Achtergrond

‘Neoliberalisme infiltreert het sociaal werk en de opleidingen’

Bart Van Bouchaute

Alles moet efficiënter, sociaal werkers moeten meer rapporteren, problemen van cliënten worden gezien als individuele problemen in plaats van maatschappelijke problemen… Kortom: de neoliberale logica infiltreert het sociaal werk. Ook in de opleidingen is deze trend voelbaar. Bart Van Bouchaute wijdt zijn doctoraatsonderzoek aan de vraag hoe dit komt én hoe lectoren zich hier meer publiek en collectief tegen kunnen verzetten.

© Unsplash + / Nick Fancher

Onbehagen bij lectoren

Bij lectoren van de opleidingen Sociaal Werk van Vlaamse en Nederlandse hogescholen neemt het onbehagen toe. Onbehagen over de verdrukking van sociaal werk door nieuwe opleidingen, over besparingen en toenemende werkdruk, over krimpende autonomie en meer rapportage en controle, over de benadering van studenten als consumenten die je tevreden moet houden…

Deze ontwikkelingen worden vaak gevat onder de noemer ‘neoliberalisering’. Wat bedoelen we hiermee? En hoe dringt die neoliberalisering binnen in het sociaal werk en de sociaalwerkopleidingen?

Meer dan een externe bedreiging

Meestal begrijpen we het neoliberalisme als een economische doctrine die van buitenaf het sociaal werk bedreigt. Het is een pure vrijemarktlogica. Tegenover die neoliberale doctrine zou het sociaal werk dan een verhaal van menselijkheid en solidariteit stellen.

‘Neoliberaliseme voedt ons via media, reclame en onderwijs op tot concurrerende en in onszelf investerende wezens.’

Maar het neoliberalisme is meer dan een economische doctrine. Het is ook een cultuur. Het voedt ons via media, reclame en onderwijs op tot concurrerende en in onszelf investerende wezens.

De Amerikaanse filosofe Wendy Brown stelt dat een neoliberale denkwijze “het marktmodel verspreidt naar alle domeinen en activiteiten, en mensen uitputtend configureert als marktactoren, altijd, alleen en overal als ‘homo oeconomicus’.”

Neoliberalisme is dus niet enkel een externe bedreiging voor het sociaal werk, het infiltreert het ook op subtiele wijze. En dat ondanks de openlijke loyauteit van het sociaal werk aan waarden als sociale rechtvaardigheid en mensenrechten.

Neoliberalisering infiltreert het sociaal werk

De neoliberale manier van denken dringt door in het sociaal werk op verschillende niveaus, van het dominante discours in de samenleving tot de concrete praktijk op de werkvloer.

Het neoliberale discours is aanwezig in de bredere samenleving: we zien slagen en falen in het leven als een individuele verantwoordelijkheid, los van maatschappelijke condities. Maar ook in ons persoonlijke leven zijn we bezig met onze ontwikkeling en bespeuren we een neoliberale ondertoon: we ‘investeren’ in onze relaties en ‘grijpen kansen’ waar ze zich voordoen. Dit discours ontwikkelt zich ook binnen het sociaal werk.

‘We zien het slagen – en het falen – in het leven als een individuele verantwoordelijkheid’

We zien ook tendensen van neoliberalisme in het beleid. Sociaal beleid wordt gezien als een kostenpost die weegt op de productieve economie. Beleidsmakers problematiseren ongelijkheid steeds minder en herverdeling beschouwen ze minder vaak als beleidsopdracht. Kosten wentelen ze af op lagere beleidsniveaus. Ze voeren nieuw publiek management in, met resultaatsmetingen, competitie en kortlopende contracten.

Sociaalwerkorganisaties belanden dan weer in de greep van het managerialisme: de overtuiging dat organisaties het best kunnen worden ingericht in overeenstemming met de heersende marktprincipes. De focus op efficiëntie, productiviteit en verantwoording leidt tot meer monitoring, standaardisatie, benchmarks en controle op de performantie van sociaal werkers.

In de praktijk

Maar de neoliberale logica dringt nog dieper door, tot in de directe praktijk. Sociaal werkers moeten eerder efficiënt dan kwalitatief werken. Procesmatige begeleiding staat onder druk. Ze worden aangestuurd als flexibel inzetbare werknemers en hun autonomie als experten wordt uitgehold.

‘Sociale problemen worden gereduceerd tot individueel of familiaal falen. ‘

Cliënten krijgen de verantwoordelijkheid toegespeeld als ze ‘zorg weigeren’ of ‘moeilijk bereikbaar’ zijn. Ze worden aangespoord om jobs te aanvaarden, ook als het slechte jobs zijn. Anders verliezen ze een uitkering. Sociale problemen worden gereduceerd tot individueel of familiaal falen.

In de opleidingen

Ook de opleidingen sociaal werk staan niet los van deze neoliberale invloed. Ze presenteren zich als marktgerichte kennisbedrijven. Flexibiliteit, innovatie en ondernemingszin zijn gevierde waarden. Studenten horen hun kapitaal aan talenten te ontdekken, te ontwikkelen en uit te baten voor de arbeidsmarkt. Opleidingen sociaal werk gaan vrij kritiekloos mee in onderwijstactieken zoals een persoonlijk ontwikkelingsplan, portfolio en peer assessment.

‘Opleidingen sociaal werk presenteren zich als marktgerichte kennisbedrijven.’

Het is opvallend en zorgwekkend hoe – ondanks de vaak expliciete steun van lectoren aan het waardenkader van sociaal werk – het neoliberale denkkader zonder al te veel weerstand in de opleidingen binnensluipt.

Financiering van onderwijs

Ook het beleid in het hoger onderwijs wordt vormgegeven vanuit neoliberale principes. Sinds de Bolognaverklaring ontstond een model van concurrerende universiteiten op de Europese kennismarkt.

Financieringsmodellen op basis van instroom, doorstroom en uitstroom hebben de bestaansreden van het onderwijs ingrijpend veranderd: kwaliteitsvol onderwijs is tegenwoordig onderwijs waarin de zogenaamd gemiddelde student geen belemmeringen tegenkomt in zijn individuele traject.

Het gevolg is een nooit eindigende ‘ratrace’ tussen instellingen. Er zijn meer studenten, maar de financiering volgt niet. Dit zorg voor een voorspelbaar resultaat: er zijn minder docenten in verhouding met het aantal studenten en opleidingen gaan gebogen onder permanente bezuinigingsoefeningen.

Managerialisme

Net als sociaalwerkorganisaties worden opleidingen in toenemende mate aangestuurd vanuit een managerialistische benadering. Er heerst een cultuur van ‘command and control’ met meer managers, allerlei middenkaders en minder lectoren. Administratieve taken gaan ten koste van de kerntaken van onderwijs en onderzoek.

Het model van de student verandert in dat van een consument van programma’s die worden beloond metstudiepunten. Onderwijsevaluatie wordt een tevredenheidsmeting bij die consumenten.

‘Administratieve taken gaan ten koste van de kerntaken van onderwijs en onderzoek.’

Het model van de lector, onderzoeker of ‘professional’ als expert in het hoger onderwijs verschuift naar dat van de flexibel inzetbare ‘werknemer’. Die leidt tot hogere werkdruk, verlies van autonomie en betekenisgeving, tijdelijke contracten en hogere risico’s op burn-out en bore-out.

Impact op onderwijs en onderzoek

Het neoliberale denkkader dringt niet alleen door in het beleid en management van hogescholen, maar zorgt ook voor substantiële veranderingen in de praktijk van onderwijs en onderzoek.

Volgens Henri Giroux elimineert het neoliberalisme publieke sferen waar mensen leren om private problemen te vertalen naar publieke kwesties. Voor opleidingen sociaal werk raakt dit aan hun fundamenten.

We zien een verschuiving van kritische sociale analyse van de samenleving naar (bio)psychologische analyse van één persoon. De klemtoon ligt op individuele verandering, ten koste van sociale verandering. Kennis en vaardigheden worden menselijk kapitaal, dat moet worden vergroot om het te kunnen inzetten op een competitieve arbeidsmarkt. Evidence-based wordt de gouden standaard voor onderwijs en onderzoek.

‘De klemtoon ligt op individuele verandering, ten koste van sociale verandering.’

Onderzoek wordt een handelswaar dat moet worden gebruikt voor winst. Publieke financiering wordt een hefboom voor het aantrekken van nog meer private of publieke middelen. Onderzoekers worden gewaardeerd in de mate dat zij die middelen genereren.

Tegenbeweging

Een groeiende stroom onderzoek richt de aandacht op mogelijkheden om deze neoliberalisering van het onderwijs tegen te gaan. Deze literatuur moedigt benaderingen van sociaalwerkonderwijs aan die een kritisch theoretisch perspectief bevorderen. Denk aan het aanleren van kritische reflectie en het ontmantelen van dominante discoursen, verkennen van macht en privileges of structureel analyseren van sociale problemen.

In het onderzoek naar deze vormen van verzet wordt veel verwacht van lectoren. Dat ze zich willen en kunnen verzetten tegen de neoliberalisering van hun opleidingen wordt te veel als evident gezien. Het wordt te weinig als probleem onderzocht.

Want lectoren zijn zelf ook verstrengeld met de neoliberale denkwijze, ook als ze die als een externe bedreiging voor hun opleiding beschouwen. De neoliberale belofte van individuele keuze en persoonlijke ontwikkeling is zeer aantrekkelijk.

Tegelijk is die neoliberale logica, die lectoren aanzet om zichzelf als menselijk kapitaal grondig uit te baten/buiten, zeer ondermijnendDit wordt uitgewerkt in Psychopolitiek: neoliberalisme en de nieuwe machtstechnieken, door Byung-Chul HanLectoren worden heen en weer geschud tussen de belofte van individuele ontwikkeling en de constante druk om hun prestaties te verbeteren.

Tussen volgzaamheid en verzet

Vanuit die ambivalentie kunnen lectoren verschillende posities innemen tegenover neoliberale trends en praktijken. We kunnen die in kaart brengen door ze te positioneren langs twee assen: consensus vs. dissensus of de mate waarin lectoren akkoord gaan met neoliberale trends; en actief vs. passief of de intentionaliteit en kracht in hun reactie. Zo komen we tot een typologie met vier posities: samenwerking, medeplichtigheid, coping en verzet.

Natuurlijk zijn deze posities dynamisch. Ze veranderen tijdens de loopbaan van een lector. Of lectoren nemen in een bepaald geval een positie van samenwerking in, terwijl ze andere trends gewoon aan zich laten voorbijgaan, of er zich tegen verzetten.

Met ‘samenwerking’ bedoelen we het actief ondersteunen van neoliberalisering. Lectoren werken bijvoorbeeld enthousiast mee aan een curriculum met meer aandacht voor een persoonlijk ontwikkelingstraject en minder voor maatschappelijke analyse.

‘Sommige lectoren zoeken manieren om zich aan te passen zodat hun job niet te veel in het gedrang komt.’

‘Medeplichtigheid’ wil zeggen dat lectoren meewerken aan de implementatie van neoliberalisering. Ze denken bijvoorbeeld mee met leidinggevenden over onderwijs met minder contacturen of grotere klassen bij de uitvoering van een besparingsbeleid.

‘Coping’ betekent dat lectoren manieren zoeken om zich aan te passen zodat hun job en de uitvoering ervan niet te veel in het gedrang komen. Bijvoorbeeld: ze nemen deel aan het proces van tevredenheidsmetingen onder studenten, in de – meestal ijdele – hoop dat ze zich daarna weer kunnen richten op relevantere zaken.

Stil en openlijk verzet

Ten slotte is er de mogelijkheid van verzet. Dat verzet vertrekt vanuit een positie van onenigheid en ongehoorzaamheid. Er zijn veel praktijken van verzet denkbaar.

Om ook hier wat overzicht te brengen, ordenen we die langs twee assen: is het verzet verborgen of publiek; en is het individueel of collectief? Een overzicht met enkele voorbeelden:

Dit overzicht helpt ons begrijpen dat het verzet van lectoren niet enkel gaat over stakingen of petities. Vaak neemt het de vorm aan van alledaagse onderhandelingen, stilte, ironische humor of subtiele ongehoorzaamheid. De antropoloog Scott noemt al die onopvallende, verspreide, informele en vaak onzichtbare vormen van verzet ‘infrapolitiek’. Die heeft betekenis omdat ze de schijn van instemming uitholt en een voorbode kan zijn van openlijk verzet.

En ook individueel verzet mogen we niet onderschatten. Hoewel het geïsoleerd of klein kan lijken, heeft het potentieel om op te schalen, zich te verbinden met verzet van anderen en uit te groeien tot meer collectief verzet dat in staat is om de neoliberale logica uit te dagen.

Verzet van lectoren kan op verschillende niveaus plaatsvinden. Op het microniveau in hun dagelijkse interacties met studenten, collega’s en professionals in het werkveld. Op het mesoniveau binnen hun opleidingen en hogescholen. Op het macroniveau via allianties met gemeenschappen en bewegingen in het sociaal werk, het hoger onderwijs en de samenleving.

Een goed begin is de collegialiteit in de opleidingen versterken. Ook kunnen lectoren het zwijgen doorbreken en protest aanwakkeren door te getuigen over hun functioneren als lector in een neoliberale context.

Daarom doe ik een oproep aan lectoren die zich samen willen verzetten tegen de neoliberalisering van hun opleidingen. Laat van je horen, ga in gesprek met je collega’s. En wil je meer in beweging zetten? Kom dan op 10 september 2025 naar de Kick-off van de Ariadne Academie, een netwerk van lectoren die samen meer collectieve en publieke vormen van verzet ontwikkelen tegen de neoliberalisering van hun opleidingen.

Reacties [16]

  • Stefanie Kesteloot

    Het doet me deugd te lezen dat er onderzoek verricht wordt naar de infiltratie van het neoliberalisme in het sociaal werk, en misschien nog belangrijker: hoe lectoren zich hiertegen kunnen verzetten. In mijn doctoraat richtte ik me op de periode net na de Tweede Wereldoorlog en onderzocht ik een globaal initiatief dat aanvankelijk gestoeld was op solidariteit en mensgerichtheid. Al snel bleek dat marktgericht denken deze initiatieven begon over te nemen, zelfs in een tijd waarin solidariteit hoogtij vierde.
    Dit marktgerichte denken blijft aanwezig en is inmiddels nauwelijks nog weg te denken uit het maatschappelijk beleid en zijn praktische invulling. Ik kijk ernaar uit om jouw doctoraat te lezen en wens je veel succes.

  • Hannah

    Ik ben heel blij dat mijn intuitief aanvoelen en wrang gevoel (waardoor ik de sector ook effectief heb verlaten) een trend is die gezien wordt. Maar als ik terugdenk aan mijn lectoren dan ben ik hoopvol, want er zijn geen mensen die meer geschikt zijn om verandering in gang te zetten dan deze groep. Als de waarheid voor ons ligt, kunnen we die niet negeren. Veel succes met je doctoraat!

    • Bart Van Bouchaute

      Dank voor je reactie Hannah. Dat is net mijn punt over verzet. Neoliberalisme is niet het grote monster dat ons verslindt maar eerder een rationaliteit die onze gedachten en praktijken binnensluipt. Ander discours en andere praktijken blijven altijd mogelijk. Daar samen aan werken in opleidingen en ook in het werkveld is zinvol en hoopvol.

  • Linde

    Praktijk voorbeeld: Boechout psychiatrische nazorg halve dag verblijf nlk. elke voormiddag van 9 tot 13 uur.
    Plots moesten ex-psychiatrische patiënten een hele dag verplicht aanwezig zijn, opgelegd door het management + RIZIV = enigste doelstelling meer inkomsten riziv aanrekenen: dagprijs verdubbelen.
    Elke dagprijs patiënten nam voorrang op de psychische welbevinden patiënt.
    Alle patiënten konden zelfstandig en onafhankelijk in huishoudelijke context een halve dag thuis functioneren . Er was geen vraag voor bijkomende namiddagen structuur, niemand wou het schema veranderd zien.
    Het business programma in de psychiatrische nazorg domineerde het welzijn van elke patiënt. Maakte patiënt afhankelijker van zorg ipv afbouwen.
    Patiënten dienden enkel als inkomsten voor de psychiatrische davoorziening in plaats van hun zelfstandigheid en maatschappelijke integratie te stimuleren , werd het hen afgenomen.
    Alles of niets, zwart – wit, 8 uur verblijf of volledig ontslag.
    Geen keuze, no optie.

    • Bart Van Bouchaute

      Dit is een mooi voorbeeld van hoe ‘managerialistisch’ denken en praktijk sociaal werk en voorzieningen dreigt te domineren. Gelijkaardige trends merken we in opleidingen en hogescholen vandaar mijn actie-onderzoek om het verzet van lectoren meer collectief en publiek te maken. Hopelijk kan dit ook het werkveld aanmoedigen.

  • Ronald Stevens

    Zelfs als bestuursvrijwilliger word ik daar de laatste tijd mee geconfronteerd.
    Zie ook de meerjarenplanning die elke vereniging, die op sociaal vlak actief is, moet en zal opmaken. Dit met een vooraf opgemaakt en inderdaad neo liberaal stramien. Vriendelijke groeten Ronald

    • Bart Van Bouchaute

      Dank voor je reactie Ronald. Ik ben zelf ook bestuursvrijwilliger en ik merk zelf ook dat we kritisch moeten blijven voor de verwachtingen naar planning en monitoring en de concrete technieken en sjablonen die worden gehanteerd. Die worden vaak als zakelijk goed bestuur voorgesteld maar kunnen inderdaad een neoliberale logica volgen. Daarom is het zinvol en hoopvol dat niet enkel medewerkers maar ook bestuurders hier bewust en kritisch mee omgaan.

  • Erik Vandereecken

    Een zeer opmerkelijke wake up call!
    Die geleidelijke infiltratie van de neoliberale ideologie zag en zie ik ook in de geneeskunde en bij zijn beoefenaars. Ik kijk al reikhalzend uit naar de doctoraatsverhandeling van Bart.

    • Bart Van Bouchaute

      Dank voor je reactie, Erik. Mijn stelling (met Wendy Brown e.a.) is inderdaad dat deze rationaliteit bijna ongemerkt in alle domeinen binnendringt. Het heeft me wel verwonderd dat ook sociaal werk opleidingen zo vlot ingepakt worden… wat me heeft doen nadenken en aanleiding was tot dit onderzoek….

    • Linde

      Dank voor deze bijzondere treffende analyse , uw schets van verschuiving doelstellingen geeft duidelijkheid onderliggende problematiek.

  • Steven Brandt

    Tussen verborgen en publiek verzet zit een heel universum. Hoewel de opdeling vanuit academisch standpunt relevant is, is verzet vooral reactief.
    Om een verandering in beweging te zetten is het even belangrijk om alternatieven te verkennen – samen met de studenten en nieuwe concrete positieve acties op te zetten die onze opleidingen opnieuw collectiever en menselijker maken.

    • Bart Van Bouchaute

      Interessante opmerking Steven, is zie die assen ook als continua en niet als een opsplitsing. Mijn interesse ligt vooral in hoe processen van individueel/verborgen naar collectief/open kunnen evolueren.
      Interessant is ook dat verzet niet enkel protest inhoudt, ‘verandering eisen’ maar ook ‘verandering doen’. Prefiguratie is een krachtige manier om het TINA verhaal te ontzenuwen en aan nieuwe perspectieven te werken ‘in de schil van het oude’.`

  • Lieve Polfliet

    Ik ben al langer bezorgd, na het lezen van deze bijdrage ook wat Hoopvol! Dank voor jullie analyse met een concrete actie als gevolg.

    • Bart Van Bouchaute

      Dank voor je reactie. In de actie ligt de hoop!

    • Franky

      De afhankelijkheid van financieringsvormen maakt dat mensen op de toppen van hun tenen lopen. Mee gezogen worden in het neo-liberale gedachtengoed is daar het gevolg van. Recht mits allerhande voorwaarden gebaseerd op sociaal onrecht.
      De vraag is: ‘Voor wie willen we wat betekenen, waar staan we voor?’

    • Bart Van Bouchaute

      Ik denk inderdaad, Franky, dat het bestuur- en financieringssysteem in het hoger onderwijs een neoliberale concurrentielogica aanzwengelt en leidt tot steeds nieuwe besparingsrondes. In mijn analyse probeer ik aan te geven dat die logica ook breder, soms ongemerkt aanwezig is, tot en met in de praktische begeleiding van studenten tijdens hun stages bijvoorbeeld.

We zijn benieuwd naar je mening!
Blijf hoffelijk, constructief en respectvol

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.