Achtergrond

Zorgverleners kijken alsmaar negatiever naar ouderen: ‘Ageism is sluipend gif’

Christel Geerts, Charlotte Brys

Ageism zit diepgeworteld in onze samenleving: we kijken op een stereotype en negatieve manier naar ouderen. Ook medewerkers in de gezondheidszorg blijken zich steeds meer aan ageism te bezondigen. Gerontologen gingen na hoe dit in de gezondheidszorg tot uiting komt.

© Pexels / Tristan Le

Negatieve associatie

Vraag aan mensen welke begrippen ze associëren met ouderen of ouder worden en je zal niet veel positieve reacties krijgen. Tijdens een interactieve sessie over ouderenzorg met medewerkers uit de gezondheidszorg namen we de proef op de som. We vroegen de deelnemers welke kenmerken ze met ouder worden associëren.

Van de 77 personen die antwoordden, verwezen 60 mensen naar duidelijk negatieve begrippen, zoals zorgafhankelijkheid, fragiliteit en multipathologie. Slechts 17 mensen schoven expliciet positieve kenmerken naar voor, zoals wijsheid, dankbaarheid en ervaring.

‘Veroudering wordt in onze cultuur nog altijd geassocieerd met verlies, achteruitgang en eindigheid.’

In ander recent onderzoek stelden we vast dat 10 tot 15 procent van de oudere volwassenen zich niet meer gewaardeerd voelt in deze samenleving. Dit aantal nam toe tijdens de coronacrisis.Geerts, C. en Brys, C. (2021) ‘Bevolkingsonderzoek Bredene en onderzoek van leden seniorenvereniging’, interne nota.

Oubollig

Deze negatieve en stereotype kijk op ouderen wordt ‘ageism’ genoemd. Vaak verwijst ageism ook naar discriminatie op basis van leeftijd. Het is een fenomeen dat gericht is op hoe we denken over ouderen, bijvoorbeeld in termen van ‘grijs’ of ‘oubollig’.

Veroudering wordt in onze cultuur nog altijd geassocieerd met verlies, achteruitgang en eindigheid. Deze associaties met ouder worden zitten diep ingebakken in onze samenleving, ook bij ouderen zelf. Dat beïnvloedt ook hoe ouderen naar zichzelf kijken. Zo werkt deze negatieve maatschappelijke beeldvorming als een self-fulfilling prophecy. Sommige ouderen proberen daaraan te ontsnappen door zich te distantiëren van hun leeftijdsgroep.

Ageism kan enorme gevolgen hebben voor het welzijn van ouderen. Deze negatieve impact wordt vaak onderschat. Heel wat redenen dus om ons te buigen over ageism en te kijken hoe het zich manifesteert binnen de gezondheidszorg.

Gezondheidszorg is niet waardenvrij

Gezondheidszorg is een onderdeel van onze samenleving en dus net als die samenleving niet waardenvrij. Als ageism in de samenleving zit, dan ook in de gezondheidszorg.

‘Groeiend ageism bij zorgverleners kan te wijten zijn aan tijdsdruk.’

Toch is hier meer aan de hand. Het ageism onder medewerkers in de gezondheidszorg neemt namelijk toe. Dat blijkt uit meerdere onderzoeken. Zo tonen bijvoorbeeld twee recente studies aan dat de houding van verpleegkundigen en verpleegkundigen in opleiding tegenover ouderen de afgelopen tien jaar negatiever is geworden.

Het groeiend ageism bij zorgverleners kan volgens deze onderzoekers te wijten zijn aan de toenemende tijdsdruk in de gezondheidszorg. Tijdsdruk werd eerder in verband gebracht met een grotere kans op stereotypering van patiënten.

Uit onze eigen bevraging onder zorgmedewerkers, blijkt dat zij niet zo verbaasd zijn hierover. Op de vraag of er sprake is van ageism binnen de gezondheidszorg antwoordden 60 personen ‘ja’, terwijl slechts 4 personen aangaven geen idee te hebben. Niemand antwoordde ‘neen’ en 50 personen reageerden niet.

Waarover gaat het?

Hoe manifesteert ageism zich in de gezondheidszorg? Uit internationaal onderzoek noteerden we drie manieren waarop ageism opduikt. Het gaat om een ontoereikende communicatie, te veel focussen op achteruitgang en een gebrek aan een activerende houding.

Deze drie elementen kwamen ook bovendrijven in onze eigen bevraging. Bovendien stelden we ook vast dat men zorg voor oudere patiënten als niet prestigieus ervaart. Sommigen deelnemers wezen ook op de leeftijdsdiscriminatie bij de aanwerving van personeel.

Ontoereikend communiceren met ouderen

Zorgverleners laten steken vallen bij de communicatie met ouderen. Zo zijn er zorgverleners die systematisch verkleinwoorden gebruiken of zeer betuttelend zijn.

‘Zorgverleners laten steken vallen bij de communicatie met ouderen.’

Wanneer ze informatie nodig hebben over de patiënt, vragen zorgverleners die eerder aan de familieleden dan rechtstreeks aan de patiënt zelf. Daarnaast heeft men de neiging om informatie voor de patiënt achter te houden.

Een ander voorbeeld van ontoereikende communicatie is hoe bedlegerige personen routineus benaderd worden, zonder rekening te houden met hun individuele behoeften. Ook zullen verpleegkundigen minder snel humor gebruiken bij oudere patiënten. De namen van oudere patiënten onthouden ze minder snel in vergelijking met die van jongere patiënten.

Focus op achteruitgang

Zorgverleners focussen te veel op achteruitgang. De meeste artsen en verpleegkundigen zijn van mening dat het mentale vermogen, de leervaardigheden en het geheugen afneemt bij oudere volwassenen. De negatieve houding weerspiegelt een lage verwachting voor revalidatie en een meer afstandelijke behandeling.

‘Leeftijdsdiscriminatie leidt tot onderbehandeling. Klachten worden soms onterecht toegeschreven aan iemands leeftijd.’

Zorgmedewerkers komen bijna uitsluitend in contact met ouderen met gezondheidsproblemen. Dit kan onterecht het beeld scheppen dat alle ouderen kwetsbaar zijn en hulp nodig hebben.

Leeftijdsdiscriminatie leidt tot onderbehandeling. Klachten worden soms onterecht toegeschreven aan iemands leeftijd. Ook onze deelnemers gaven als voorbeeld: behandel ouderen niet meer omdat ze toch al een bepaalde leeftijd hebben.

Gebrek aan holistische en activerende visie

De gezondheidszorg is te weinig doordrongen van een holistische en activerende houding ten aanzien van ouderen. Vaak is er een gebrek aan zorg op maat.

‘Vaak is er een gebrek aan zorg op maat.’

De deelnemers in ons onderzoek gaven enkele sprekende voorbeelden. Zo worden ouderen in een ziekenhuisafdeling bijna altijd vervoerd in bed, ook al zijn ze vaak nog mobiel. Boterhammen worden in een woonzorgcentrum vaak gesmeerd voor de bewoners, terwijl ze dit zelf kunnen. Iemand vertelde dat zaken uit handen genomen worden, in plaats van dat de patiënt gestimuleerd wordt om dingen zelf te doen, want dat gaat sneller.

Nogal wat van de deelnemers gaven voorbeelden die volgens hen kenschetsend zijn voor ageism: verplichte middagrust voor alle bewoners, plaspauze op vaste tijden en om 18.00 uur gaan slapen.

Uit het leven gegrepen

We herkennen bepaalde zaken vanuit onze eigen praktijk als ouderenpsycholoog. We geven hierbij een aantal voorbeelden van onze cliënten die tot nadenken stemmen.

‘Plots lijkt het alsof ze helemaal niets meer kunnen.’

Een zeventigjarige cliënt vertelt over een opname op de afdeling geriatrie na een aanmelding op spoed met een vermoedelijke astma-aanval. Recent startte de cliënt met nieuwe medicatie, dus mogelijk spelen nevenwerkingen van deze medicatie mee. De cliënt wil dit vertellen aan de dokter, maar wordt niet gehoord. De cliënt moet heel wat lichamelijke onderzoeken ondergaan, maar wordt niet bevraagd.

Een tachtigjarige vrouw vindt dat ze te veel ‘gepamperd’ wordt. Zorgmedewerkers nemen haar te veel uit handen. Ze spreken haar toe alsof ze een kind is.

Een koppel tachtigers verhuisde van een serviceflat naar een woonzorgcentrum na een valincident van de vrouw. Hun grootste pijnpunt na de verhuis is verveling. Plots lijkt het alsof ze helemaal niets meer kunnen. Alles wordt voor hen gedaan: van hen wassen, eten maken tot de kamer onderhouden.

Wat doen tegen ageism?

Ageism is een sluipend gif. Wat kunnen we eraan doen? Werken tegen ageism in de gezondheidszorg is in de eerste instantie werken tegen ageism in de samenleving.

‘We moeten af van het idee dat werken met ouderen ‘tweederangs’ is.’

In de zorgopleidingen moet meer ingezet worden op ouderen. We moeten ook af van het idee dat werken met ouderen ‘tweederangs’ is. Vooralsnog krijgen studenten relatief weinig informatie over ouderen en ouder worden. Ze moeten ouderen in beeld krijgen als een zeer diverse groep. Elke oudere heeft een eigen verhaal. Dé oudere bestaat niet.

Deze algemene kennis over de doelgroep moet het ook mogelijk maken om een meer waarderende houding aan te nemen tegenover het ouder worden. De toekomstige professionals moeten eigen gedrag en gevoelens, zoals angst voor aftakeling en verlies van autonomie, bespreekbaar maken.

Eerst de mens zien

Zorgverleners moeten eerst de mens zien en ouder worden niet herleiden tot een probleem of ziekte. De oudere persoon moet centraal staan, met zijn dromen, wensen en mogelijkheden.

Kwaliteitsvolle contacten kunnen een sterke buffer opwerpen tegen ageism. Uiteraard is communicatie daarbij cruciaal. Praat met ouderen en niet over ouderen. Toon interesse, maak echt contact, sta op ooghoogte van de persoon en praat motiverend. Het is belangrijk voor alle professionals om deze skills en attitudes goed te beheersen.

Steeds vaker maken ouderen zelf een vuist. Uit dit toenemend ouderenactivisme putten we hoop. Vanuit hun ervaring, en met de kracht van hun getal, hopen we dat ze meer inspraak zullen afdwingen. In de ganse samenleving en in de gezondheidszorg.

Reacties [12]

  • Rudi Scheers

    Zeer goed artikel en sluit volledig aan wat ik als 70 jarige zelf ondervind. Je moet als oudere steeds de muur doorbreken van je grens oudere zijn. Vermoeiend zeker als je niet gelaten bent, maar het vergt langs de andere kant veel van je vermogen, waar je veel leukere dingen mee kan doen. Onverschilligheid neemt ook toe. En laat ons stoppen met het dogma dat je je niet mag binden aan een persoon (is ook vergif in de gehandicapte sector)

  • Katty Vandewalle

    Bij ouderen werken heeft je als zorgmedewerkers veel voldoening, en ze zijn zo ervaring rijker dan jezelf. We moeten het positieve in de mensen naar boven halen…

  • Julien Van Geertsom

    Ageisme is een schending van de rechten van ouderen. Daarom zou een ouderenrechtencommissaris een goed instrument zijn om deze rechten, hoe verscheiden ook, echt te vrijwaren

  • Steven van Mechelen

    Ik denk dat we allemaal (ook de beleidsmakers) eens goed moeten nadenken over het feit dat wij allemaal oud worden en dat wij allemaal zorgbehoevend kunnen worden. Daarom moeten we vandaag werken aan een degelijke zorg en omkadering zodat wij later zelf daar ook van kunnen genieten.

  • Elien Saey-Van Peteghem

    Tijd voor meer interdisciplinaire samenwerking in de zorg: kinesitherapeuten, logopedisten en ergotherapeuten kunnen helpen om dat holistisch beeld ten alle tijden te bewaken en het zorgteam ondersteunen om te vertrekken vanuit ouderen hun wensen en dromen. Alles valt een staat met een goede communicatie en een goede teamdynamiek.

    • Hadewych Schepens

      Helemaal akkoord. Ook samenwerken met de gehandicaptenzorg uit de buurt: daar werken goed opgeleide opvoeders, orthopedagogen, … die getraind zijn in een brede visie op kwaliteit van leven, in het goed omgaan met ‘moeilijk hanteerbaar gedrag’, en in het activeren en empoweren van mensen. En er leven ook steeds meer oudere mensen.

    • Lieve Vos

      Heel dringend communicatie in elke opleiding en op elk niveau als hoofdzaak op het programma zetten en leren luisteren in de grootste letters.

  • Greta

    Goed geformuleerd!
    Ook de zorgzame medewerker in de zorg wordt gedwongen zich in onmogelijke bochten te wringen om een beetje aangepaste zorg te leveren. Vele goedbedoelde richtlijnen/maatregelen en de privatisering (lees winstmaken voor de aandeelhouder) zorgen voor eenheidsworst, enkel efficientie voor verzorgenden telt, zodat ze zoveel mogelijk in zo kort mogelijke tijd kunnen doen. Terwijl ouderen verdienen persoonlijk en als individu behandeld te worden. Grote groepen ouderen in wzc’s, wisselende afdelingen en diensten (anders worden ze te vertrouwd?).
    Waarom zijn er geen huiselijke wzc’s te vinden, behalve voor dementie… Te duur voor onze samenleving? Of denken we er telaat over na, wanneer we zelf al tot de verstotenen behoren?
    Dank je wel om veel te publiceren, een mentaliteitsverandering komt niet vanzelf en niet overnacht.

  • Koen Van Antwerpen

    Ieder persoon is even,waardig. Laat ons daar vanuit gaan. Veroudering kan je niet in hokjes gieten, vanaf 80 j dit, 85 dan dat. Ouderdom verbinden met ‘zorgafhankelijkheid, fragiliteit en multipathologie’ lijkt mi. de realiteit. Menswaardigheid is een eerste vereiste, zowel in zorg, benadering en ook het omgaan met het naderende levenseinde. Zorg en respect, geen ‘behandeling omdat de wetenschap het kan’.

  • Geert Messiaen

    Boek 2021 ” Oud, niet out, maar goud”
    Charlotte Brys, Geert Messiaen
    Gompel § Svacina
    Een waardige plaats voor ouderen in de maatschappij

  • Gt

    Is het niet eerder een algemeen probleem van een gezondheidszorg die eigenlijk puur ziektezorg is. De focus ligt op ‘ tekorten’ en op beroepen die hun betekenis vinden in deze te detecteren en te behandelen. Echte gezondheid zou ( ook en vooral) focussen op kwaliteiten van mensen en op de betekenis die allerlei ( al dan niet verminderende) vaardigheden en lichamelijke functionaliteiten voor henzelf hebben…

    • Jan Steyaert

      Misschien tijd om in Sociaal.Net aandacht te besteden aan het begrip “positieve gezondheid” van Machteld Huber.

We zijn benieuwd naar je mening!
Blijf hoffelijk, constructief en respectvol

 

Elke reactie wordt gemodereerd. Lees hier onze spelregels. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.