Opinie

OCMW’s onder druk: ‘Blijft recht op menswaardig bestaan overeind?’

Benaissa Nams, Guido De Baere

Onze grondwet stelt dat iedereen recht heeft op een menswaardig bestaan. OCMW’s moeten dat mee mogelijk maken. Al zijn die mooie principes gebeiteld in wetten, toch staat de praktijk op losse schroeven. OCMW maatschappelijk werker Sushmitha Hanssen pleitte pas nog om die schroeven weer aan te draaien door begeleidingen meer controlerend te organiseren. ‘Coalitie Humaan OCMW’ is vooral bezorgd dat de oorspronkelijke opdracht van dat maatschappelijk werk aan het wegglijden is: een laatste maar betrouwbare schakel zijn van solidariteit.

bezuiniging

© Unsplash / Ramses Cervantes

Uit het leven gegrepen

Stel: je bent al enkele jaren werkloos. Door de inkorting van je werkloosheidsuitkering zal je die in 2026 verliezen. In theorie werd je tijdens die periode van werkloosheid begeleid door een VDAB-arbeidsbemiddelaar, op zoek naar een duurzame job. Maar de praktijk is vaak anders: de meeste mensen kregen nauwelijks begeleiding.

‘De meeste mensen kregen nauwelijks begeleiding.’

Kan je – nu in 2026 je werkloosheidsuitkering stopgezet wordt – nog aanspraak maken op begeleiding naar werk door de VDAB? In theorie wel, maar met de geplande forse besparing op de VDAB zal deze dienst nog minder capaciteit hebben om je te ondersteunen in je zoektocht naar een job.

Werkbereidheid

Vind je toch geen plaats op de arbeidsmarkt? Dan is er een laatste dam om niet in armoede terecht te komen: wie financieel in de problemen komt, kan de stap naar het OCMW zetten en een leefloon aanvragen.

Maar ook dan zal ‘werk’ meteen opduiken in je traject. Om een leefloon te kunnen ontvangen, moet je je bereid tonen om te werken. Hoe je die werkbereidheid moet aantonen, heeft de wetgever niet gespecificeerd. Gelukkig maar, want een uniforme omschrijving van het aantonen van de werkbereidheid, zou elke vorm van maatwerk voor individuele situaties onmogelijk maken.

Begin en einde

Dat maatwerk is noodzakelijk. Mensen die naar het OCMW stappen, hebben zelden enkel een financieel probleem. Ze worden bijvoorbeeld ook geconfronteerd met dreigende uithuiszetting, relationele problemen of een kind met ernstige gezondheidsproblemen.

‘Mensen die naar het OCMW stappen, hebben zelden enkel een financieel probleem.’

Deze mensen hebben eerst stabiliteit en ondersteuning nodig in plaats van bijkomende druk. De idee om van elke leefloongerechtigde te verwachten dat die wekelijks vijf realistische sollicitatiebewijzen indient, zonder rekening te houden met de problemen die zich ondertussen opstapelden, is ronduit absurd. Toch stellen we vanuit onze praktijkervaringen vast dat dit de realiteit is in steden zoals Antwerpen. Daar verplaatst men het eindpunt van een traject richting arbeidsactivering naar het begin van dat traject.

Controle als administratieve vereenvoudiging

Ook onze regionale en federale beleidsvoerders voeren de druk op en vragen OCMW-maatschappelijk werkers om sterker in te zetten op controle en een (te) snelle stap naar de arbeidsmarkt.

Dat lijkt een administratieve vereenvoudiging voor maatschappelijk werkers die kreunen onder de dossierlast. Op vlak van die werkdruk is er geen beterschap in zicht: in 2026 zal het aantal mensen dat een leefloon moet aanvragen sterk stijgen. Dan is het verleidelijk om dat binnen de perken te houden met snelle en eenvoudige tools om die controles uit te voeren.

Weinig winst

Toch zal die beleidskeuze weinig winst opleveren: een beleid dat inzet op activering zonder oog te hebben voor de complexe realiteit van mensen mist zijn doel. Mensen geraken niet vooruit vanuit druk, repressie, wantrouwen en administratieve opgejaagdheid. Wel vanuit vertrouwen, maatwerk en het wegnemen van drempels.

Een beleid dat inzet op activering zonder oog te hebben voor de complexe realiteit van mensen mist zijn doel.’

Dat wegnemen van drempels is een onderschat maar cruciaal probleem. Mensen die voor het eerst een OCMW binnenstappen om hulp te vragen, zien vaak geen andere uitweg meer. Ze moeten onder andere gevoelens van schuld en schaamte opzij zetten om die hoge drempel te nemen.

Voor een grote groep blijft de drempel te hoog. Zij zetten de stap naar het OCMW niet en hun precaire leefsituatie blijft verborgen. Zo wordt geschat dat de helft van de mensen die wel recht heeft op een leefloon daar toch geen gebruik van maakt. Die hoge ‘non take-up’ staat in schril contrast met de bijzonder kleine groep mensen die onrechtmatig een leefloon ontvangt: ongeveer 5 procent.

Wat deze mensen nodig hebben

Wat mensen die geen uitweg meer zien nodig hebben, is iemand die luistert. Iemand die de situatie helpt ontrafelen. Iemand die het overleven terugbrengt tot zekerheid over basisbehoeften. Iemand die met hen op pad gaat om opnieuw stabiliteit te vinden. Iemand die ondersteunt, die in hen gelooft en waar nodig telkens terug een vangnet biedt.

‘Stereotypes regeren zonder tegenspraak.’

Deze korte opsomming van wat deze mensen nodig hebben, is geen rocketscience. Deze inzichten worden telkens opnieuw bevestigd door pedagogische, sociologische en  psychologische onderzoeken.

Dikke bult

Toch staat alles wat maatschappelijk werk zo belangrijk maakt onder druk. Stereotypes regeren zonder tegenspraak. Armoede zou vooral het gevolg zijn van onverstandige beslissingen: ‘eigen schuld, dikke bult’. Te veel profiteurs zouden  onrechtmatig gebruik van een riant leefloon. Feiten en onderzoeken die staalhard het tegendeel aantonen, verdwijnen naar de coulissen.

Te veel beleidsvoerders surfen mee op die golven. Ze kiezen ervoor om angst als wapen te gebruiken door rechthebbenden te framen als onbetrouwbaar of crimineel. ‘De profiteurs moeten eruit, want anders is er niet meer genoeg voor u, gij hardwerkende Vlaming.’ Die polariserende retoriek van ‘goede’ en ‘slechte’ armen dreigt ook sommige maatschappelijk werkers te voeden.

Laatste, betrouwbare schakel

Verschuift de wettelijke basis van het OCMW binnenkort naar het ‘recht op menswaardig bestaan voor wie binnen de beoogde tijdspanne toegelaten wordt op de arbeidsmarkt’? Of hebben we de moed om radicaal vast te houden aan een menswaardig bestaan voor iedereen, om samen pal te blijven staan voor een OCMW dat niet afglijdt naar een controle- en sanctioneringsdienst?

Blijven we de krachten bundelen om trouw te blijven aan onze oorspronkelijk en wettelijke opdracht: een laatste maar betrouwbare schakel te zijn van solidariteit?

Reacties [9]

  • Sushmitha Hansen

    Dank je voor deze bijdrage. Het is waardevol dat dit debat gevoerd wordt, ook vanuit verschillende OCMW-hoeken. Ik herken volledig het belang van menswaardigheid en van stabiliteit voor mensen met zware of langdurige kwetsbaarheden. Voor die groep moet toeleiding naar werk inderdaad geen prioriteit zijn, en dat kan ook objectief worden onderbouwd via medische attesten.

    Mijn punt gaat over de grote groep tussen 18 en 55 jaar die wél stappen kan zetten. Daar is duidelijkheid vanaf het eerste contact essentieel: rechten gaan samen met plichten, en verwachtingen rond arbeidsbereidheid moeten helder zijn om misverstanden te vermijden. Dat is geen sanctionering, maar wederkerigheid en eerlijkheid. Zo krijgen zowel cliënt als maatschappelijk werker het realistische kader dat nodig is om welvaartwerk mogelijk te maken.

  • Danny Grillet

    Over het recht op een menswaardig leven heb ik achtendertig jaar nagedacht in een grootstedelijk OCMW. Het klopt dat stopzetting werkloosheidsvergoeding vele duizenden naar het OCMW zal brengen. Dat daar gepeild gaat worden naar werkwilligheid is als sedert het begin van de wetgeving op bestaansminimum het geval. Het klopt dat het OCMW nu het werk gaat doen van de VDAB. Ze doen dat trouwens al jarenlang. Het is evenwel zonneklaar dat velen die langdurig werkloos zijn helemaal niet klaar zijn voor de huidige arbeidsmarkt. Geen enkele maatschappelijk werker moet zich laten rollen in dergelijke snelle- hap- benadering. Het uithollen van de wetgeving rond leefloon is in alle opzichten immoreel.
    Maatschappelijk werkers zullen zich wel moeten hoeden voor allerlei politieke druk om aan deze dreiging te weerstaan.

  • Pierre Messiaen

    Hoewel ik de bezorgdheid deel die in het artikel tot uitdrukking komt, mis ik in het betoog ondersteunende gegevens die wat beweerd wordt aantonen. Bv hoeveel wordt op de werking van de VDAB bespaard. Welke is het concreet effect op de begeleidingscapaciteit van de swkers?
    Daarnaast is er de mogelijke capaciteitsevolutie van de sociale tewerkstellingssector die niet vermeld wordt.
    Uiteraard moeten we niet wachten op alle gegevens om aan de alarmbel te trekken en moet er sterk ingezet worden op de capaciteitsuitbreiding van de Swkers in het OCMW en het beschikbaar budget voor de financiële ondersteuning. Gezien de meeste steden en gemeenten in hun meerjarenbeleidsplan eerder vertrekken van een noodzakelijke besparing wordt het vrij moeilijk gekoppeld aan het tekort aan afgestuurde Swkers om aan die bijkomende opdrachten tegemoet te komen.

  • Mathieu Rutten

    onze ocmw-medewerkers moeten roeien met de riemen die zij hebben om hun cliënt zo goed mogelijk bij te staan waar andere diensten te kort schieten. Het ocmw en haar medewerkers werken veel ruimer dan rond leefloon. Het ganse team werkt samen om er voor te zorgen dat de mensen bekomen waar ze recht op hebben. Jammer dat ze vaak het vuile werk moeten opknappen van andere diensten die schromelijk te kort schieten, dossiers die niet tijdig in orde worden gebracht, zij staan de mensen bij in het verwerven van eigen inkomsten uit pensioen en andere. Zij zijn wars van theoretisch geleuter, zij steken de handen uit de mouwen en blijven niet aan de kant staan kijven….Het individu staat centraal zonder zijn omgeving en/of gezin te vergeten….

  • Inge Timmerman

    Na 35 jaar ervaring als mw in een ocmw kan ik jullie reactie voluit beamen. Luisteren, rust brengen en ontlasten zijn waardevolle tools gebleken. Controle is ook nodig, maar bewust in te zetten waar het nodig is.

  • Jan Timmermann

    De wijze waarop in Vlaanderen het besluit tot verkorting van de duur van de werkloosheidsuitkering moet worden uitgevoerd vindt plaats onder een rampzalig gesternte. De lokale besturen en in feite de OCMW’s worden onvoldoende gecompenseerd voor de kosten die met de totale operatie gepaard zullen gaan. Daarbij komt dat de OCMW’s over onvoldoende menskracht zullen beschikken om de totale operatie op een vakkundige wijze uit te voeren. Het gaat hierbij niet alleen om het onthaal van een nieuwe doelgroep, de beoordeling van hun aanvragen en de bijkomende aspecten maar ook om de toeleiding naar werk of op zijn minst weer een een plek in de samenleving waarbij mensen zich gezien voelen en het gevoel krijgen er weer bij te horen. Het is duidelijk dat hier het financiële beleid van de regering de menselijke maat heeft overstegen. De vraag is natuurlijk of de regering op de lage duur niet duurder uit zal zijn en bovendien het vertrouwen in de democratie heeft verlaagd?

    • sara vertongen

      Exact dit. Ze hebben het probleem doorgeschoven zonder na te denken over wat de gevolgen zijn. Zolang er niet wordt nagedacht over de menselijke kant van de zaak en het enkel over het financiële gaat, gaat de situatie niet veranderen.

  • Peter Verfaillie

    Sterk en duidelijk stuk in een context waar de teugels op die manier worden aangehaald dat vele mensen uit de boot vallen. Ziek, werkloos zijn en/of kiezen om zorg voor kinderen of anderen centraal te stellen komen in de wurggreep van een economische rationaliteit terecht die uitsluit, isoleert en discrimineert.

  • Marc Loos

    Ik steun de coalitie voor de volle 100%.

We zijn benieuwd naar je mening!
Blijf hoffelijk, constructief en respectvol

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.