Politieke keuzes
Als jonge sociale professional heb ik al op heel wat verschillende plekken gewerkt: ik was jeugdopbouwwerker bij LEJO, maatschappelijk werker bij een CLB, onderwijsopbouwwerker bij SAAMO Denderleeuw en beleidsmedewerker bij jeugdwerkkoepel De Ambrassade. Mijn jobs hadden steeds hetzelfde doel: mensen sterker maken. Soms gebeurde dat in een gesprek met een jongere, soms in een school, soms door lokale bruggen te bouwen of door beleid te beïnvloeden. De context veranderde, de missie niet.
‘Te weten dat het met meer sociale beleidskeuzes ook anders had gekund, maakt die opeenvolgende ontslagen zwaar.’
Die jobs liepen telkens uit op een sisser: ik werd ontslagen. De nuchtere boekhouder zal zeggen: als omwille van besparingen of aflopende projectmiddelen de rekening niet meer klopt, moeten er mensen vertrekken. Toch is er vaak meer aan de hand: ontslag is ook het gevolg van politieke keuzes. Te weten dat het met meer sociale beleidskeuzes ook anders had gekund, maakt die opeenvolgende ontslagen zwaar.
Wat mij het meest raakt, is het verlies van vertrouwen in politici en beleidsvoerders. Ik geloof dat zij het verschil kunnen maken door keuzes te maken vanuit een visie op de samenleving die we samen willen bouwen. Ook wanneer ik het niet eens ben met een beslissing, wil ik geloven dat mensen daarin centraal staan.
Dit raakt aan mijn waarden
Maar nu ik opnieuw mijn job verlies door politieke keuzes, begint dat geloof te wankelen. Niet omdat elke besparing onrechtvaardig is, wel omdat ik steeds moeilijker begrijp waarom net die plekken waar mensen elkaar ontmoeten en opnieuw perspectief vinden, onder druk staan. Alsof preventie, verbinding en gemeenschapsvorming pas waarde krijgen wanneer ze verdwenen zijn.
Dat raakt niet alleen aan mijn loopbaan, maar ook aan mijn waarden. Ik koos bewust voor de sociale sector. Niet voor de hoogste lonen of de beste carrièremogelijkheden, maar omdat ik geloof in solidariteit, ontmoeting en een overheid die investeert in het weefsel van de samenleving.
Wat het met me doet
Om die bittere pil wat te verzachten, proberen mensen me te steunen met milderende woorden: “Dat is nu eenmaal de sector.” Maar dat is een dooddoener. Alsof tijdelijke contracten, projectmiddelen en ontslagen nu eenmaal bij sociaal werk horen. Alsof mensen die voor deze sector kiezen, ook maar moeten aanvaarden dat hun werk telkens kan verdwijnen.
‘Alsof mensen die voor deze sector kiezen, ook maar moeten aanvaarden dat hun werk telkens kan verdwijnen.’
Een ontslag hakt in op mensen en laat sporen na. Ik zal nooit vergeten hoe de boodschap van mijn ontslag werd gebracht. Ik weet nog wie er aan tafel zat en in welke volgorde. Ik weet nog hoe de woorden binnenkwamen en hoe de grond onder mijn voeten wegzakte.
En daarna ging ik naar huis. Ik sloot de deur achter me en plots was er geen werk meer om naartoe te gaan. Ik wist dat ik de volgende ochtend opnieuw moest opstaan, maar vroeg me af hoe ik me moest gedragen. Wat zeg ik tegen mijn ex-collega’s? Wat vertel ik aan vrienden? Maar ook: hoelang kan ik het financieel uitzingen?
Op zoek naar een volgende job
Maar niet getreurd en gezeurd: sociale professionals moeten veerkrachtig zijn. Dus met wat moed en geluk, krabbel je weer recht en ga je snel op zoek naar een volgende job. Dat betekent onvermijdelijk: je cv opnieuw uitsturen, jezelf opnieuw voorstellen en blootgeven in een sollicitatieprocedure. Vertellen wat je waard bent en waarom een organisatie voor jou zou moeten kiezen. En soms moet je opnieuw uitleggen waarom je je job verloor, terwijl je daar zelf niet voor gekozen hebt. Dat vraagt veel van een mens.
Een ontslag raakt bovendien niet alleen wie vertrekt. Ook een organisatie moet afscheid nemen. Collega’s verliezen een vertrouwenspersoon, een inhoudelijke kracht of iemand met wie ze jarenlang hebben samengewerkt. Een team moet taken herverdelen. Kennis verdwijnt. Relaties die iemand met partners, vrijwilligers of deelnemers heeft opgebouwd, moeten opnieuw worden opgenomen.
En ondertussen gaat het werk gewoon door. Dat is misschien een van de meest pijnlijke vaststellingen: er kan verdriet zijn in een team, maar de deadline blijft staan. Een project moet worden afgewerkt. Een vergadering gaat door. De werking moet blijven draaien.
Geef tijd om afscheid te nemen
Doen alsof er niets gebeurd is, is niet de juiste keuze. Geef organisaties de tijd om te rouwen wanneer mensen vertrekken. Erken dat een ontslag niet alleen een personeelsbeslissing is, maar ook een wonde kan slaan in een organisatie.
‘Laat een ontslag geen individueel verhaal worden.’
Werkgevers kunnen niet altijd een ontslag vermijden. Maar ze kunnen wel bepalen hoe iemand vertrekt. Geef mensen tijd om afscheid te nemen. Erken wat ze hebben opgebouwd, maak ruimte voor emoties en zorg ook voor de collega’s die achterblijven. Een organisatie die zorg uitdraagt naar de samenleving, moet die zorg ook binnen de eigen muren organiseren.
Ook collega’s hebben daarin een rol. Laat een ontslag geen individueel verhaal worden. Vraag hoe het écht gaat. Blijf verbonden met wie vertrekt. Solidariteit stopt niet aan de deur van de organisatie.
En wat met politiek?
Ook de politiek draagt verantwoordelijkheid. Wie bespaart op sociaal werk, bespaart niet alleen op organisaties en personeelsuren. Die keuzes hebben gevolgen voor mensen die hun werk verliezen, voor collega’s die achterblijven en voor de gemeenschappen waarin die organisaties actief zijn. Daarom moeten we stoppen met de sociale sector te bekijken als een kostenpost.
Ik ben zelf een grote voorstander van een sterk middenveld. Voor mij is het middenveld een van de fundamenten van onze democratie. Het zijn de plekken waar mensen elkaar ontmoeten, waar engagement ontstaat, waar mensen leren luisteren naar andere stemmen en waar maatschappelijke verandering vaak begint. Verenigingen, jeugdwerk, sociaal-culturele organisaties en andere middenveldorganisaties brengen mensen samen die elkaar anders misschien nooit zouden ontmoeten.
Daarom geloof ik ook zo sterk in deze sector. Ik wil hier graag verder werken. Ik wil blijven bijdragen aan een samenleving waarin mensen elkaar vinden, zich kunnen engageren en mee richting kunnen geven aan de wereld rondom hen. Ik wil blijven werken aan verbinding, participatie en vertrouwen.
Vertrouwen wankelt
Maar eerlijk gezegd begint mijn eigen vertrouwen te wankelen. Hoe vaak kan je opnieuw beginnen vooraleer je je afvraagt of je nog wel in deze sector wil blijven werken? Hoelang kan je blijven geloven in een sector die je zelf belangrijk vindt, wanneer je tegelijk ervaart hoe kwetsbaar het werk daarin is?
‘Hoe vaak kan je opnieuw beginnen vooraleer je je afvraagt of je nog wel in deze sector wil blijven werken?’
Dat is misschien wel de grootste tegenstelling waar ik vandaag op bots: ik geloof meer dan ooit in het belang van het middenveld, maar tegelijkertijd betwijfel ik of er voor mensen zoals ik nog voldoende ruimte is om er duurzaam in te werken. En dat is een harde conclusie.
Dit is af
Misschien is dat ook wat mij na vier keer afscheid nemen het meest bezighoudt. Ik wil ooit mijn werkplek verlaten omdat een hoofdstuk rond is. Opdat ik met een voldaan gevoel kan zeggen: dit was mooi, dit is af. Niet omdat de middelen opnieuw op zijn. Niet omdat een politieke beslissing bepaalt dat mijn werk niet langer nodig is.
‘Mensen kunnen niet eindeloos blijven zorgen, verbinden en versterken als ze zelf voortdurend moeten vrezen dat hun eigen plek verdwijnt.’
We verwachten van de sociale sector dat ze zorg draagt voor de samenleving. Misschien wordt het tijd dat de samenleving op haar beurt leert zorg dragen voor de mensen die haar elke dag mee vormgeven. Mensen kunnen niet eindeloos blijven zorgen, verbinden en versterken als ze zelf voortdurend moeten vrezen dat hun eigen plek verdwijnt.


Reacties [3]
Spot on, trots op Jana die de woorden vond om ondanks haar kwetsbare situatie het pijnpunt van deze sector en bij uitbreiding de huidige maatschappij te benoemen. Onze wereld heeft meer Jana’s nodig. Ik hoop oprecht dat potentiële werkgevers deze gedreven vrouw met een missie en gouden hart snel weten te vinden zodat ze verder verschil kan maken in het belang van het groter geheel en de toekomst van vele jongeren. En dan wel zonder dat het uiteindelijk eindigt op een sisser maar wel om samen in een warme context vol vertrouwen een succesvol verhaal te schrijven. Zij kan dat, zij verdient dit. No time to waste!!
Mooi artikel die de bittere realiteit toont. Je ziet in de besparingen die gebeuren in deze sector ook de keuzes die ze maken dat die rechtstreeks raakt aan het beroep sociaal werk. Er ontstaan meer contracten aan 80%, meer mensen worden aangenomen in een lager barema dan normaal voorzien, extralegale voordelen worden heroverwogen, minder opname van anciënniteit bij aanwerving,… allemaal vanuit besparingskeuzes. Maar verandert het werk? Nee het wordt zelfs uitdagender dan ooit. Daardoor vertrekken mensen uiteindelijk toch en dat is pas het verlies voor deze sector. Jammer dat de sector ook zo wankelt bij elke besparing en de directies en raad van besturen onmiddellijk kiezen om te besparen vte ipv duidelijk te maken aan overheden dat ze strategisch hoofdopdrachten zullen lossen en tegelijkertijd op zoek naar alternatieve middelen die niet zozeer subsidies zijn. Dit is misschien een uitdaging om te onderzoeken in universiteiten en hogescholen
Wat een krachtig betoog Jana, eentje waarvan ik hoopte dat je ze niet moest schrijven…. Het zet aan tot denken. Ik wens je veel goeie moed in de verdere zoektocht. <3
En bij deze aan werkgevers in deze prachtige sector: op zoek naar een sociale professional die echt alles geeft voor haar job en een warme collega is? Dan is Jana jouw kandidaat! :D