Tijdelijk Onderwijs Aan Huis
Een groeiende groep jongeren geraakt niet meer tot aan de schoolpoort. Door ziekte vallen ze uit. Hun leerrecht komt in het gedrang, en daarmee ook hun recht op ontwikkeling, sociale contacten, zorg en welzijn. Deze jongeren kunnen beroep doen op Tijdelijk Onderwijs Aan Huis (TOAH)-leerkrachten. Zij worden vier uur per week ingezet om de leerling weer naar school of naar een diploma te begeleiden. Het zijn vaak contactmomenten die voor deze jongeren als hun laatste reddingsboei aanvoelen.
‘Het grootste deel van de jongeren zitten omwille van psychische problemen thuis.’
“De vraag is groot” steekt TOAH-leerkracht Lisa Ceulemans van wal. “Vroeger werden we vooral ingezet als een jongere fysiek niet naar school kon, bijvoorbeeld na een operatie. Ondertussen zien we steeds vaker complexe problematieken opduiken.”
Leerkracht of hulpverlener?
Zo begeleidt Lisa vooral jongeren tussen 12 en 21 jaar die door ontwikkelingsstoornissen, psychosociale, emotionele of gedragsproblemen niet meer voltijds naar school kunnen. In dergelijke situaties fungeren TOAH-leerkrachten als cruciaal en vaak laatste vangnet.
Lisa probeert een schakel te zijn tussen de (thuis)context, hulpverlening en school. Toch ontkent ze meteen dat ze een hulpverlener is. “Ik blijf vooral een leerkracht, en probeer elke jongere iets te bij te leren. Maar vaak zijn deze jongeren nog niet meteen toe aan een les wiskunde, bijvoorbeeld. Soms sta ik letterlijk aan hun bed en zoeken we samen stap voor stap uit hoe ze zich beter kunnen voelen, wat ze nodig hebben en waar hun interesses liggen.”
“Dat vraagt tijd, geduld, vertrouwen langs beide kanten en expertise in combinatie met gezond verstand én buikgevoel. We gaan op zoek naar kleine dingen die hen op weg helpen naar een beter gevoel over zichzelf. Daarom geeft deze job me ook zoveel voldoening, omdat het tussen lesgeven en zorg ligt.”
Betekenisvol leren
Een leerling die voldoet aan de voorwaarden, heeft recht op vier uur TOAH per week. Sommige jongeren proberen de andere lesuren toch aan te haken op school, anderen vallen helemaal uit en zitten thuis. “In die beperkte tijdsspanne wil ik mijn leerlingen opnieuw structuur, (zelf)vertrouwen en eigen verantwoordelijkheid bijbrengen, en perspectief geven.”
“Hen opnieuw motiveren is een grote uitdaging, doordat ze vaak een afkeer hebben ontwikkeld voor school en leren. We laten de druk op presteren achterwege maar focussen op nabijheid, maatwerk en betekenisvol leren. Op die manier probeer ik opnieuw continuïteit te brengen in onderbroken schooltrajecten.”
‘Stel dat er geen TOAH-leerkrachten zijn, wie komt er dan langs bij deze jongeren?’
Lisa vertelt vol vuur over haar eerste ervaring als TOAH-leerkracht: “Mijn eerste leerling zat met een psychiatrische problematiek thuis. Niet ziek genoeg voor een opname in de psychiatrie maar te ziek om school te volgen.” Samen met de school stippelde Lisa een traject voor hem uit. “We bekeken welke vak- en domeinoverschrijdende doelstellingen voor hem haalbaar waren. Zo kwamen we op een plan waarbij de nadruk zou liggen op competenties, vaardigheden en kennis. Denk daarbij aan leren samenwerken, dingen opzoeken, zelfstandig worden en initiatief nemen.”
Zonder begeleiding van een TOAH-leerkracht zou de jongen het risico lopen om ganse dagen thuis door te brengen, vaak alleen, en opgesloten zitten in zijn kamer met videogames. “Stel dat er geen TOAH-leerkrachten zijn, wie komt er dan langs bij deze jongeren? Wie gaat met hen in gesprek? Wie gaat er mee uitzoeken hoe ze zich beter kunnen voelen?”, vraagt Lisa zich luidop af. “Die opdracht kunnen we onmogelijk bij het standaard takenpakket van een leerkracht leggen.”
“Omdat we bij hen thuis komen, zien we wat daar afspeelt, dat zie je niet wanneer je de jongere enkel in de klas hebt. Ook gaan we vaak aan de slag met hun ouders. Dat is erg belangrijk, we zoeken samen naar een oplossing.”

‘In het reguliere onderwijs is er te weinig tijd om één-op-één met de leerlingen bezig te zijn.’
© Sociaal.Net / Sofie Terryn
Te veel druk
Lisa combineert vijfentwintig jaar ervaring als psychiatrisch verpleegkundige met vijftien jaar onderwijservaring in het secundair onderwijs. Ze weet als geen ander waar de pijnpunten van het klassieke onderwijssysteem liggen. “In het reguliere onderwijs is er te weinig tijd om te weten wat er leeft bij de jongeren in de klas. Er is te veel druk, te veel stress en een te grote focus op presteren. Bovendien is er ook veel te weinig tijd om één-op-één bezig te zijn met de leerlingen.”
‘Ik geloof niet dat we met één manier van lesgeven alle jongeren kunnen bereiken.’
Dat is ook wat haar drijft als TOAH-leerkracht. “Ik ben er niet van overtuigd dat er één school of één richting voor iedereen is. Ik geloof niet dat we met één manier van lesgeven alle jongeren kunnen bereiken. Wel geloof ik dat geen enkele jongere verloren mag lopen tussen systemen.”
“Je kunt pas tot leren komen als je je goed voelt”, stelt Lisa. “Veel jongeren komen niet aan leren toe omdat ze niet functioneren in een klas met twintig andere leerlingen. Of ze gaan gebukt onder stress, prestatiedruk en hoge verwachtingen. Maar dat wil niet zeggen dat ze niet meer willen leren of hun diploma niet willen halen. Wij bekijken dan samen wat de opties zijn. Is terug voltijds naar school realistisch of verschuiven we de aandacht naar het voorbereiden op een beroep?”
Impact van één-op-één trajecten
Wanneer een jongere vastloopt op school, ontstaat er door een één-op-één traject met een TOAH-leerkracht vaak de ruimte om uit te zoeken waar de interesses dan wel liggen. “Eén van mijn leerlingen ontdekte door ons traject dat hij graag met fietsen werkte. Toen hij zestien werd, schreven we hem in het volwassenenonderwijs in voor een opleiding fietshersteller.”
‘Het is cruciaal dat we deze jongeren het signaal geven dat we hen niet loslaten.’
Naast haar vier uur lesgeven, steekt Lisa vaak een extra tandje bij. “Die jongen doet ondertussen stage bij de fietsafdeling van de Decathlon en mag daar in het weekend gaan werken als jobstudent. Op die manier kon hij een centje bijverdienen. Het motiveerde hem om zijn rijbewijs te halen, waar ik ook mee hielp, en met zijn eerste centjes een bromfiets te kopen.”
Als TOAH-leerkracht heb je echt impact. “Vroeger kon hij niet eens de bus pakken, omdat hij met angsten worstelde. Nu rijdt hij rond naar zijn stageplek met zijn brommer. Het geeft veel voldoening dat ik hem doorheen dat proces heb mogen begeleiden.”
“Succes groeit maar als verschillende partijen met elkaar samenwerken, zoals de jongere, zijn gezin, de TOAH-leerkracht, de school, het CLB en de arts/kinderpsychiater. Vaak ook met de consulenten van de jeugdrechtbank. Sommige jongeren staan onder toezicht van de jeugdrechter. Ook hier proberen we deze mee te trekken en op de hoogte te houden van onze bevindingen en ons leerproces. Het is cruciaal dat we deze jongeren het signaal geven dat we hen niet vergeten, dat we samenwerken én vooral niet loslaten.”
Niet te lang wachten
“Toch vinden nog te veel jongeren vandaag geen plek op school. Ze kunnen niet aanpikken, worden uitgesloten of geschorst. We moeten volop de kaart trekken van preventie door als één team rond een jongere samen te werken. Dat doen we door regelmatig overleg, direct communiceren en realistische trajecten op te zetten. Vier uur per week is niet veel, maar kan wel degelijk structuur brengen, motivatie stimuleren en succeservaringen creëren.”
‘Te veel jongeren vinden vandaag geen plek op school.’
Lisa vindt het dan ook jammer dat scholen vaak te lang wachten met ingrijpen wanneer er zich gedragsproblemen in de klas voordoen. “Met TOAH kan je een kwetsbare leerling uit de klas halen en een één-op-één traject van enkele weken opstarten. Dat is inzetten op preventie, voordat de situatie helemaal escaleert. Dat zou vaker moeten gebeuren zodat het ook in schoolklassen werkbaar blijft.”
Buiten.Gewoon.Weg.
TOAH heeft haar mogelijkheden én haar grenzen. Zo blijft de schoolcontext op de achtergrond onvermijdelijk aanwezig. “Met mijn achtergrond als psychiatrisch verpleegkundige ben ik een beetje gaan experimenteren. Ik kreeg van de scholen de vrijheid om uit te zoeken hoe ik deze leerlingen het best kan ondersteunen om stap voor stap weer iets op te bouwen. Maar tegelijkertijd ook de oorzaken van hun kwetsbaarheid te achterhalen en aan te pakken.”
‘Wij hoeven geen respect af te dwingen, dat gaat vaak vanzelf.’
En zo ontstond het idee om aan de rand van het Zoerselbos ‘Buiten.Gewoon.Weg’ op te richten, een initiatief waar Lisa en haar partner – ook TOAH leerkracht – hun leerlingen in de buitenlucht ontvangen. Op het groene domein dat ze ter beschikking kregen van iemand uit de buurt ligt de focus voornamelijk op alternatief, zelfontdekkend en ervaringsleren.
Zo maken ze samen soep, bouwen een werkhuis op en gebruiken de natuurlijke biotoop van het domein om te onderwijzen. “Hier mogen jongeren gewoon zichzelf zijn. Ze voelen dat we hen hier als een waardevol en uniek mens zien. Wij wijzen niet met het vingertje. Respect afdwingen voor elkaar en het materiaal gaat hier vanzelf.”

‘We zijn vooral leerkrachten, maar tegelijkertijd zijn we ook zo veel meer dan dat.’
© Sociaal.Net / Sofie Terryn
Uit eigen zak
“Momenteel hebben we nog geen subsidies of middelen voor materiaal. Daardoor draaien we zelf op voor de kosten”, vertelt Lisa. “Ondertussen zijn we vaste klant bij de Kringwinkels en leren we de jongeren dat ze met weinig budget ook wel wat kunnen bereiken. Hun creativiteit wordt hierdoor ook erg gestimuleerd.”
Toch stapelen de bedragen zich snel op. “Het afgelopen jaar hebben we meer dan tweeduizend euro uit eigen zak betaald”, vertrouwt ze me toe. Wat eigenlijk “maar” neerkomt op 150 euro per leerling per schooljaar en 4,5 euro per week. “Om onze werkkas toch wat te spijzen, hebben we samen chocobombs gemaakt en verkocht. Met die opbrengst konden we tijdens een theaterbezoek tenminste iedere leerling van een drankje en een snack voorzien.”
Gebrek aan erkenning
TOAH-leerkrachten vormen een brug tussen zorg, welzijn en onderwijs. “We zijn vooral leerkrachten, maar tegelijkertijd zijn we ook zo veel meer dan dat”, zegt Lisa. “We zorgen ervoor dat deze jongeren geen intensieve residentiële trajecten in instellingen moeten volgen. Toch worden we nog te weinig gezien. We werken in de schaduw, waardoor we soms erkenning missen.”
‘We werken in de schaduw, waardoor we soms erkenning missen.’
“We krijgen vooral aanmoedigingen en waardering van de scholen en diensten waarmee we samenwerken. Dat is heel fijn en steunend. Maar op beleidsniveau worden we vaak onderschat. Want om de vele noden te beantwoorden, zijn er veel meer TOAH-leerkrachten nodig.”
Kostbaar
TOAH is een initiatief van het Vlaams Departement Onderwijs en Vorming. “Net zoals alle andere leerkrachten, word ik betaald met gemeenschapsmiddelen. “Zo’n één-op-één onderwijsvorm aan huis is duur”, is Lisa eerlijk. “Ik word evenveel betaald voor één leerling als wanneer ik voor een viertal uur voor een klas van twintig jongeren sta.”
Toch moet je die kost in het juiste perspectief plaatsen. “Wanneer ik met één leerling een intensief begeleidingstraject aanga, dan voorkom ik vaak een nog veel duurder residentieel traject. Daarom zijn TOAH-leerkrachten een investering die zich volledig terugbetaalt. En vooral: we proberen schooluitval te verminderen, jongeren terug te activeren en zin te geven en geven jongeren weer een toekomstperspectief door leertrajecten op maat tijdelijk aan te bieden. Daar moeten we voor strijden.”


Reacties [1]
U hebt het hier vooral over jongeren die op school probleemgedrag vertonen, en die niet echt ingesteld zijn op cognitief leren. Maar wat met die andere, meestal vergeten groep scholieren die eerder eenzaten zijn, die op school gepest worden, maar die eigenlijk wel net zeer leergierig en zelfs hoogbegaafd en/of hooggetalenteerd zijn? Voor hen meestal geen dure één-op-ééntrajecten. Meestal worden zijn zelfs gezien als ‘sterk’ en meer dan genoeg in staat om hun eigen boontjes te doppen, hoewel de emotionele problemen en zelfs complexe trauma’s bij hen aanzienlijk kunnen zijn.