen zijn.

“Je ziet het soms letterlijk gebeuren”, zegt ze. “Mensen worden fysiek sterker, vallen wat af, slapen beter en ervaren minder stress. Maar vooral mentaal merken we grote veranderingen. Mensen komen opnieuw tot rust, iets wat velen al een lange tijd niet meer hebben gekend.”

KINA kocht in 2012 een historische landschapshoeve, waarvan de geschiedenis teruggaat tot de 18de eeuw.

© ID / Sebastiaan Franco

Praten tussen de patatten

Voor de dagelijkse werking op het veld is zorgboer Ilja Holemans verantwoordelijk. Hij is maatschappelijk werker, maar ging zich gaandeweg meer verdiepen in land- en tuinbouw. Voor de planning houdt hij rekening met de mogelijkheden van elke zorggast. Niet iedereen kan hetzelfde tempo aan.

“De groenten zijn een middel, geen doel op zich”, legt hij uit. “Wat we hier proberen te doen, is een zinvolle dagbesteding creëren. Mensen leren afspraken nakomen, samenwerken en verantwoordelijkheid opnemen.”

Dat gebeurt vaak op een natuurlijke manier. “Tijdens het werk ontstaan de gesprekken vanzelf”, zegt hij. “Tussen de patatten praten mensen gemakkelijker dan tegenover een therapeut in een stoel. Terwijl ze samen bezig zijn, vertellen ze op een spontane manier wat hen bezighoudt.”

‘Tussen de patatten praten mensen gemakkelijker dan tegenover een therapeut in een stoel.’

Opvallend is dat vrijwel alles met de hand gebeurt. “We kiezen ervoor om zo weinig mogelijk machines te gebruiken”, zegt Ilja. “Mensen moeten met hun handen in de grond zitten. Dat contact met de natuur heeft een meerwaarde.”

Boerderijwinkeltje

Ook het tastbare resultaat van het werk blijkt belangrijk. “Mensen zien hier letterlijk iets groeien”, zegt Ilja. “Ze planten een zaadje, verzorgen een plant en oogsten groenten. Dat geeft voldoening.”Aan de straatkant bevindt zich een boerderijwinkeltje waar voorbijgangers en bezoekers verse groenten kunnen kopen. Radijzen, spinazie, ajuinen en andere seizoensproducten liggen er uitgestald in zelfbediening. De opbrengsten vloeien terug naar de werking.

Een van de nieuwste projecten op de zorgboerderij is de wijngaard die in 2021, met de steun van CERA, werd aangelegd. “Een eerste poging om wijn te maken mislukte, maar dat ontmoedigt niemand. Dat hoort erbij”, lacht Ilja. “Landbouw leert je geduldig zijn.”

Zorgboer Ilja: “Mensen zien hier letterlijk iets groeien. Ze planten een zaadje, verzorgen een plant en oogsten groenten. Dat geeft voldoening.”

© ID / Sebastiaan Franco

Opnieuw ademruimte

Voor zorggast Deborah betekende de overstap naar de zorgboerderij een keerpunt. Ze verblijft nu bijna drie maanden op de hoeve en werkt mee op het veld. Terwijl ze tussen de groenten bezig is, vertelt ze haar verhaal.

“Ik ben hier terechtgekomen door een moeilijke thuissituatie met mijn partner”, zegt ze. “We hebben vier kinderen. Enkele jaren geleden verloren we ons oudste zoontje. Dat verdriet heeft een enorme impact gehad op ons gezin.”

De rouw zorgde voor spanningen die steeds moeilijker werden om te dragen. “Er kwam ook te veel alcohol in ons leven. We maakten voortdurend ruzie. Op een bepaald moment heb ik mijn koffers gepakt en ben ik vertrokken.”

Eerst kwam ze in een hotel terecht, later in de crisisopvang van KINA. Via de maatschappelijk werker van het OCMW belandde ze op de zorgboerderij. “De crisisopvang was voor mij vaak te druk. Hier is het anders. Vanaf de eerste dag voelde ik me veilig.”

Zij is de enige vrouw tussen de zorggasten. “Soms voel ik me een beetje de moederkloek van de groep”, glimlacht ze. Na haar verblijf hoopt ze weer aansluiting te vinden bij haar gezin. “Mijn partner woont samen met onze kinderen. Ik hoop dat we elkaar terug kunnen vinden.”

Zorgboer Ilja en zorggast Deborah. Deborah: “De crisisopvang was voor mij vaak te druk. Hier is het anders. Vanaf de eerste dag voelde ik me veilig.”

© ID / Sebastiaan Franco

Een evenwicht tussen de bewoners

De samenstelling van de bewonersgroep gebeurt niet toevallig. Voor elke opname bekijkt het team of een kandidaat binnen het concept past en hoe die persoon zich verhoudt tot de bestaande groep.

“We proberen altijd een heterogene groep samen te stellen”, zegt directeur dienstverlening Marieke. “Mensen met verschillende leeftijden, achtergronden en problematieken houden elkaar vaak in balans. Wie kampt met een acute verslaving wordt bijvoorbeeld eerst doorverwezen naar gespecialiseerde hulpverlening.”

‘Mensen met verschillende leeftijden, achtergronden en problematieken houden elkaar vaak in balans.’

Dat evenwicht is belangrijk voor de sfeer. “Mensen met dezelfde problematiek kunnen elkaar soms versterken in negatieve patronen. Daarom wordt bewust gezocht naar een mix die stabiliteit creëert”, zegt ze.

Tot voor kort verbleven de zorggasten hier minimaal vier maanden. Die termijn is recent veranderd. “Zo’n verblijfsduur bleek toch een te hoge drempel voor sommigen. Daarom is de minimale duur nu een maand, al wordt die vaak verlengd tot drie maanden”, zegt algemeen directeur Inse.

Dit project wordt niet ondersteund met subsidies van de hogere overheid, geeft Inse aan “Onze zorggasten betalen hun verblijf met hun eigen (vervangings)inkomen of leefloon, afhankelijk van hun situatie. De betalingsregeling loopt via het OCMW.”

Autonomie en verantwoordelijkheid

De bewoners kiezen vrijwillig voor het project of komen hier via de maatschappelijk werker van het OCMW terecht. “Dat maakt een verschil”, zegt Inse. “Ze zijn hier omdat ze geloven dat deze plek hen kan helpen. Daarom geven we veel autonomie.”

Die autonomie gaat hand in hand met verantwoordelijkheid. Wie op de boerderij verblijft, leert weer zelfstandig functioneren. Er zijn workshops rond huishoudelijke taken, samenleven, sociale vaardigheden en begeleid zelfstandig wonen. Zo bezoeken ze onder meer de bibliotheek of de supermarkt.

Dat is vooral nuttig voor de jonge zorggasten. “We krijgen geregeld jongeren tussen 18 en 25 jaar over de vloer die nooit de kans hebben gekregen om bepaalde basisvaardigheden te leren”, legt Marieke uit. “Dan werken we stap voor stap aan die zaken.”

Daarnaast kan de zorgboerderij rekenen op de steun van heel wat vrijwilligers, die mee op het veld komen werken. “Zo krijgen onze gasten oefenkansen om ook met niet-hulpverleners een gesprekje te voeren. Zo krijgen ze weer vertrouwen in mensen.”

Marieke (links) en Inse (rechts) in de wijngaard van KINA. Marieke: “Door af en toe een gesprekje te voeren met onze vrijwilligers, krijgen onze zorggasten weer vertrouwen in mensen.”

© ID / Sebastiaan Franco

Een scharniermoment

KINA wil voor velen een ‘scharniermoment in het leven’ zijn. Dat ene punt waarop iemand zijn leven een andere richting ziet uitgaan. “Deze plek moet het moment worden waarop mensen later kunnen terugkijken en zeggen: toen is er iets veranderd”, zegt Inse.

Dat doorloopt vaak enkele evoluties. De eerste weken verlopen hoopvol. Daarna volgt vaak een moeilijkere periode. Marieke vergelijkt het met goede voornemens aan het begin van een nieuw jaar. “In het begin vliegen mensen erin. Daarna komt de confrontatie met zichzelf. Op dat moment moeten ze beslissen: blijf ik hangen of zet ik door?”

‘Deze plek moet het moment worden waarop mensen later kunnen terugkijken en zeggen: toen is er iets veranderd.’

En wanneer iemand hervalt of een moeilijke periode doormaakt, wordt dat niet genegeerd. “Terugval hoort bij herstel”, zegt ze. “Belangrijk is dat mensen begrijpen wat er gebeurt en hoe ze ermee kunnen omgaan. Wanneer er geen inzicht is, vragen we om te vertrekken. Maar dat gebeurt amper.”

Tegen de termijn van drie maanden werkt het team toe naar een warme doorstroming. “We proberen er mee voor te zorgen dat niemand terug op straat terecht komt en we wachten tot er een oplossing is”, zegt Inse. “Maar we willen perspectief hebben. Ook andere mensen moeten de kans krijgen om hier te verblijven.”

Een unieke formule

De combinatie van wonen en landbouwtherapie blijft vrij uniek in Vlaanderen. “Voor zover wij weten bestaat er geen gelijkaardig project”, zegt Inse. “In de sector van personen met een handicap bestaan wel zorgboerderijen, maar voor mensen die kampen met dak- of thuisloosheid of complexe sociale situaties is dit vrij uniek.”

Toch blijkt een dergelijk initiatief meer dan nodig. De cijfers tonen aan dat de nood hoog blijft. Alleen al binnen de regio van de 25 aangesloten OCMW’s werden bij de dak- en thuislozentelling in het najaar van 2024 1.282 dak- en thuislozen geteld. Opvallend genoeg waren daar 472 kinderen bij.

Daarnaast verandert de doelgroep voortdurend. “Steeds meer jongeren hebben geen goede thuissituatie of netwerk”, zegt Marieke. “Er zijn mensen die werken maar geen vaste woonplaats hebben. Anderen verblijven tijdelijk bij vrienden of familie zonder zichtbaar dakloos te zijn. De uitdagingen worden daardoor complexer.”

Kleine veranderingen

De mooiste resultaten laten zich niet altijd meten in cijfers. Het zit hem in kleine positieve veranderingen, zoals een bewoner die dagelijks op tijd opstaat, iemand die voor het eerst in jaren een afspraak nakomt, een jongere die leert koken of een groep bewoners die spontaan voor elkaar begint te zorgen.

Ook nadat bewoners vertrokken zijn, blijft de impact vaak zichtbaar. “Soms komen mensen ons bedanken met een doos pralines”, vertelt Marieke. “Of ze vertellen dat ze nog altijd dezelfde dagstructuur volgen als hier. Dat zijn momenten waarop je beseft waarom je dit werk doet.”

Reacties

We zijn benieuwd naar je mening!
Blijf hoffelijk, constructief en respectvol

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.