Op weg naar een Vlaams mantelzorgplan

Een moedig, nuttig en ambitieus initiatief

Vlaams welzijnsminister Jo Vandeurzen maakt het ontwerp van zijn langverwachte beleidsplan mantelzorg bekend. Is dat een goed of slecht plan?

mantelzorgLangverwacht

Dit ontwerp was langverwacht. Het Vlaams parlement zat op hete kolen en vroeg er al een paar keer naar. Ook de Studiedienst van de Vlaamse Regering (SVR) en de afdeling beleidsinformatie van het departement WVG kwamen recent met boeiende cijfers naar buiten over mantelzorg in Vlaanderen. Velen hadden gehoopt dat het op de dag van de mantelzorg, 23 juni, zou gelanceerd worden.

Het lange wachten leidde tot hooggespannen verwachtingen. Afgelopen vrijdag was het persbericht nog maar drie minuten oud, of De Morgen kopte al dat het een ‘vaag mantelzorgplan’ was. Snelle meningsvorming over een document van bijna 100 pagina’s. Met een vergrootglas (tegenwoordig ctrl-f in Word) was gezocht naar het woord ‘euro’ en dat werd niet gevonden. Het staat er wel degelijk in, maar inderdaad niet in de betekenis van extra budgetten die nu vrijgemaakt worden voor specifieke acties.

“Het lange wachten leidde tot hooggespannen verwachtingen.”

Maar is het daarom meteen een slecht plan? Toch maar eens tijd nemen om iets trager door de tekst te lezen om een wat genuanceerdere mening te vormen.

Moedig

Het is goed om vooraf een bekentenis te doen. We vinden mantelzorg een fantastisch gegeven. Quasi iedereen komt er ergens in de levensloop mee in aanraking en koppelt er ook vaak positieve ervaringen aan. Waar het concept mantelzorg lange tijd alleen gekend was in de zorgsector, is het geëvolueerd naar een alom bekende term waar iedereen een mening over heeft. Het is zo’n normale term geworden dat het lijkt alsof die altijd bestaan heeft. Terwijl die pas in 1972 door de Nederlandse arts Hattinga-Verschure gemunt werd en via sociale wetenschappen gedemocratiseerd werd.Er wordt wel eens smalend gezegd dat sociale en gedragswetenschappers ontdekken wat iedereen al weet. Het tegendeel is waar. Begrippen zoals mantelzorg, sociaal kapitaal en politieke participatie illustreren dat resultaten van hun onderzoek succesvol teruggeven worden aan de samenleving die ze vervolgens internaliseert.

Maar dat terzijde, terug naar het ontwerp Vlaams mantelzorgplan. Dat is een moedig, nuttig en tegelijk ambitieus initiatief. Moedig omdat sinds 1972 elke beleidsnota, lezing of visietekst over de sociale sector verwijst naar het belang van mantelzorg. In de slipstream van vermaatschappelijking werd het een toverwoord dat bijna evenveel betekenissen verzamelde als de auteurs en sprekers die de term gebruikten.

“Knap dat hier niet met de botte bijl gewerkt wordt.”

Wie dan met een beleidsplan uitpakt, kan zich verwachten aan een karrevracht reacties. Bovendien viel te voorspellen dat nieuwe ideeën niet 1-2-3 zouden leiden tot nieuwe budgetten. Het is al knap dat er in deze sector niet met de botte bijl gewerkt wordt, zoals bij onze noorderburen.

Nuttig

Het ontwerp Vlaams mantelzorgplan is ook een nuttig initiatief omdat het orde en overzichtelijkheid schept in die veelheid van betekenissen en standpunten. Dat gebeurt door na de inleiding en situering van het plan de aandacht te richten op verschillende relevante domeinen.

Dit plan vertrekt vanuit de waardering van mantelzorgers. Zo worden verenigingen voor mantelzorgers stevig erkend. Mantelzorg kan ook rekenen op financiële ondersteuning via onder andere de Vlaamse zorgverzekering (straks de Vlaamse Sociale Bescherming) en de gemeentelijke mantelzorgpremies.

Er gaat ook aandacht naar de ondersteuning van mantelzorgers door goede informatie, lotgenotencontact, psycho-educatie en respijtzorg.

Geen concurrenten

Het mantelzorgplan zoomt in op de samenwerking tussen informele en professionele zorg. Het zijn geen concurrenten van elkaar, maar partners met elk een eigen perspectief. Professionals worden uitgedaagd om in hun zorg expliciet rekening te houden met mantelzorgers en hen te ondersteunen.

Triadisch werken en contextuele hulpverlening zijn hier de boodschap. Hun cliënt is niet langer de zorgbehoevende burger, maar ook zijn informele netwerk en de mantelzorg die daaruit ontstaat of kan ontstaan.

Gelukkig wordt hier ook uitdrukkelijk een taak geformuleerd voor de opleidingen van die professionals, die nu wel mantelzorg benoemen als sociologisch concept, maar zoekende zijn naar de rol van de professional in het ondersteunen en vergroten van de mantelzorg. Mantelzorg omarmen als partner in de zorg is niet evident.

“Informele en professionele zorg zijn partners.”

Tenslotte gaat het mantelzorgplan in op de positie van jonge mantelzorgers, kinderen en jongvolwassenen die zorg moeten dragen voor een broer, zus of ouder. Hun opgroeien en onderwijscarrière kunnen er stevig door gekleurd worden.

Ambitieus

Het mantelzorgplan is ambitieus omdat doorheen de tekst 110 acties worden voorgesteld. Sommige zijn erg concreet, andere hebben nog veel denkwerk nodig. Sommige zullen budgettaire implicaties hebben, andere nauwelijks of geen. Wel is duidelijk dat hier een lijst ontstaat die niet onmiddellijk gerealiseerd kan worden. Nadere concretisering en het benoemen van prioriteiten zullen noodzakelijk zijn.

Positief is de globale aanpak via de afstemming met andere beleidsdomeinen en –niveaus. Het lokale niveau krijgt hier een duidelijke rol toegewezen. Eveneens toe te juichen: het feit dat de acties gebaseerd zijn op solide en grootschalig onderzoek bij geregistreerde mantelzorgers, en de multi-componenten aanpak om te komen tot ondersteuning op maat.

Doorheen de tekst wordt ook duidelijk dat Vlaams welzijnsminister Vandeurzen en zijn medewerkers zich lieten inspireren door Sociaal.Net. De talrijk gepubliceerde bijdragen over mantelzorg en vermaatschappelijking kennen duidelijk hun neerslag in dit mantelzorgplan.

Keurslijf

Tenslotte toch nog even terugkomen op de rol van onderzoek. Dat was en is belangrijk om mantelzorg op de kaart te zetten, maar komt ook met een nadeel. Het klassieke instrumentarium van de sociale en gedragswetenschappen is erg individueel van aard. Een methodologisch keurslijf verengt mantelzorg tot dé mantelzorger, tot die ene respondent die de enquête toegezonden krijgt en invult. Makkelijk want die mantelzorger krijgt dan een leeftijd, een geslacht… En dat kan snel in tabellen verwerkt worden.

“Mantelzorg is geen individuele bezigheid.”

Op die manier krijgt mantelzorg het imago een erg individuele bezigheid te zijn. Als je voor een feitelijke situatie van mantelzorg komt te staan, zie je zo al snel op tegen de berg van taken en verantwoordelijkheden die op je schouders komen te liggen.

Gedeelde zorg

Dat beeld klopt niet. Idealiter is mantelzorg geen individuele bezigheid. Hoewel partners, kinderen of ouders vaak de centrale spil blijven van de zorg, kunnen anderen een belangrijke aanvullende en ondersteunende rol spelen. Mantelzorg wordt gedragen door het sociaal netwerk rondom een zorgbehoevende persoon.

Daarom, hulpverleners: ga uit van gedeelde zorg, zoek en ondersteun het mantelzorgnetwerk. Collega-onderzoekers: kom los van op individuen gerichte vragenlijsten. Ga op zoek naar het sociale draagvlak van mantelzorg, de netwerken van familie en vrienden eromheen en naar methodieken om deze verder te ontwikkelen. Richt onderzoek niet op de individuele mantelzorger, maar op het mantelzorgnetwerk, het verbinden van mantelzorgers en het ontwikkelen van methodieken om te werken aan gedeelde zorg.

Wachten op advies

Het ontwerp Vlaams mantelzorgplan is na de bespreking in de Vlaamse regering vorige week overgemaakt aan de Strategische Adviesraad, de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen, de Vlaamse onderwijsraad en Ambrassade. Het is nu wachten op hun advies.

De tekst is ondertussen digitaal beschikbaar via www.jovandeurzen.be. Dus waarom wachten op die adviezen? Lees de tekst en formuleer suggesties over waar de volgende jaren werk van gemaakt moet worden, wetende dat niet alles kan en zeker niet alles tegelijk!

Thema's

armoede, diversiteit, ethiek, gebruiker, geestelijke gezondheid, gezin, gezondheid, handicap, jong, justitie, management, methodiek, onderzoek, opleiding, organisatie van zorg, ouderen, overheid, preventie, sociale professional, vermaatschappelijking, werken, wonen