Gratis en anoniem vraag stellen
Bij het Transgender Infopunt kan je terecht met al je vragen over transgenderthema’s. Het expertisecentrum voor genderidentiteit- en expressie heeft een uitgebreide wetenschappelijk onderbouwde website, maar mensen kunnen ook gratis en anoniem een vraag stellen aan een medewerker.
“Iedereen met vragen is welkom”, vertelt seksuologe en sociologe Melanie Verbeke die onder meer mee de oproepen beantwoordt. “De term ‘transgender’ bekijken we zeer breed en inclusief. Daaronder begrijpen we trans mannen, trans vrouwen, non-binaire of genderfluïde personen, maar ook genderzoekende personen, personen die aan crossdressing doen en detrans personen. Die laatste zijn mensen die op één of meerdere stappen in hun transitie terugkomen.”
‘De term ‘transgender’ bekijken we zeer breed en inclusief.’
Vorig jaar beantwoordde het infopunt zo ruim 1.200 oproepen. Iets meer dan de helft was afkomstig van transgender personen, maar ook familieleden, hulpverleners en andere betrokkenen klopten aan. De oproepers hebben praktische vragen, verdiepende expertisevragen of willen discriminatie melden.
De meeste mensen hebben vragen over het thema zorg, in de eerste plaats rond het opstarten van een zorgtraject. Waar kunnen mensen terecht? Welke stappen zijn mogelijk? Wat mag men verwachten? Daarnaast zijn ook identiteit en administratieve procedures belangrijke gespreksthema’s. Soms blijft het bij één vraag, soms is het eerste contact het startpunt voor meerdere gesprekken.
Contact met hulp loopt niet van een leien dakje
De ervaringen van trans personen met zorg- en hulpverlening zijn niet steeds rooskleurig. Onderzoek vorig jaar polste naar de negatieve ervaringen van Belgische trans personen in de gezondheidszorg omwille van hun genderidentiteit. Meer dan de helft van de bevraagden gaf aan soms tot altijd misgenderd worden. Een derde krijgt soms tot altijd te maken met ongepaste nieuwsgierigheid en een kwart heeft soms tot altijd moeilijkheden met administratie.
Op basis van de signalen die zij opvangt weet Melanie dat deze bevindingen over de zorg door te trekken zijn naar het contact met het brede welzijnsveld. “Alles loopt zeker nog niet van een leien dakje. Het begint vaak met het eerste contact. Een trans vrouw vertelde me bijvoorbeeld dat die door een baliemedewerker van een welzijnsorganisatie begroet werd met: ‘Dag meneer’. Als dat het eerste contact is met de hulpverlening, is het erg moeilijk om je verder open en kwetsbaar op te stellen. ‘Ik zal nooit als vrouw gezien worden hier’, redeneerde de vrouw.”
‘Negatieve of positieve ervaringen zitten vaak in kleine dingen.’
“De begroeting was misschien niet slecht bedoeld, maar mensen beseffen niet hoe belangrijk dit kan zijn. Word je juist aangesproken, dan kan het je dag maken. Word je fout aangesproken, kan die naar de vaantjes zijn.” De oplossing is eenvoudig, stelt Melanie: “Heet mensen gewoon vriendelijk welkom, zonder ‘meneer’ of ‘mevrouw’ te gebruiken: ‘Welkom, hoe kan ik u helpen?’ Zeker wanneer je de persoon niet kent en als je twijfelt.”
Negatieve of positieve ervaringen zitten vaak in kleine dingen. “Een non-binair persoon vertelde me dat die dat zei tegen een sociale professional. ‘Geen probleem, ik ben goed met speciallekes’, reageerde de hulpverlener. De persoon voelde zich meteen in een hoek gezet.”
Ongepaste nieuwsgierigheid
Tegenover een tiental jaar geleden, ziet Melanie wel een positieve evolutie. “Toen moest ik vaak nog uitleggen wat een trans persoon is. De terminologie rond non-binairiteit is voor veel mensen nog erg nieuw. Non-binaire mensen bestonden natuurlijk altijd al, maar we hadden er de taal niet voor. Ik merk dat dit zelfs bij sociale professionals nog vaak op weerstand stuit. Erg jammer vind ik dat. Want zo moeilijk is het niet om iemands wens te respecteren om op een bepaalde manier aangesproken te worden. Het gaat eigenlijk om het erkennen van wie iemand is.”
‘Aan andere personen zou je nooit zomaar vragen wat er onder hun kleren zit.’
Ongepaste nieuwsgierigheid is iets waar veel trans personen tegenaanlopen, ook door hulpverleners. “Vaak is het helemaal niet relevant of iemand medische stappen heeft ondernomen in hun transitie. Toch vragen veel mensen botweg: ‘Ben je geopereerd?’ Of nog erger: ‘omgebouwd’. Aan andere personen zou je nooit zomaar vragen wat er onder hun kleren zit.”
“Wanneer je iemand begeleidt bij schuldhulpverlening kan het wel een relevante vraag zijn of er in de toekomst medische ingrepen ingepland staan, omdat dat financiële implicaties heeft. Maar meestal doet het er niet toe. Het is trouwens een hardnekkig misverstand dat alle trans personen medische stappen of alle mogelijke medische stappen zetten.”

“Zo moeilijk is het niet om iemands wens te respecteren om op een bepaalde manier aangesproken te worden.”
© Sociaal.Net / Lisa Develtere
Erg kwetsbare groep
Wat kunnen organisaties in zorg en welzijn doen om hun werking transsensitiever te maken? “Vorming is hier het sleutelwoord”, aldus Melanie, die de tip meegeeft dat çavaria vormingen op maat biedt voor organisaties. “Daarnaast kunnen kleine dingen, zoals in de wachtruimte bepaalde folders rond het thema leggen of stickers met de regenboogvlag, trans personen het signaal geven dat het een veilige plek is voor hen. Je kan ook je infrastructuur genderinclusief te maken door bijvoorbeeld bij de toiletten aan te duiden wat er zich achter de deur bevindt in plaats van gendergerelateerde pictogrammen te gebruiken.”
Meer aandacht voor en kennis over trans personen vanuit zorg en welzijn is nodig, vindt Melanie. “De kans dat je als sociale professional met een trans persoon in aanraking komt is reëel, ook al heb je het misschien niet door. Transgender en non-binaire personen kunnen zich op meerdere vlakken in een kwetsbare positie bevinden.”
‘Meer aandacht voor en kennis over trans personen is nodig.’
Tegenover de rest van de Belgische bevolking hebben ze een slechtere subjectieve gezondheid en een gemiddeld lager welbevinden. Ook ervaren ze een hogere economische stress. Dat bleek vorig jaar nog uit een onderzoek.
Melanie ziet daar meerdere verklaringen voor. “Trans personen gaan vaak eerst door een lang mentaal belastend proces van zelfaanvaarding wanneer ze beseffen dat het geslacht dat ze bij de geboorte kregen toegekend niet overeenkomt met hoe ze zich voelen. Er kan vervolgens heel wat tijd overheen gaan voor ze daarmee naar buiten durven komen. Ze voelen veel angst: hoe gaan mijn familie en vrienden reageren? En wat met de school of mijn werk?”
Basis van transsensitieve hulpverlening
Wat zijn de basiscompetenties die je moet bezitten als je transsensitief wil hulpverlenen? “Eigenlijk zijn die sterk gelinkt aan de basiscompetenties van een goede hulpverlener”, zegt Melanie. “Dat is iemand die zonder oordeel luistert. Die zorgt voor een warm contact.”
En erg belangrijk: “Respecteer zonder meer de genderidentiteit van de persoon. Gebruik de gewenste naam en voornaamwoorden. Spreek niet meer van de oude naam, de ‘deadname’. Als die nog op officiële documenten staat, is dat niet altijd evident en zal dat soms een extra inspanning van je vragen. Weet je niet zeker hoe je iemand moet aanspreken, vraag dan gewoon vriendelijk: ‘Hoe mag ik je aanspreken?’”
‘Transsensitief hulpverlenen is niet zo ingewikkeld.’
“Al bij al is transsensitief hulpverlenen niet zo ingewikkeld”, zegt Melanie. “Je moet daar niet speciaal voor gestudeerd hebben. Maar je merkt dat mensen wel wat verlammen. Ze zijn bang om fouten te maken en bijvoorbeeld de verkeerde voornaamwoorden te gebruiken. Maar ik zeg vaak: het is niet erg als je een keer een foutje maakt. Het is erger als je het onbespreekbaar laat. En als je toch eens een fout maakt, zeg dan sorry en dat je voortaan meer je best zal doen.”
Het is ook helemaal niet erg als je bij het eerste gesprek nog niet zo veel weet over het onderwerp, vindt Melanie. “Belangrijk is dan wel dat je jezelf tegen het volgende gesprek inwerkt, en het niet als de taak van je cliënt ziet om jou hierin bij te scholen.” Nog een tip van Melanie: zelfreflectie. “Denk op voorhand al eens na hoe je staat ten opzichte van het thema. Probeer je eigen valkuilen in beeld te hebben voor je het gesprek aangaat met een trans persoon.”
Samenwerking met CAW
Zodat personen met een hulpvraag rond transgenderthema’s ook lokaal ergens kunnen aankloppen, werkt het Transgender infopunt sinds 2019 samen met het Centrum voor Algemeen Welzijnswerk (CAW) in Oost-Vlaanderen, dat als referentie-CAW geldt voor transgenderthema’s. Melanie treedt op als brugfiguur tussen de twee organisaties.
De voorbije jaren sprak ze met trans personen over hun ervaringen bij de CAW’s en JAC’s om te weten te komen hoe het beter kan en wat goed liep. Ze ontwikkelde interne webinars, factsheets en tools voor medewerkers met een trans persoon als cliënt. En ze verzamelde per CAW één ‘aandachtspersoon’: “Dat zijn medewerkers die gemotiveerd zijn om rond transgenderthema’s te werken.” Twee keer per jaar komen ze samen en wisselen ze tips uit over hoe we onze expertise verder kunnen verspreiden.
Zo ontwierp het CAW van Brussel een ‘gender telraam’, dat nu verspreid wordt bij de andere CAW’s en JAC’s. “Dat is een tool om met je cliënt het gesprek aan te gaan over genderidentiteit. Vooral voor jonge cliënten is het handig, want bij hen merk je dat ze vaak nog niet het onderscheid maken tussen de vraag of ze op jongens of meisjes vallen, en vragen over hun genderidentiteit.”
Dat het Transgender infopunt en de CAW’s samenwerken, betekent niet automatisch dat alle CAW-hulpverleners nu onderlegd zijn in het thema. “Veel hangt nog af van de goodwill van de hulpverleners, maar ook of ze in aanraking komen met transgenderthema’s. Want het is niet omdat ik een webinar maak, dat iedereen daarnaar kijkt”, zegt Melanie. “Een van de aandachtspersonen opperde daarom om op de medewerkerstoiletten posters op te hangen met ‘tien tips voor werken met een trans persoon als cliënt’. Daar kun je niet omheen.”

“Het gender telraam is een tool om met je cliënt het gesprek aan te gaan over genderidentiteit.”
© Sociaal.Net / Lisa Develtere
Belang van de context
Wat soms over het hoofd wordt gezien, is de directe sociale omgeving rond trans personen. “Iemand gaat nooit alleen in transitie”, zegt Melanie, die vaak met ouders en partners van trans personen praat.
Voor partners kan de transitie een heftige periode zijn, weet Melanie. “Vaak draait heel het leven ineens rond de transitie. Trans personen komen soms in een tweede puberteit. Dat heeft impact op een relatie.”
Het is heel belangrijk dat de omgeving ook gehoord en gesteund wordt, vindt ze. “Zodat zij op hun beurt de kracht hebben om de trans persoon te steunen. Ze hebben hun context nodig voor zo’n zwaar proces.”
Het Transgender Infopunt organiseert daarom gespreksavonden in samenwerking met CAW en één-op-één contact voor ouders en partners van transpersonen samen met Trefpunt Zelfhulp, in de werkingen TransParent en TransPartnerProject.
‘Het is belangrijk dat de omgeving ook gehoord en gesteund wordt.’
De steun van ouders is cruciaal. “Uit onderzoek weten we dat ouderlijke steun, en dan vooral van de moeder, de belangrijkste beschermende factor tegen suïcide bij trans personen is. Ouders die ons contacteren, hebben meestal vooral praktische vragen en schuiven hun emoties aan de kant. Maar ik maak er een punt van om altijd te vragen hoe het met hen gaat. Meestal volgt dan nog een lang gesprek.”
Ouders maken zich vaak zorgen, ook gezien het politieke klimaat. “Dat zijn gevoelens die erbij horen. Ik geef ouders die ik spreek vooral erkenning: je bent geen slechte ouder omdat je ongerust bent en vragen stelt”, vertelt Melanie.
Anti-genderbeweging
Dat politieke klimaat heeft volgens Melanie een directe impact op trans personen. Zeven op tien personen hebben het gevoel dat de vooroordelen en intolerantie de afgelopen twee jaar toegenomen zijn. Melanie: “In België staan we op vlak van maatschappelijke acceptatie verder dan andere landen, maar het is zeker nog niet wat het zou moeten zijn en discriminatie is nog steeds een feit.”
“De laatste tijd waait er weer een conservatieve wind en heersen er zelfs anti-gendernarratieven. Ik denk dat dat voor een stuk ook de hoge risico’s van angst, depressie en suïcide verklaart, ondanks de toenemende bespreekbaarheid en rechten voor trans personen op papier.”
‘Er heerst vandaag een politiek klimaat waarbij de rechten van trans personen onder druk komen te staan.’
“Er heerst vandaag een politiek klimaat waarbij de rechten van trans personen onder druk komen te staan. Op sociale media, maar evengoed in interviews met en speeches van publieke figuren als Donald Trump of bepaalde Belgische politici, passeren erg gemakkelijk grove uitspraken.”
“Mensen vertellen me bijvoorbeeld dat ze bang zijn om op reis een tussenstop te maken in de VS. Of ze vragen of hun transitie in hun medisch dossier verborgen kan worden, uit angst dat de rechten hier teruggedraaid zullen worden. Maar het gaat evengoed om jongeren die genderzoekend zijn en die aangeven dat ze wakker liggen van negatieve berichtgeving of commentaren op sociale media.”
Lange wachtlijsten
Naast de bezorgdheid over de maatschappelijk aanvaarding, weegt bij trans personen die genderbevestigende zorg willen de lange duur van zo’n traject: “Daar komt niet alleen veel bij kijken, het houdt vaak ook veel wachten in. Vooral bij de multidisciplinaire genderteams zijn de wachtlijsten erg lang: in Gent is het bijvoorbeeld drie jaar wachten. Je kan er ook voor kiezen om elders een traject samen te stellen. Dat verloopt vaak sneller, maar dan is er meestal geen terugbetaling van de psychologische consultaties.”
‘Terwijl iemand op de wachtlijst van een genderteam staat, kunnen er wel al dingen gebeuren.’
Terwijl iemand op de wachtlijst van een genderteam staat, kunnen er wel al dingen gebeuren. “Mensen weten dat niet altijd en panikeren dan soms. Nochtans zijn er al dingen mogelijk zoals een coming out doen bij wie je je goed voelt of al wat experimenteren met bepaalde kleding, parfum of een ander kapsel.”
Voor hulpverleners ontwikkelde Melanie een factsheet met wat allemaal mogelijk is. Zo kan je samen met je cliënt een genderpasje aanvragen bij het Transgender Infopunt. “Dit pasje kunnen ze dan bijvoorbeeld tonen op de trein wanneer ze niet meer lijken op de foto op hun identiteitskaart. Dan hoef je dat niet voor de hele wagon uit te leggen. Het lijkt een klein detail, maar maakt een groot verschil.”
Gebrek aan nazorg
Een heikel punt in de zorg voor trans personen vandaag is volgens Melanie het gebrek aan nazorg. “Trans personen worden goed begeleid in een zorgtraject, maar als alles voorbij is, vallen mensen vaak in een zwart gat. Eindelijk begint het leven in de gewenste genderexpressie, maar nog steeds lopen ze tegen veel zaken aan terwijl de begeleiding afgelopen is. De brede welzijnssector zou hier wel veel kunnen betekenen.”
Waar botsen mensen dan zoal tegenaan? “Het gaat over veel verschillende zaken. Mensen moeten leren omgaan met hun nieuwe lichaam, dat misschien niet 100 procent overeenstemt met wat ze verwacht hadden. En sommige trans personen worstelen met een onvervulde kinderwens.”
Trans personen worden bovendien geconfronteerd met discriminatie. “Daardoor twijfelen ze over of, wanneer en hoe ze vertellen aan mensen dat ze trans zijn, bijvoorbeeld tijdens daten of op een nieuwe job. Tijdens al die worstelingen worden ze vandaag wat alleen gelaten.”

Reacties