Stille terugtocht
Het staat buiten kijf dat sociaal werkers waardevol werk verrichten in de directe ondersteuning van ouderen. Denk aan de vele maatschappelijk werkers binnen OCMW’s die financiële zorgen aanpakken. Aan de sociaal werkers binnen woonzorgcentra die aan zelfredzaamheid werken. Of aan de agogen en begeleiders die in lokale dienstencentra met allerlei activiteiten eenzaamheid proberen doorbreken.
‘Het staat buiten kijf dat sociaal werkers waardevol werk verrichten in de directe ondersteuning van ouderen.’
Deze individuele hulp en deugddoende groepsactiviteiten zijn cruciaal voor het welzijn en de gezondheid van ouderen. Maar gaat er ook voldoende aandacht naar sociale verandering, sociale rechtvaardigheid, mensenrechten, respect voor diversiteit en empowerment van deze bevolkingsgroep? Helaas: deze essentiële dimensies ontbreken vaak.
Hier is meer aan de hand
Die lacune stelt zich niet alleen in de relatie tussen sociaal werk en ouderen. Het is een illustratie van een bredere dynamiek: het sociaal werk zit middenin een transformatie. Sociaal werkers zijn beleidsuitvoerders geworden die steeds minder de scherpe kanten van structurele uitsluiting aan de kaak stellen, laat staan aanpakken. Bovendien zijn de functies in het sociaal werk niet langer exclusief voorbehouden aan afgestudeerden van de opleidingen sociaal werk.
Hoe komt het dat sociaal werk in die richting verglijdt? Het sociaal werk in Vlaanderen staat onder druk. Overheidsbezuinigingen in welzijn en cultuur dwingen sociaal werkers tot opereren binnen strikte kaders, gericht op efficiëntie en meetbare, kortdurende resultaten. Dit reduceert sociaal werk tot een uitvoerende rol, zonder ruimte voor structurele maatschappelijke inzet. Het gevaar is dat sociaal werk onbedoeld sociale ongelijkheid bevestigt, vermomd als hulpverlening.
Daarnaast bevordert een dominant neoliberaal discours een mentaliteit van individualisering en ‘eigen schuld’. De focus van sociaal werk verschuift hierdoor naar individuele ondersteuning, ten koste van collectieve weerbaarheid en het aanpakken van structurele problemen.
Ouderen aan de zijlijn
Die transformatie van sociaal werk heeft directe gevolgen voor ouderen en ouderenbeleid. Dat beleid krijgt vaak een medische of zorggerelateerde invulling. De nadruk ligt op kwetsbaarheid en afhankelijkheid. Ouderen worden eerder als zorgvragers dan als actieve burgers gezien. Het zorgdiscours neigt naar economische beheersing, waarbij ouderen louter als kostenposten worden beschouwd.
De nadruk op individuele oplossingen verzwakt dan weer de solidariteit en sociale cohesie, waardoor structurele oorzaken van problemen, zoals armoede en eenzaamheid bij ouderen, worden genegeerd. Dit versterkt het idee dat mensen zelf schuld dragen aan hun situatie en verkleint de maatschappelijke verantwoordelijkheid.
Ouderen die niet passen binnen standaardprocedures raken sneller sociaal uitgesloten. Hun kennis en ervaring worden onvoldoende benut. Door de nadruk op zorgkosten en tekortkomingen zien we ouderen niet meer als actieve, betekenisvolle leden van de samenleving.
Sociaal werkers zijn kind van hun tijd en van de ageistische grondtoon in de samenleving: ook zij kijken steeds meer door deze negatieve bril naar ouderen. Een docent sociaal werk ziet een gelijkaardige tendens: binnen opleidingen sociaal werk is de desinteresse voor ouderen groot.
Sociaal werk anders
Hoe kunnen we het tij keren? Het sociaal werk kan een krachtige bondgenoot van ouderen zijn. Door verder te gaan dan begeleiding en in te zetten op partnerschap, kan het ouderen versterken in hun autonomie, maatschappelijke participatie bevorderen en hun rechten beschermen.
Dit vraagt een fundamentele koerswijziging in zowel opleidingen als beleid. Sociaal werkers kunnen bruggenbouwers zijn tussen generaties door het organiseren van buurtinitiatieven waarin ouderen hun kennis delen, intergenerationele projecten die solidariteit bevorderen, en culturele programma’s waarin ouderen als actieve makers participeren.
‘Het sociaal werk kan een krachtige bondgenoot van ouderen zijn.’
Om deze rol waar te maken, moeten opleidingen meer aandacht besteden aan mensenrechten, kritische reflectie en collectieve belangenbehartiging. Toekomstige sociaal werkers moeten leren systemisch te denken en handelen, voorbij het individuele. Beleidsmakers moeten hen hiervoor ruimte bieden, met focus op duurzame maatschappelijke impact.
Sociale rechtvaardigheid
Dankzij hun nabijheid tot de mensen waarmee zij werken, kunnen sociaal werkers signalen geven over de gevolgen van beleid en opkomen voor de rechten van kwetsbare groepen. Daarom moeten sociaal werkers zich expliciet inzetten voor mensenrechten, ook die van ouderen. Dat standpunt sluit aan bij de internationale definitie van sociaal werk en de lopende VN-conventie over ouderenrechten. Sociaal werkers moeten als antenne, waakhond én pleitbezorger functioneren.
In een klimaat waarin individualisering en marktdenken domineren, is het geen gemakkelijke opgave om maatschappijkritisch te werk te gaan. Toch is dit noodzakelijk als sociaal werk echt een partner van ouderen wil zijn.
Sociaal werk moet ruimte creëren voor eigen regie, ook in woonzorgcentra. De nadruk moet liggen op gelijkwaardigheid en het erkennen van ouderen als volwaardige burgers. Alleen dan kan hun maatschappelijke participatie en inclusie worden gegarandeerd en kan sociaal werk bijdragen aan een samenleving die ouderen respecteert, waardeert en actief betrekt bij haar ontwikkeling
Tijd voor actie
De weg naar een samenleving waarin ouderen volwaardig kunnen participeren en in hun kracht staan, is uitdagend maar cruciaal. Het sociaal werk kan de drijvende kracht zijn door niet langer te focussen op louter begeleiding, maar ook op structurele verandering.
Een moedige verschuiving zal noodzakelijk zijn: van overwegend individualiserende zorg naar een maatschappijkritische benadering die de oorzaken van discriminatie en isolement aanpakt. Alleen dan kunnen we een toekomst creëren waarin de gelijkwaardigheid en de waardevolle bijdrage van elke oudere wordt erkend en gerespecteerd.
Het is tijd om de mouwen op te rollen. Durven we deze collectieve verantwoordelijkheid te nemen en samen te bouwen aan een inclusieve samenleving voor iedereen, ongeacht leeftijd? Of laten we deze stille crisis voortwoekeren?


Reacties [2]
Zeer terecht pleidooi en herkenbaar. Hoog tijd om intergenerationeel denken, levensloop perspectieven en de rol van sociaal werk in de samenleving terug bewust te bespreken én tot actie over te gaan. Er is veel werk aan de winkel in ontschotten tss sectoren en het doorbreken van dominante eenzijdige zorglogica’s tav ouderen. Ik geef even een simpel voorbeeld: een vrouw, 75 jaar, heeft Parkinson fase 3 en is nog weinig mobiel, valt regelmatig, woont toch nog alleen met gezinshulp en verpleging… Wél diezelfde dame kijkt naar de BBC, is gedegouteerd over Trump en de genocide in Gaza, vrijwilliger bij Amal vzw om inburgeraars te helpen om Nederlands te leren. Morgen start iemand nieuw: een 40 jarige Ghanese dame, vroedvrouw, die nu hoopt van zorgkundige te worden in Vlaanderen. Ze komt bij onze 75 jarige thuis, om twee uur samen in het Nederlands te spreken over de wereld en hun levens. Dat zijn onze ouderen! Ze staan IN de wereld, met hun hart, hoofd, benen en steunkousen ;-)
Inderdaad een nijpend tekort. Ook in het lokale beleid. De lokale politiek.
In die context deden we huisbezoeken. Tot mijn grote schaamte kwamen wij tot de vaststelling dat de armoede en eenzaamheid veel meer voorkomt dan wij tot nu toe meenden te weten. Wij waren in de veronderstelling dat dit vooral een stedelijk probleem is. Niet dus. Ook hier in Stekene kennen we een toename van armoede en eenzaamheid bij senioren.
Werk op de plank dus. De eerste initiatieven worden genomen, maar er zijn nog veel dingen die we dringend moeten aanpakken.