Achtergrond

Juriste Patricia Popelier: ‘De grondwet blijft ons sterkste wapen tegen willekeur en populisme’

Geert Schuermans

De grondwet klinkt vaak als een droge verzameling artikels, ver weg van het leven van alledag. Maar volgens professor Patricia Popelier (Universiteit Antwerpen) is ze dat allerminst. Voor deze juriste is onze grondwet een identiteitskaart die toont welke samenleving wij zijn en willen zijn. Op donderdag 18 september geeft ze hier een webinar over voor SAM, steunpunt Mens en Samenleving en Sociaal.Net.

Dossier:  
Patricia Popelier

© Sociaal.Net / Lisa Develtere

“Ik voer een pleidooi voor meer democratie en meer rechtstaat”, zegt Patricia Popelier vol overtuiging. Heel het gesprek door klinkt in haar stem de verontwaardiging over de huidige politieke gang van zaken en een oprecht engagement om daar verandering in te brengen. Nochtans is deze professor grondwettelijk recht geen activiste. Haar mening is stevig gegrond in academische expertise.

‘Een grondwetspecialist heeft heel wat te vertellen aan sociale professionals.’

We zitten in haar heerlijk rommelige bureau, hartje Antwerpen. Vooraleer ik mee aan tafel kan schuiven, moet deze professor eerst plaats ruimen en een dikke stapel boeken verhuizen. Haar meest recente boek ‘Een grondwet voor ons allemaal. Verhalen van democratie en rechtstaat’ is een must-read voor iedereen die wil weten hoe onze rechtstaat werkt en bezorgd is om het klimaat, de lege loketten, het hoofddoekenverbod en al die mensen die niet weten of ze financieel het einde van de maand zullen halen. Dus ja, een grondwetspecialist heeft heel wat te vertellen aan sociale professionals.

Waarom schrijft iemand een boek over de grondwet?

“Als professor grondwettelijk recht is het natuurlijk het thema waarin ik gespecialiseerd ben. Dat wil zeggen dat ik er onderzoek naar doe, les over geef en er academische artikels over publiceer.”

“Die gespecialiseerde teksten bereiken slechts een erg beperkt publiek. Dat is op zich niet erg, maar in aanloop naar de federale verkiezingen in 2024 deden tal van politici stoere, populistische voorstellen waaraan ik me ergerde omdat ze pertinent ongrondwettig waren. Ik zat dan ’s avonds te vloeken voor mijn tv. Mijn zoon counterde mijn frustraties en daagde me uit om in een toegankelijk boek uit te leggen wat een grondwet eigenlijk is.”

Goede vraag: wat is dat eigenlijk, een grondwet?

“De grondwet is de basistekst van ons land, vergelijk het met de statuten van een vereniging. De grondwet bepaalt wie er in België mag beslissen wat burgers moeten doen en wanneer. Maar ze perkt die macht ook in. Ze beschermt ons tegen willekeur van de overheid, geeft aan hoe onze stem in dit geheel van tel is en legt neer wat we waardevol vinden. Eigenlijk gaat onze grondwet over hoe we onze democratie en rechtstaat vormgeven, al staat dat er niet letterlijk zo in.”

Dat klinkt allemaal alsof het in steen gebeiteld is?

“Net niet. De grondwet is een levend instrument. De essentie van democratie en rechtsstaat moet erin overeind blijven, maar de invulling evolueert mee met de samenleving. Toen onze grondwet in 1831 werd geschreven, was er nog geen sprake van een algemeen stemrecht en lag de macht bij de rijkere klasse. Niet toevallig kreeg het eigendomsrecht toen vaak voorrang op andere rechten. Pas toen ook andere groepen stemrecht verwierven, verschoof die balans.”

‘Mijn zoon daagde me uit om in een toegankelijk boek uit te leggen wat een grondwet eigenlijk is.’

“Zodra de samenleving verandert, verandert ook de interpretatie van de grondwet. Onze grondwet vertelt ons niet alleen wie we vandaag zijn, maar ook wie we als samenleving willen worden. De grondrechten die in de grondwet beschreven staan, krijgen pas echt betekenis in concrete situaties.”

Kan je daar een voorbeeld van geven?

“Neem een journalist die wil schrijven over het privéleven van een politicus. Wat primeert dan? De vrijheid van meningsuiting of het recht op privacy, die beide in de grondwet staan?”

“Rechten botsen voortdurend met elkaar en het is in die botsingen dat de grondwet tot leven komt. Iedereen geeft er mee vorm aan: niet alleen politici of rechters, maar ook sociaal werkers door de manier waarop ze rechten van mensen in een kwetsbare positie opeisen.”

Sociale organisaties zetten inderdaad steeds vaker juridische middelen in om de overheid op meer sociale gedachten te brengen, denk aan de Woonzaak, Iedereen beschermd of de Kinderopvangzaak. Hoe kijk jij daarnaar?

“Ik zie dat als een positieve evolutie. Vandaag is het om allerlei redenen nodig om overheid en politici bij de les te houden en duidelijk te maken dat er grenzen zijn aan populistisch beleid. Het middenveld is daar de geschikte actor voor: meer dan anderen beschikken zij over de expertise om te bepalen waar verandering nodig is. Bovendien zouden het anders telkens individuele burgers zijn die hun nek moeten uitsteken.”

Houdt zo’n juridische strijd voor middenveldorganisaties dan geen risico’s in?

“Toch wel: het is niet omdat je een rechtvaardige zaak voor de rechtbank trekt, dat je ze wint. Je kan verliezen. Rechters hebben een natuurlijke vooringenomenheid ten voordele van de overheid. Dat zit in hun DNA. Hun opdracht is immers om de wet toe te passen, niet om ze te veranderen.”

“Een middenveldorganisatie moet dus heel zeker zijn van haar dossier voor ze deze stap zet. Als je een rechtszaak aanspant, zit je automatisch in conflictmodus. De overheid zou daar volwassener mee mogen omgaan, al blijft het in de praktijk voor alle partijen moeilijk om voor de rechter te staan en toch de dialoog open te houden.”

Wat raad je organisaties aan die overwegen om strategisch te procederen?

“Wij onderzochten beslissingen van het Grondwettelijk Hof. Daaruit blijkt dat het Hof toch anders oordeelt in belangrijke maatschappelijke zaken waarbij veel mensen betrokken zijn. Vaak verschijnen die ook uitgebreid in de media, nog voor ze bij de rechter belanden. De uitspraken in deze zaken worden meestal uitgebreid gemotiveerd en leiden vaker tot de vernietiging van een overheidsbesluit.”

‘Strategisch procederen is vooral geschikt als laatste redmiddel.’

“Het is met andere woorden essentieel om met een zo breed mogelijke coalitie naar de rechter te trekken. Dat toont maatschappelijk draagvlak. Bovendien is strategisch procederen om dezelfde reden vooral geschikt als laatste redmiddel. Het is een hefboom voor situaties waarbij je eerst een sterke, politiserende campagne hebt gevoerd, veel mensen hebt gemobiliseerd, maar de overheid desondanks toch weigert om te bewegen.”

Finaal beslissen rechters. Is het goed dat ze zo’n cruciale rol krijgen?

“Zoals gezegd evolueert de grondwet. Dat is goed, maar tegelijk mag de tijdsgeest niet bepalend worden. Er is nood aan rechtszekerheid en stabiliteit. De leidende principes moeten overeind blijven. Als rechters belangen afwegen, vormen ze de weerhaken die ervoor moeten zorgen dat we niet te ver of te snel de ene of de andere richting uitgaan.”

“Dat is een aartsmoeilijke job. Omdat ze niet verkozen zijn, moeten rechters in hun beslissingen steeds naar legitimiteit zoeken. Die vinden ze in de wet, maar ook in wat er leeft in een samenleving. Soms is dat echt een spanningsveld.”

Kan je daar een recent voorbeeld van geven?

“Je ziet dat in het vluchtelingenbeleid. Mensen die asiel aanvragen, hebben recht op onderdak, op bescherming, op een gezinsleven. Rechters hebben de overheid al meermaals veroordeeld omdat ze die rechten niet respecteerde. Maar tegelijk is er in de samenleving een sterke roep om grenzen te sluiten en opvang te beperken. Dat toont hoe grondrechten botsen met de tijdsgeest en waarom het zo belangrijk is dat ze overeind blijven.”

justitie

Patricia Popelier: “Het discours van sommige politici is erg populistisch geworden en dat baart me zorgen.”

© Sociaal.Net / Lisa Develtere

Heb je de indruk dat de job van rechter moeilijker geworden is?

“Toch wel. Het discours van sommige politici is erg populistisch geworden en dat baart me zorgen. Zo beweert premier De Wever dat de interpretatie van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens door het Europees Hof niet meer past bij de huidige uitdagingen rond migratie en criminaliteit. Terecht reageerde de Raad van Europa scherp door te benadrukken dat de rechten van migranten beschermd moeten blijven.”

“Uiteraard weten deze politici dat hun populistische uitlatingen juridisch niet kunnen. Maar dat is in eerste instantie ook niet hun doel. Met hun provocaties verleggen ze de grenzen van het aanvaardbare weer een beetje. Ze duwen de samenleving een richting uit.”

Rechters die met hun vonnissen hiertegen ingaan, worden weggezet als activistisch.

“Dat is natuurlijk een semantisch trucje. Als je iemand activist noemt, moet je niet met hem in discussie gaan en voorkom je het inhoudelijke debat dat je best wel eens zou kunnen verliezen. Hetzelfde zie je gebeuren wanneer politici rechters ‘woke’ noemen. Zulke uitspraken zijn nefast voor het vertrouwen in justitie. Stap voor stap hollen ze het vertrouwen in de rechterlijke macht uit.”

Waarom is dat vertrouwen in justitie zo belangrijk?

“Omdat het rechters in staat stelt een tegenmacht te vormen tegen de almacht van de politiek. In een democratisch land kunnen politici zich niet alles permitteren. Het feit dat ze verkozen zijn, geeft hen geen vrijgeleide om wetten en rechten op losse schroeven te zetten.”

‘Het feit dat ze verkozen zijn, geeft politici geen vrijgeleide om wetten en rechten op losse schroeven te zetten.’

“Laat ik dat belang aantonen met een voorbeeld. Tijdens de coronapandemie zijn er nogal wat maatregelen genomen die epidemiologisch misschien effectief waren, maar die op een zwakke wettelijke basis steunden, zoals de avondklok. Zeker in de begindagen speelde er een sterk ‘rally around the flag’-effect: dat is het fenomeen dat burgers in crisistijden massaal steun tonen aan hun leiders. Het vertrouwen in onze beleidsmakers was toen veel hoger dan dat in justitie, waardoor rechters nauwelijks ruimte hadden om kritiek te geven. Ze konden het gevoerde beleid juridisch vaak alleen maar legitimeren.”

Hoe zit het vandaag met dat vertrouwen in justitie?

“Vertrouwen in de politiek schommelt tussen de 18 en de 45 procent. Dat in de rechterlijke macht ligt consequent hoger, al moet gezegd dat ook het vertrouwen in die rechterlijke macht de laatste tijd een ferme knauw gekregen heeft.”

Hoe komt dat?

“De zaak Sanda Dia heeft er stevig ingehakt. Maar er spelen ook bredere factoren. Een eerste is de cynische houding van politici tegenover justitie. Denk aan de opvangcrisis: ondanks veroordelingen door de rechtbanken weigert de Belgische staat structureel om die arresten uit te voeren. Als juridische verplichtingen worden genegeerd omdat ze politiek onwelgevallig zijn, is het niet vreemd dat burgers minder vertrouwen krijgen in de rechterlijke macht.”

“Daarnaast is er de structurele onderfinanciering. Justitie krijgt gewoon te weinig middelen. Dat merk je al aan de gebouwen – het justitiepaleis in Brussel staat haast op instorten – maar vooral aan de veel te trage procedures. Mensen moeten soms jarenlang wachten op een uitspraak, simpelweg omdat er te weinig personeel is. De magistraten hadden overschot van gelijk toen ze begin dit jaar protesteerden voor meer middelen. Daarbij was het wel een tactische blunder om de focus op hun pensioenen te leggen. Dat geeft een beeld van eigenbelang.”

“Bovendien blijft justitie ook intern nog steeds worstelen met wereldvreemdheid. Een te groot deel van de bevolking herkent zich niet in ons rechtsapparaat. Dat is meer dan een gevoel. In de lagere rechtscolleges zijn er de laatste jaren nogal wat vrouwen bij gekomen, maar onze rechters in de hogere rechtscolleges en griffiers zijn veelal witte mannen. Voor het vertrouwen in justitie is dat niet goed.”

Is het enkel slecht voor het vertrouwen in justitie? Recent Nederlands onderzoek toont aan dat voor eenzelfde vergrijp mensen in een kwetsbare positie vaker in de cel belanden dan mensen die hoger op de maatschappelijke ladder staan.

“Ook dat onderzochten we en de resultaten liegen er niet om. Professor Samantha Bielen van de UHasselt analyseerde enkele jaren geleden meer dan 2.000 strafzaken in eerste aanleg. Daaruit bleek dat beklaagden met een islamitische naam sneller veroordeeld worden dan autochtone Belgen. De cijfers wijzen er op dat het risico op klassenjustitie ook in ons land reëel aanwezig is.”

Hoe los je dat op?

“Een te eenzijdige samenstelling van de magistratuur kan zorgen voor blinde vlekken. Rechters geloven vaak dat ze neutraal oordelen, maar hun leefwereld kleurt hun blik. Dat is natuurlijk voor iedereen zo, maar je moet er je wel meer bewust van zijn.”

‘Onze rechters en griffiers zijn veelal witte mannen. Voor het vertrouwen in justitie is dat niet goed.’

“Naast meer diversiteit is er dus permanente vorming nodig in sociale gevoeligheden. Enkel als we diversiteit en een sterk sociaal bewustzijn omarmen, kan justitie het vertrouwen terugwinnen en blijft de grondwet onze sterkste bescherming tegen willekeur en populisme.”

Reacties

We zijn benieuwd naar je mening!
Blijf hoffelijk, constructief en respectvol

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Een grondwet voor ons allemaal

Een grondwet voor ons allemaal

Verhalen van democratie en rechtstaat

Patricia Popelier

Antwerpen | Pelckmans | 2025Meer info