Jarige kijkt vooruit
Vorig jaar vierde Samana haar vijfenzeventigste verjaardag. Deze vereniging – tot 2016 beter bekend als Ziekenzorg – zet zich in voor haar leden: mensen met een chronische ziekte of zorgnood en hun mantelzorgers. Dit doet ze bijvoorbeeld door toegankelijke ontmoetingsmomenten te organiseren, vakanties en aangepaste activiteiten te voorzien of mantelzorgers te ondersteunen via vorming en ervaringsdeling. Om dat mogelijk te maken, kan Samana rekenen op een breed netwerk van vrijwilligers.
‘De meerwaarde van vrijwilligerswerk in de strijd tegen eenzaamheid blijft nog vaak onder de radar.’
Zo’n verjaardag is altijd een kans om vooruit te kijken. Samana vroeg zich af hoe ze nog meer betekenisvol kan zijn bij de aanpak en preventie van eenzaamheid, een gevoel dat ontstaat wanneer iemands sociale relaties tekortschieten.
Met die vraag klopte ze aan bij ons, onderzoekers van de Onderzoekslijn Zorgzame samenleving (Vonk3) van Thomas More. We hebben al heel wat onderzoeksexpertise rond dat thema ‘eenzaamheid’. Voor dit onderzoek verzamelden we aan de hand van vragenlijsten, diepte-interviews en gesprekstafels inzichten over eenzaamheidsgevoelens bij de leden en vrijwilligers van Samana.
Hoge cijfers
In lijn met de verwachtingen ligt eenzaamheid hoog bij de leden: bijna de helft voelt zich soms tot vaak eenzaam. Mensen met een chronische ziekte en hun mantelzorgers vormen dan ook een kwetsbaar publiek.
Meer verrassend: ook bij de vrijwilligers die zich engageren voor die kwetsbare mensen liggen de eenzaamheidscijfers hoog. Bijna een derde voelt zich soms tot vaak eenzaam. Wanneer we specifiek kijken naar sociale eenzaamheid – het missen van een bredere kring van vrienden, kennissen of familie – dan ligt het cijfer nog hoger: 38 procent ervaart matige tot ernstige sociale eenzaamheid.
Die cijfers liggen hoger dan verwacht. Want zou vrijwilligerswerk niet net moeten helpen tegen eenzaamheid? Dat is ook zo: dankzij het vrijwilligerswerk voor Samana ervaart 89 procent van de vrijwilligers meer verbondenheid. Verder heeft 86 procent onder hen meer sociaal contact en ervaart 76 procent vaker een doel in het leven. Een Samana-vrijwilliger stelt dat zo: “De groep van vrijwilligers is een hechte groep. Je voelt je vrij snel opgenomen in de ‘familie’.”
Van de vrijwilligers die eenzaamheid ervaren, geeft 52 procent aan dat ze zich minder eenzaam voelen dankzij hun engagement voor Samana. Maar de andere helft ervaart dat dus niet. Kortom, al komt het vrijwillig engagement voor Samana tegemoet aan eenzaamheidsgevoelens, toch is er nog een groeimarge.
Invloed van vrijwilligerswerk op eenzaamheid
Hebben die verrassende bevindingen rond eenzaamheid bij vrijwilligers vooral te maken met de specifieke kenmerken van Samana-vrijwilligers? Veel van hen zijn al wat ouder. De resultaten zeggen vooral iets over eenzaamheid bij oudere vrijwilligers en minder over eenzaamheidsgevoelens bij jongere vrijwilligers, bijvoorbeeld bij jeugd- of speelpleinwerk.
‘Hoe kunnen vrijwilligersorganisaties meer aandacht hebben voor eenzaamheid bij hun vrijwilligers?’
Toch toont recent onderzoek aan dat ook onder jongere leeftijdsgroepen opvallend veel mensen zich eenzaam voelen. Bovendien levert het uitvoeren van vrijwilligerswerk aanzienlijk veel voordelen op met het oog op gezond leven en actief ouder worden. Alle vrijwilligersorganisaties zijn dan ook een uitgelezen partner om (nog meer) in te zetten op de aanpak van eenzaamheid, zowel bij jonge als oudere vrijwilligers.
Cruciale rol blijft onder radar
Uit de Gemeente- en Stadsmonitor van 2023 bleek dat 18 procent van de Vlamingen op regelmatige basis vrijwilligerswerk doet. Bovendien geeft 8 procent van de 18-plussers die zich eenzaam voelt, aan dat vrijwilligerswerk doen voor hen helpend is bij eenzaamheid.
Toch blijft de meerwaarde van vrijwilligerswerk in de strijd tegen eenzaamheid nog vaak onder de radar. Ook vrijwilligersorganisaties zijn zich hier nog te weinig van bewust. Hun focus ligt op wat de vrijwilligers doen in de praktijk, op wie ze helpen en wat ze organiseren. Veel minder aandacht gaat naar de ervaring van eenzaamheid bij vrijwilligers zelf.
Er ligt dus een kans voor vrijwilligersorganisaties om nog meer hun cruciale rol in de aanpak en preventie van eenzaamheid op te nemen. Maar hoe dan? Hoe kunnen vrijwilligersorganisaties met dit vraagstuk aan de slag gaan en zo meer aandacht hebben voor eenzaamheid bij hun vrijwilligers?
Wat werkt tegen eenzaamheid
Een eerste stap in het werken aan een visie en onderbouwde werking rond eenzaamheid, is starten met het vergroten van de kennis en vaardigheden rond eenzaamheid. Wat is eenzaamheid precies? Welke vormen van eenzaamheid bestaan er? Hoe kan je eenzaamheid herkennen? Wat kan je als vrijwilligersorganisatie wel (of net niet) doen? Het zijn allemaal vragen die centraal staan binnen deskundigheidsbevordering.
Vanuit die kennis kan vervolgens het bewustzijn rond de aanpak van eenzaamheid vergroot worden. Vandaag doen vrijwilligersorganisaties vaak al veel dat helpend kan zijn tegen eenzaamheid, maar ze zijn zich hier niet altijd bewust van.
Nederlands onderzoek onderscheidt zeven aandachtspunten of ‘werkzame elementen’ die echt werken tegen eenzaamheid: bezigheden, ontmoeten, praktisch ondersteunen, betekenisvol contact, sociale vaardigheden, realistische verwachtingen en betekenisvolle rol. De meeste eenzaamheidsinterventies combineren verschillende van deze elementen.
Om een onderbouwde vrijwilligerswerking rond eenzaamheid te realiseren en verder uit te bouwen, is het belangrijk om bewust oog te hebben voor wat je al doet, en waar je nog meer op kan inzetten.
Ontmoeting faciliteren
Een eerste werkzaam element tegen eenzaamheid is ontmoeting. Voorzie ruimte en tijd voor informele momenten met de vrijwilligers onderling. Veel vrijwilligersorganisaties doen dit al, maar zijn zich niet altijd bewust van de impact dat dit kan hebben op eenzaamheid.
Weet dat net vrijwilligers die zich eenzaam voelen, vaak niet vanzelf aanhaken bij bestaande groepjes. Daarom helpen kleine, begeleide momenten die ontmoeting en betekenisvol contact expliciet ondersteunen. Denk bijvoorbeeld aan het faciliteren van een kennismakingsmoment.
Vanuit die ontmoeting kan je bovendien ook op andere werkzame elementen inzetten die een verschil maken, zoals betekenisvol contact faciliteren of ervoor zorgen dat vrijwilligers een betekenisvolle rol kunnen opnemen.
‘Voorzie ruimte en tijd voor informele momenten met de vrijwilligers onderling.’
Hierdoor voelen vrijwilligers zich sterker erkend. Het vrijwilligerswerk dat ze doen is van betekenis voor zowel zichzelf als voor anderen. Als vrijwilligersorganisatie heb je zelf de touwtjes in handen om hiervoor de praktische uitvoering in goede banen te leiden.
Of de vrijwilliger wil deelnemen aan contactmomenten met andere vrijwilligers, is een eigen keuze. Maar de optie aanbieden kan voor veel vrijwilligers al erg veel betekenen. Of zoals een vrijwilliger dat zelf zegt: “Dat zou wel leuk zijn, om daar naartoe te kunnen gaan. Omdat je dan ook mensen tegenkomt die in dezelfde situatie zitten. En dan kan je eventueel eens een babbeltje doen.”
Vrijwilliger worden en blijven
Voor wie graag vrijwilligerswerk doet, bijvoorbeeld omdat men zich eenzaam voelt, is het belangrijk om de drempels voor deelname zo laag mogelijk te houden. Dit kan door als organisatie te zorgen voor praktische ondersteuning. Het zijn immers net de personen in eenzaamheid die vaker geconfronteerd worden met kwetsbaarheden gelinkt aan praktische ondersteuning.
‘Wanneer je als vrijwilliger veel kosten moet maken, kan dit een rem zetten op je engagement.’
Concreet kan dit gaan over vervoer voorzien zodat iedereen op een activiteit kan geraken, ook wie geen eigen vervoer ter beschikking heeft. Of door te werken aan de digitale toegankelijkheid van de activiteitenkalender. Kondig je activiteiten dus niet alleen aan via je website, maar communiceer ook via niet-digitale kanalen.
Hetzelfde gaat op voor de ondersteuning op financieel vlak. Wanneer je als vrijwilliger veel kosten moet maken, kan dit een rem zetten op je engagement. Probeer dus financiële drempels voor je vrijwilligers zoveel mogelijk te verlagen. Dit kan bijvoorbeeld door ervoor te zorgen dat je vrijwilligers geen onkosten moeten voorschieten of door verplaatsingskosten meteen terug te betalen. Ook hier weten we dat financiële kwetsbaarheid samengaat met een hoger risico op eenzaamheid.
Niet iedereen spreekt dezelfde taal
Ook taal kan een drempel zijn. Beperkte taal of expressie sneller leidt tot schaamte, terugtrekking en het gevoel er niet bij te horen. Eenvoudige, herhaalde uitleg, visuele ondersteuning en een rustiger tempo kunnen dan helpen om contact wel mogelijk te maken.
Als vrijwilligersorganisatie moet je je ervan bewust zijn dat taal heel belangrijk is, maar dat niet elke vrijwilliger altijd dezelfde taal spreekt, zowel letterlijk als figuurlijk. Wanneer Nederlands niet iemands moedertaal is of mensen zich omwille van een chronische ziekte minder goed kunnen uitdrukken, mag dit niet betekenen dat zij zich hierdoor niet kunnen of mogen engageren als vrijwilliger.
Monumenten en nieuwkomers
Wie zich eenzaam voelt, loopt een hoger risico op sociale angst, en vrijwilligerswerk kan hiervoor net helpend zijn. Vrijwilligersorganisaties moeten dan ook een toegankelijk, laagdrempelig en gastvrij beleid voeren om mensen die zich eenzaam voelen en bijvoorbeeld angst ervaren om uitgesloten te worden, te ondersteunen.
Praktisch ondersteunen en faciliteren gaat ook over het doorbreken van uitsluiting en kliekjesvorming. Elke vrijwilligersorganisatie heeft haar ‘monumenten’: ervaren vrijwilligers die al een hele tijd meedraaien en tevreden zijn met hoe de werking loopt. Ze kennen mensen al heel lang en zijn verknocht aan de huidige manier van werken. Toch kan verandering nodig zijn omdat nieuwe vrijwilligers moeilijker hun plekje vinden.
‘Faciliteren gaat ook over het doorbreken van uitsluiting en kliekjesvorming.’
Daarom moeten vrijwilligersorganisaties aandacht hebben voor deze dynamieken. Faciliteer dus processen van verandering, waarbij je de betekenis van ervaren vrijwilligers erkent en tegelijk oog hebt voor betrekken van nieuwkomers.
Wie zijn je vrijwilligers?
We willen organisaties ook aanmoedigen om zich verder te verdiepen in hun vrijwilligersbestand: wie zijn deze mensen precies? Zo krijg je meer zicht op de noden van vrijwilligers en kan je meer op maat werken en nieuwe vrijwilligers proberen aantrekken.
Want wanneer het totale aantal vrijwilligers afneemt, neemt de druk op de resterende vrijwilligers toe. En zeker wanneer de vrijwilligers op zich al kwetsbaar zijn, is het van belang dat de druk op deze groep niet nog meer toeneemt en ze misschien afhaken.
Nieuw eenzaamheidsplan
In de ‘Beleids- en begrotingstoelichting Welzijn en Armoedebestrijding. Begroting 2026’ belooft Vlaams minister Caroline Gennez werk te maken van een nieuw eenzaamheidsplan, in navolging van het eerste eenzaamheidsplan van 2021-2024. Het plan krijgt een beleidsdomeinoverschrijdend karakter met bijzondere aandacht voor ouderen en jongeren en heeft als doel een breed gedragen en effectieve aanpak van eenzaamheid in Vlaanderen uit te rollen.
Uit onze onderzoeksbevindingen blijkt dat er een belangrijke rol weggelegd is voor vrijwilligersorganisaties bij de aanpak en preventie van eenzaamheid. We hopen dan ook dat zij niet over het hoofd worden gezien en de nodige ondersteuning krijgen om deze cruciale rol op te nemen.


Reacties [2]
Er wordt al decennia gepraat over eenzaamheid. Ook hier in Nederland. Eenzaamheid wordt wetenschappelijk meestal gemeten aan een kort aantal vragen. Over isolatie, uitsluiting, vrienden. En vervolgens gedeeld in emotionele en sociale eenzaamheid. Tegelijkertijd wordt daarbij aangegeven dat het gaat om een persoonlijk gevoel, dat alleen indirect is te meten. Maar in bijgaand essay wordt gesteld: “Eenzaamheid is een universeel gevoel, dat inherent deel uitmaakt van het leven”. Daarmee ben ik het dus niet eens, omdat het niet klopt. Tegelijkertijd wordt eenzaamheid hier neergezet als een statisch gegeven en juist niet als een gevoel dat kan afnemen of versterken; alles afhankelijk van de persoon. Daarnaast is er een vergelijking met Vlaanderen als geheel, wat suggereert dat het bij Samana nog ‘erger’ voorkomt.
Mijn opvatting is dat – als je al vaststelt dat eenzaamheid erg is – er te weinig wordt ingezet op persoonlijke motivatie van mensen die aangeven eenzaamheid te ervaren.
eenzaamheid zit vanbinnen, is zeer persoonlijk. ik heb er ooit een tekst overgeschreven en zal proberen deze per mail te verzenden